De Griekse aardbei bloed

In de Griekse landbouw werken steeds meer illegale migranten Dat lijkt geen probleem, want niemand vraagt naar hun papieren Totdat de boer niet meer uitbetaalt

Correspondent Zuidoost- Europa

Tussen de eindeloze rijen plastic kassen rondom het Griekse dorp Manolada wonen duizenden Bengalen. Overdag plukken de mannen aardbeien voor de export, voorovergebukt, zeven uur lang. ’s Avonds hangen de jongemannen wat rond op het dorpsplein of in het parkje. Grieken rijden langs in pick-up trucks. De twee groepen laten elkaar met rust.

Vrijwel niemand heeft een verblijfsvergunning. Maar dat geeft niet. „Niemand kijkt naar je papieren, niemand vraagt ernaar”, zegt Mia Sajem uit Bangladesh, die hier al drie jaar in de landbouw werkt.

De Bengalen slapen in tenten van donker zeil en karton, op houten pallets met een doek erover. ’s Zomers is dat te warm. Dan slapen we liever buiten, onder een boom, vertelt Sajem. Zich wassen doen ze onder een tuinslang.

Her en der hangt kleding aan stokken. Maar de kampementen bij dit dorp op de Peloponnesos, iets ten zuidwesten van Patras, zijn vanaf de doorgaande weg niet zichtbaar. Iedere Griek weet dat oogsten in de landbouw vooral door illegale migranten worden binnengehaald, maar voor autoriteiten bestonden ze niet.

Tot 17 april. Toen dreigden ongeveer tweehonderd Bengalen die voor aardbeienproducent Nikos Vaggelatos plukten, het werk neer te leggen omdat ze al zes maanden niet waren betaald. Vaggelatos huurde een andere groep illegalen als stakingsbrekers en liet zijn opzichters met jachtgeweren op de boze Bengalen schieten. Er vielen 33 gewonden.

Nog zes maanden loon tegoed

Sajem was erbij. Hij vertelt over de dreigementen van de gewapende opzichters: „Als je niet aan het werk gaat, ga je dood.” Hij heeft nog steeds zes maanden loon tegoed. „Maar als ik naar de politie ga kan ik niets bewijzen, want ik heb geen papieren.”

De schietpartij veroorzaakte een golf van verontwaardiging. Op sociale media wordt opgeroepen de ‘bloedaardbeien’ uit Manolada te boycotten. Supermarkten trokken hun orders bij boeren uit de regio in. Op de markten in Athene staat de naam Manolada plots nergens meer. Het is anti-reclame geworden.

Vaggelatos en zijn opzichters zijn gearresteerd. Boeren uit de omgeving distantiëren zich zoveel mogelijk van hem. Dat gaat moeilijk, doordat ze vrijwel zonder uitzondering ook werken met illegalen. Verschil is dat de meeste anderen wel op tijd betalen. Contant, eens per week.

De Griekse landbouw draait op immigranten. In de jaren negentig, na de val van de Muur, kwamen die vooral uit omliggende voormalige communistische landen: Albanië, Bulgarije en Roemenië. De afgelopen tien jaar is de toestroom uit Noord-Afrika, Azië en het Midden Oosten verveelvoudigd. Die zijn goedkoper dan de Europeanen.

Door de crisis zijn de daglonen dit jaar drie euro lager dan vorig jaar, zo’n 22 euro. „Bengalen werken ook nog voor vijftien euro per dag”, zegt Valentinos, een vaste seizoensarbeider uit Bulgarije. „Dat is voor ons niet genoeg, maar in Bangladesh kun je er een maand van leven.” Hij huurt met zijn vrouw een huisje in het dorp, ook zij oogst aardbeien. Hun drie kinderen zijn in Bulgarije.

„Het is ingewikkeld”, zegt zijn werkgever, aardbeienproducent Yiannis Arvanitakis in zijn kantoor in een loods met de koelcellen. Kisten vol aardbeien worden vrachtwagens ingereden, de meeste gaan naar Rusland. „Er is een ongecontroleerde instroom van migranten die proberen te overleven. Wij boeren willen graag dat de regering onze werknemers tijdelijke verblijfsvergunningen geeft, maar dat gebeurt niet. En er zijn heel weinig legale migranten.”

Grieken vinden het werk te zwaar

Via het ministerie van Sociale Zaken proberen de boeren volgens Arvanitakis werkloze Grieken te vinden voor het werk. Hoewel de jeugdwerkloosheid inmiddels op 60 procent ligt, lukt dat volgens Arvanitakis niet. Als er al iemand komt, haken ze na een paar dagen af. Ze vinden het werk te zwaar. „Zelfs als ik hen meer betaal”, benadrukt hij.

Ook Arvanitakis werkt met Bengalen zonder papieren, hoewel de meeste van zijn werknemers uit EU-landen Roemenië en Bulgarije komen. De Bengalen geven er zelf de voorkeur aan in tentenkampen te wonen, vertelt hij, omdat ze zo veel mogelijk geld naar huis willen sturen en daarom geen huur betalen. Bovendien kunnen de Bengalen zo hun eigen groenten kweken en kippen houden.

De Bengalen zijn populair bij boeren omdat ze ‘goed’ zijn, zegt Arvanitakis. „Ze zijn gehoorzaam, maken geen problemen, drinken en stelen niet. Ze zijn klein en dun en gewend aan een heet klimaat, waardoor ze goed in de kassen kunnen werken.”

De Bengalen die voor Vaggelatos werkten, hebben hun achterstallige loon nog altijd niet gehad. Ze wonen tussen de kassen, waar het onkruid het langzaam wint van de aardbeienplanten. De meesten van hen spreken geen Grieks. Zwijgend luisteren ze hoe hun woordvoerder, Han Liton, zijn verhaal doet. Sommigen laten kleine ronde littekens zien van de kogeltjes.

Liton werkte een jaar geleden in Athene bij een benzinepomp en raakte daar aan de praat met Vaggelatos, die hem vroeg zo veel mogelijk landgenoten mee te brengen om voor hem te werken. Ze zouden het standaardloon in de regio van 22 euro per dag krijgen. Maar iedere maand had de boer wel een excuus om nog niet te betalen, vertelt hij. ‘Ik moet bestrijdingsmiddelen kopen.’ ‘Volgende maand komt het echt.’

Waarom ze bleven doorwerken? „Wat moeten we dan? We hebben niet eens geld om hier weg te komen of naar huis te bellen. En we zijn bang dat de politie om onze papieren komt vragen.” Achterin de tent waarin 23 mannen slapen, staat een grote pan rijst, hun voornaamste voedsel. Liton laat ook trots vijf kippen zien. Die gaan er binnenkort aan.

Politie jaagt actief op illegalen

Teruggaan naar Athene is voor de meeste mannen geen optie. Ze dromen van Italië of Duitsland, hoewel ze niet weten waar dat ligt. In Athene zijn veel van hun vrienden opgepakt en opgesloten in detentiecentra. Sinds vorige zomer jaagt de politie actief op illegale migranten.

In de grote steden zijn de spanningen groter. De anti-migranten-partij Gouden Dageraad scoort daar goed. In de regio waarin Manolada ligt, stemde bij de laatste verkiezingen ruim zeven procent op de Gouden Dageraad, dat is gemiddeld.

Sajem werkt nu, sinds hij een asielaanvraag heeft ingediend, voor een betere boer die wekelijks betaalt. Boeren die niet betalen zijn er genoeg, vertelt hij. Maar openlijk racisme en geweld, nee. Hij kent de verhalen uit Athene over problemen met de politie en racistisch geweld. Hier zijn er minder problemen. „Ik kan voor het politiebureau gaan staan, maar ze wuiven me vriendelijk weg. Hier vraagt niemand naar papieren.”