Ze is niet zo’n zure, boze FNV’er

Ze bezet de op een na belangrijkste functie in de top van de FNV. Cao- coördinator Mariëtte Patijn is de ‘frisse wind’ aan de zijde van Heerts.

Mariëtte Patijn Foto FNV

Het was niet de gemakkelijkste binnenkomer. Nieuw in de top van de FNV en dan mogen aftrappen met de mededeling dat de gerealiseerde loonstijging (1,6 procent) halverwege het cao-seizoen ver achterblijft bij de vorig najaar gepresenteerde looneis (2,5 procent).

Voorafgaand aan dat eerste publieke optreden in haar nieuwe rol als cao-coördinator, ging gisteren ook nog het gerucht dat de FNV die looneis bij zou stellen. Ongebruikelijk voor de tijd van het jaar, maar tegen de achtergrond van de snel oplopende werkloosheid ook niet ondenkbaar. Wat is belangrijker: baanbehoud of loonsverhoging? Mariëtte Patijn hield de looneis in tact.

Ton Heerts (46), onlangs officieel tot voorzitter gekozen, koos zelf leeftijdsgenoot Patijn (46) als zijn nieuwe rechterhand. Als cao-coördinator wordt ze verantwoordelijk voor het arbeidsvoorwaardenbeleid van de FNV. Een veeleisende functie met illustere voorgangers als Wilna Wind (nu voorzitter van de patiëntenvereniging) en Lodewijk de Waal (later FNV-voorzitter).

Patijn, dochter van Schelto Patijn, de vroegere burgemeester van Amsterdam, volgt Catelene Passchier (58) op, die binnen het FNV-bestuur een andere functie krijgt. Daarmee treedt in de voetsporen van Heerts een nieuwe generatie aan in de top van de vakcentrale. Patijn wist zich als bestuurder van FNV Bondgenoten in de uitzendbranche de afgelopen jaren in de kijker te spelen. Ze kreeg te maken met veel van de uitwassen in de doorgeschoten ‘flexconstructies’ waar de FNV nu een speerpunt van maakt. Zo trok FNV Bondgenoten de handen af van de door Patijns voorganger overeengekomen payroll-cao.

Patijn werd een pleitbezorger voor een verbod op payrollconstructies, waarin de werkgever zich via een papieren overeenkomst met een payrollbedrijf van zijn verantwoordelijkheden kan ontdoen. Arbeidsrechtelijke bescherming tegen ontslag en ziekte bleken af te kopen risico’s door mazen in de wet.

Aan haar zijde vond Patijn arbeidjuristen als Johan Zwemmer die haar „niet zo’n zure, boze FNV’er” noemt en haar passie en rechte rug roemt. Anders dan haar voorganger Passchier draagt ze niet de last met zich mee van de verguisde flexwet waar zij als vicevoorzitter van de FNV in de jaren negentig zelf een van de architecten van was. Die wet zette, onverhoopt, juist de flexibilisering van de arbeidsmarkt in gang, die de FNV nu graag weer aan banden gelegd ziet.

Ondanks de niet onverdienstelijke strijd die zij leverde voor verbetering van de positie van uitzendkrachten, spreken ook haar tegenstrevers aan werkgeverszijde met niets dan lof over Patijn. „Gepassioneerd, ter zake kundig, vriendelijk en empathisch”, zijn de kwalificaties van Jurjen Koops en Aart van der Gaag van de Algemene Bond van Uitzendondernemingen, aan het adres van de moeder van twee kinderen. Haar enige manco is dat ze „slecht is in functioneel boos zijn”, zegt Koops.