Zomerseizoen zonder de paradepaardjes

De paradepaardjes van de Publieke Omroep gaan weer op stal nu de zomerstop begint. Niet iedereen is even blij met dit televisieseizoen.

Tv-presentator Jeroen Pauw peinst over de zomerstop. Foto Hollandse Hoogte

Hé, waar zijn Pauw en Witteman ineens gebleven? Zaten gisteravond die mannen van de EO er ineens. Zijn Pauw en Witteman soms ziek? Zomerstop, mevrouw. Ook veel andere programma’s zijn al aan hun zomerslaap begonnen. En vrijdagavond pakt ook Matthijs van Nieuwkerk zijn koffers.

Vanaf half mei tot begin september – ruim drie vier maanden lang – houdt de publieke omroep vakantie. Voor de publieke omroep zelf is dat heel gewoon, het gaat ieder jaar zo. Maar voor de kijkers is het iedere keer weer een verrassing, die veel vragen oproept.

Bert Huisjes, hoofdredacteur van omroep WNL, is boos over de zomerstop. Zijn eigen dagelijkse ochtendprogramma Vandaag de dag moet ook stoppen, tegen zijn zin. Eigenlijk is hij ‘niet per se boos, maar bezorgd’. Huisjes: „De publieke omroep stuurt drie maanden lang alle kijkers naar RTL 4. Leuk voor hun, maar je vermoordt je eigen marktaandeel. Wij hadden een hoog marktaandeel maar met zo’n lange stop hou je daar niets meer van over. Hoe houd je je draagvlak als publieke omroep als je zoveel programma’s stil zet?”

Jan Slagter van omroep MAX: „Je kunt wel zeggen dat ‘iedereen’ op vakantie is, maar er zitten in de zomermaanden nog altijd vijftien miljoen mensen thuis, vooral ouderen. Wij zijn gestopt met vaste rubrieken als KoffieMAX, maar wij brengen juist veel nieuwe programma’s in de zomer: Heel Holland bakt, De groeten van MAX en We zijn er bijna. Daarin volgt Martine van Os mensen die met een caravan naar Spanje gaan. Typische zomerprogramma’s.”

Dat veel programma’s een lange zomer lang pauzeren, heeft uiteenlopende redenen, allen terug te voeren op geld, kijkcijfers en omroeppolitiek. TV-historicus Bert van der Veer, tevens regisseur van Pauw & Witteman: „Van De wereld draait door snap ik het wel: in de vooravond raak je in deze maanden zo veertig procent van je kijkers kwijt omdat iedereen nog op zijn balkonnetjes zit. Zo is het Nederlandse volk: zodat er maar één zonnestraaltje door het wolkendek breekt, gaan ze massaal naar buiten.”

In andere gevallen gaat het om gebrek aan zendtijd van de losse omroepen. Dat geldt voor de kleine omroepen als PowNed en WNL. Ze hebben hun zendtijd en het bijbehorende budget opgebruikt in de winter. Van der Veer: „Dat een ochtendprogramma als Vandaag de dag van WNL verdwijnt, is idioot. Alsof je drie maanden per jaar geen ochtendkrant krijgt. En Pauw & Witteman, op de late avond, zou zo door kunnen gaan, zonder verlies van marktaandeel. Maar die stop heeft te maken met een afspraak met de EO: die mogen drie maanden Knevel & Van den Brink uitzenden, in plaats van Pauw & Witteman. Dat is nu eenmaal de afspraak.”

Dat is omroeppolitiek: de zendermanager moet iedereen tevreden houden, dus wordt het VARA-programma afgewisseld met een EO-programma. Dat gebeurt met meer programma’s. Merel Westrik mocht vorige zomer met Half Acht Live – onder luid gejouw – proberen om in de voetsporen van Matthijs van Nieuwkerk te treden. Zo kun je de zomerstop ook positief beschouwen: als de paradepaardjes op stal gaan, mogen anderen het eens proberen.

Ook MAX heeft deze zomer zo’n wisselprogramma: Hollandse zaken, een nieuw debatprogramma. Jan Slagter: „De zendermanager zei: we hebben al een debatprogramma, Debat op 2 van KRO-NCRV. Dus mochten wij alleen in de zomer, als Debat op 2 er toch niet is.”

Jeroen Pauw, presentator van Pauw & Witteman (160 uitzendingen per jaar): „Ik vind de zomerprogrammering geen gat. Als het om ons programma gaat heb je nog steeds een dagelijkse avondtalkshow, nu met Knevel & Van den Brink. In het begin hebben wij misschien iets te vaak geroepen dat wij het jammer vinden, maar nu heb ik mij voorgenomen om dat niet meer te doen. Omdat het onsympathiek overkomt op collega’s die in de zomer mooie programma’s maken.”

Gerard Timmer, directeur video van de NPO, het koepelorgaan van de publieke omroep: „Het is geen zomerstop”. Liever spreekt hij van een ‘zomerprogrammering’: „De programmering krijgt in de zomer wel een ander karakter.”

Hij verwijst naar de nieuwe programma’s die op televisie komen deze zomer, bijvoorbeeld op het gebied van cultuur zoals De beste singer-songwriter van Nederland van Giel Beelen. Ook wijst hij op de vele registraties van zomerfestivals zoals Lowlands en North Sea Jazz.

De reden voor de niet-zomerstop? Er kijken veel minder mensen. Hierdoor worden sommige kostbare programma’s door de publieke omroep eerder in de donkere maanden neergezet. Timmer: „In de zomer is het kijkgedrag anders, weten wij uit onderzoek. In de vooravond, tussen half acht en half tien, zijn er twee miljoen kijkers minder. Je kunt dan wel een duur programma gaan uitzenden, maar ik zet liever andere middelen in. Dan heb ik liever in april één miljoen bij het kunstcollege van Joost Zwagerman, dan 160.000 kijkers in de zomermaanden.”

Overigens wordt er volgens Timmer bij de commerciële omroepen meer herhaald in de zomer. „Ik ga niet zeggen dat we niet herhalen, maar zowel in de zomer als in het najaar wordt er minder herhaald in vergelijking met de commerciëlen.”

Een lange zomerstop bespaart veel geld, vooral omdat de seizoensarbeiders van de televisie ruim drie maanden lang de WW in kunnen. Volgens Marc Visch van de Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ) komt een zomerstop veel omroepen niet verkeerd uit. „Als een programma korter dan negen maanden duurt, kan de omroep het als ‘eigen project’ bestempelen. Dan hoeven ze maar zestig procent van hun werknemers een vast contract te geven, in plaats van negentig procent.”

Volgens Visch doen omroepen er alles aan om hun programma’s onder de negen maanden te houden. „Pauw & Witteman en De wereld draait door gelden officieel als projecten. De omroepen geven als argument dat ze niet zeker weten of hun show volgend jaar weer in het schema staat. Maar dat is natuurlijk onzin.”

Ook Martin Kothman van FNV KIEM, de vakvereniging voor mensen uit de creatieve industrie, zegt rond deze tijd van het jaar bezorgde telefoontjes te krijgen van tv-flexwerkers. „Veel contracten lopen af in de zomer, zonder goede doorstroommogelijkheden.”

Tv-historicus Bert van der Veer relativeert de ernst van de zomerstop: „Vroeger was het veel erger. Toen duurde de zomerstop van mei tot oktober.”