Wetenschap telt niet mee voor het CPB

Politieke partijen willen graag meer geld voor onderzoek en wetenschap maar het CPB kent daar geen waarde aan toe, schrijft Hans Clevers.

In de maatschappij domineert het snelle, intuïtieve, onbewuste. Ik wijs op het wijdverbreide geloof in alternatieve geneeswijzen, de angst voor vaccinatie en voor genetisch gemodificeerd voedsel, en de aantrekkingskracht van loterijen en astrologie. Slechts als we onszelf echt dwingen, kunnen we stapsgewijs redeneren naar de logische beslissing: om ons wél te laten vaccineren, om dat staatslot niét te kopen, of om wél mee te lopen in de Boston Marathon van 2014. Iedere intuïtieve gedachte heeft pas waarde als deze rationeel getoetst en bewezen is. Daardoor zal wetenschap nooit automatisch kunnen rekenen op vertrouwen en sympathie.

In de politiek zien we dezelfde hang naar intuïtie als elders in de samenleving. Opinies regeren, fact free politics domineren. Er is sprake van een kloof tussen politiek en wetenschap, mocht ik zelf ervaren. Toen ik vorig jaar aantrad bij de KNAW viel ik middenin de Haagse heksenketel van de Tweede Kamerverkiezingen. Ik maakte kennis met bewindslieden, fractieleiders en hoge ambtenaren. Vrijwel overal trof ik een gewillig oor voor onze boodschap: „investeer juist in deze moeilijke tijden in onderwijs en wetenschap. Het aardgas raakt op. Kennis en mensen zijn in de toekomst de enige grondstoffen voor onze economie”. In vrijwel alle partijprogramma's werden investeringen in onderwijs en onderzoek bepleit. Tegelijk waarschuwde iedere fractieleider me: „het CPB heeft in haar modellen niet de mogelijkheid om waarde toe te kennen aan wetenschap. We hebben door de jaren heen geleerd dat het verhogen van de budgetten voor wetenschap strafpunten oplevert”. Zo krijgt de politiek geen houvast van het CPB voor investeringen in kennis. De KNAW-commissie Waarde van Wetenschap zoekt nu onder leiding van Luc Soete naar rekenmodellen voor het belonen van investeringen in kennis. Hopelijk zal de commissie de cirkel kunnen doorbreken. Daarbij trekken we graag met het CPB op.

„Never waste a good crisis” is sinds 2008 een veelgehoord adagium: benut de crisis om in ons bestel structurele verbeteringen aan te brengen. Toch slaagt Den Haag er niet in de wetenschap te versterken. Ons Rathenau Instituut heeft recent becijferd dat de totale publieke onderzoeksfinanciering terugloopt van 5 miljard euro in 2011 tot 4,3 miljard euro in 2017. De jongste in een reeks bezuinigingsoperaties, die dezer dagen bekend wordt gemaakt, zal dit beeld nog donkerder schilderen.

In een klimaat van bezuinigingen, die ook de KNAW treffen, werken wij aan het leaner en meaner maken van onze onderzoeksinstituten. De afgelopen vijftien jaar heeft een aantal instituten in Amsterdam, Utrecht en Wageningen al een vernieuwingsslag ondergaan. Veel veranderingen deden pijn, maar de vruchten worden nu geplukt. Al een aantal jaren spreken we met de directeuren van de geesteswetenschappelijke instituten over clustering op een historische locatie in Amsterdam. De KNAW wil hierin, ondanks de haar opgelegde bezuinigingen, substantieel investeren. Zoals we recent ook in deze krant hebben kunnen lezen – de zorg van het NIOD over behoud van publieksfunctie en autonomie – is het een complexe kwestie waarin veel en zeer verschillende belangen spelen. De samenwerkingsplannen zijn het afgelopen half jaar uitgewerkt door de directeuren van de betreffende instituten. Drie dagen geleden maakte het KNAW-bestuur zijn reactie hierop bekend. Er wordt een cluster gevormd waarin alle instituten participeren – wetenschappelijk autonoom, maar met een gedeelde bedrijfsvoering. Uitgangspunt is en blijft dat de eigenheid van de individuele instituten behouden wordt. En natuurlijk is de wetenschap leidend, niet technologie of organisatiestructuur. Er moet nog heel veel werk verzet worden verzet, maar ik ben er van overtuigd dat over een aantal jaren een geesteswetenschappelijke campus zal ontstaan van ongekende allure.

Wat wetenschappelijk Nederland in de KNAW vindt, wordt gemist in de wereld van de kunsten. Wetenschappers en kunstenaars hebben gemeen dat zij de wereld onderzoeken, zij het met zeer verschillende gereedschappen. Een aantal van onze zusteracademies verenigen kunsten en wetenschappen onder één dak, zoals ook wij ten tijde van onze oprichting in 1808 als ‘Koninklijk Instituut van Wetenschappen, Letterkunde en Schoone Kunsten'. Het bestuur onderzoekt de mogelijkheden om binnen de KNAW een Akademie van Kunsten op te richten. Immers, nog meer dan wetenschap staan kunst en cultuur onder druk. De Akademie van Kunsten die ons voor ogen staat, zal eenzelfde werkwijze kennen als De Jonge Akademie, die zo succesvol onder onze vleugels opereert: onafhankelijk en met een systeem van co-optatie door de leden. Ik zou vooral trots zijn op de verantwoordelijkheid en solidariteit die wetenschappers tonen voor hun geestverwanten: de kunstenaars.

Hans Clevers is president van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW). Dit artikel is een verkorte versie van de Jaarrede die hij vanmiddag uitsprak. De volledige tekst vindt u op knaw.nl