Maoïsten in India slaan weer toe

Na een periode van relatieve rust hebben maoïstische rebellen in India weer van zich laten horen. Ze doodden zaterdag 24 mensen.

Indiase militairen bij het lijk van een slachtoffer van de aanval van maoïsten in Chhattisgarh Foto AP

Een bloedige aanslag op een konvooi in een onherbergzame streek heeft India er dit weekeinde pijnlijk aan herinnerd dat het in het arme oosten van het land nog altijd kampt met een venijnig binnenlands conflict. Al ruim vier decennia voeren maoïstische rebellen, in India meestal aangeduid als Naxalieten, een gewapende strijd voor een communistische samenleving.

Zaterdagavond sloegen de rebellen toe toen een konvooi van twintig auto’s met leiders van de Congrespartij uit de oostelijke provincie Chhattisgarh na een verkiezingsbijeenkomst door een afgelegen dal reisde. Ze hadden de weg met omgekapte bomen versperd en brachten een landmijn tot ontploffing toen de auto’s vast kwamen te zitten. Daarna openden ze het vuur. Ten minste 24 mensen kwamen om het leven. Zo'n 35 anderen raakten gewond.

Onder de doden bevond zich Mahendra Karma, een lokale politicus die enkele jaren geleden met steun van de politie een bewapende volksbeweging tegen de maoïstische opstandelingen had opgezet. Karma’s strijders evacueerden zo’n 60.000 mensen uit de gebieden die door de Naxalieten werden beheerst. Ze werden ondergebracht in kampen, in afwachting van de verdrijving van de opstandelingen uit hun gebieden.

Maar het experiment, dat model kan staan voor de vergeefse pogingen van het Indiase establishment om greep te krijgen op het conflict, mislukte. Na enkele jaren waren de ontheemden het wachten beu en begonnen terug te keren naar hun dorpen, ook al zaten de Naxalieten daar nog.

De Indiase premier Manmohan Singh en de leider van de Congrespartij, Sonia Gandhi, bezochten gisteren Chhattisgarh om gewonde overlevenden van de aanslag te spreken. Singh, die de Naxalieten vorig jaar omschreef als de grootste binnenlandse bedreiging voor India, zei dat India „nooit zal buigen” voor de opstandelingen en beloofde „krachtige” actie. Gandhi sprak van een „lafhartige aanval”.

Maar hun woorden konden niet verhelen dat de regering in New Delhi ook na ruim vier decennia nog geen doelmatige aanpak heeft weten te vinden om de rebellen te verslaan. De Naxalieten voerden hun eerste operaties uit in 1967 bij het dorp Naxalbari in de deelstaat West-Bengalen, vandaar hun naam. Ze lieten zich inspireren door de Chinese leider Mao Zedong en diens ideeën. De Naxalieten zeggen zich in te zetten voor landloze boeren en achtergestelde tribale groepen, die door de Indiase regering de afgelopen decennia vaak stiefmoederlijk zijn bedeeld.

Hoewel ze allang uit Naxalbari zijn verdwenen, zijn ze nog actief elders in West-Bengalen maar ook in Orissa, Bihar, Chhattisgarh en Andhra Pradesh. Het aantal actieve strijders is tamelijk beperkt, naar schatting zes- tot achtduizend, maar door de ontoegankelijkheid van het terrein waarin ze opereren zijn ze lastig aan te pakken. Feitelijk maken ze in veel dorpen de dienst uit. In steden is hun aanhang te verwaarlozen.

Het conflict heeft zich de laatste jaren verscherpt doordat zich in de gebieden waardevolle grondstoffen bevinden, waarop grote bedrijven azen. De ontginning hiervan gaat vaak ten koste van kleine boeren.