Hij is niet langer die 'loser' die teleurstelt in finales

Bayern-aanvaller Arjen Robben verloor drie grote finales op rij Tot zaterdag: eindelijk was hij beslissend op het moment dat het moest Met zijn doelpunt in de slotfase is hij van een klein trauma af

Bayern Munich's Dutch midfielder Arjen Robben poses with a piece of goal net on his head after winning the UEFA Champions League final football match between Borussia Dortmund and Bayern Munich at Wembley Stadium in London on May 25, 2013. AFP PHOTO / CHRISTOF STACHE AFP

Redacteur Voetbal

Zou hij een topvoetballer zonder aansprekende prijzen worden? Het had er lange tijd de schijn van. De carrière van aanvaller Arjen Robben voerde hem langs FC Groningen, PSV, Chelsea, Real Madrid, Bayern München en Oranje, maar tot op heden waren ‘slechts’ landstitels zijn deel. In drie verloren finales – twee keer in de Champions League en één keer op het WK – miste Robben vaak op beslissende momenten het doel.

Maar de Groninger besliste zaterdag namens Bayern in het Wembley-stadion in Londen in de 89ste minuut de finale van de Champions League tegen Borussia Dortmund, achttien jaar nadat Ajacied Patrick Kluivert in Wenen met een puntertje AC Milan had verschalkt en 21 jaar nadat Ronald Koeman – op het oude Wembley – met een vlammende vrije trap zijn club Barcelona langs Sampdoria had geschoten.

Als schooljongen uit Bedum fietste Arjen Robben elke dag naar Groningen, veertien kilometer heen en veertien kilometer terug. Bij de plaatselijke voetbalclub VV Bedum was hij al gauw veel te goed voor zijn leeftijdsgenootjes. Op zijn zestiende debuteerde Robben voor FC Groningen, tegen koploper Feyenoord. De jongeling dartelde vrijelijk langs de Rotterdammers. Groningen won, een talent was geboren.

Egoïsme

In die begintijd van zijn loopbaan was Robben een echte linksbuiten, die bij voorkeur zijn tegenstanders voorbij dribbelde en dan de voorzet gaf. Een van de meest memorabele wedstrijden die hij speelde, was op het EK van 2004, waar hij bijna in zijn eentje de Tsjechen bedwong, totdat bondscoach Dick Advocaat hem wisselde en Oranje alsnog met 3-2 verloor.

Bij Bayern München, waar Robben in 2009 belandde, werd hij op rechts geposteerd. Met de Franse linksbuiten Franck Ribéry vormt hij al enige jaren een effectief aanvalsduo, bijgenaamd robbery. Omdat hij stijf linksbenig is, trekt Robben vanaf rechts vaak naar binnen. Vooral in zijn eerste seizoen bij Bayern maakte hij met deze actie veel beslissende treffers.

Later hadden verdedigers het trucje meer en meer door. Robben kwam in een moeilijke fase bij Bayern. Hem werd egoïsme verweten en hij belandde zelfs even op de bank. De fans speculeerden openlijk op zijn vertrek. Nog in de rust van de finale opperden Duitse journalisten dat Robben volgend jaar maar moet wijken voor Mario Götze, de aanvallende middenvelder die wordt overgenomen van Borussia Dortmund.

Maar Robben bewees dat hij nog steeds beslissend kan zijn. Zijn winnende treffer op Wembley had meer weg van het rollertje van PSV-middenvelder Edward Linskens, in de halve finale van 1988 tegen Real Madrid, dan van de knal van Koeman. Bij een stand van 1-1 werd Robben vrijgespeeld door Ribéry, met wie hij vorig seizoen nog had gevochten in de rust van de halve finale tegen Real. De Groninger kwam alleen voor keeper Roman Weidenfeller te staan en tikte de bal traag in het doel. Daarvoor had hij ook al de 1-0 van de Kroatische spits Mario Mandzukic voorbereid. Hij kreeg uit handen van Sir Alex Ferguson, de vertrekkende trainer van Manchester United, de prijs als man van de wedstrijd.

„Ik wil geen loserstempel”, zei Robben na afloop. In 2010 verloor hij zowel de finale van de Champions League, tegen Internazionale, als de WK-finale tegen Spanje. In dat laatste duel had Robben de beslissende treffer kunnen maken toen hij alleen op keeper Iker Casillas afstormde, maar die kreeg nog net een teen tegen de bal. Vorig jaar verloor Robben opnieuw de finale van de Champions League, tegen Chelsea. In de verlenging miste hij een penalty.

Na zaterdag is Robben dat allemaal een beetje vergeten, zei hij. „Ik voelde geen extra verantwoordelijkheid na de gemiste penalty van vorig jaar. Ik heb geprobeerd om die mislukking om te zetten in extra energie.” Zijn coach Jupp Heynckes zei dat hij Robben in de voorbije weken „intensief en geconcentreerd” had zien trainen. „Gisteren [vrijdag] heb ik hem nog gesproken bij de training. Ik heb hem verteld dat hij goed bezig was en dat we dat zouden merken in de finale. Dat is uitgekomen. Hij miste drie goede kansen, maar hij speelde goed en maakte de winnende.”

Op juiste moment op de juiste plaats

Met zijn zege is Heynckes na Ernst Happel, Ottmar Hitzfeld en José Mourinho de vierde trainer die met twee verschillende clubs de Champions League heeft gewonnen. Dit seizoen maakte Bayern buitengewoon veel indruk, onder meer door in de halve finales twee keer overtuigend te winnen van FC Barcelona.

Het elftal van Heynckes rust op de fundamenten die Louis van Gaal tussen 2009 en 2011 heeft neergelegd. Nog altijd speelt de ploeg in het spelsysteem 4-2-3-1, en ook de Nederlandse coach speelde al met Philipp Lahm, David Alaba, Bastian Schweinsteiger, Thomas Müller, Ribéry en Robben. De verdienste van Heynckes is dat hij de vleugelspelers zo ver heeft gekregen dat ze steevast meeverdedigen. Ook heeft Bayern aan kwaliteit gewonnen in het doel – Manuel Neuer voorkwam in de eerste helft tal van mogelijke tegentreffers – en op het middenveld, waar de Spanjaard Javi Martínez wekelijks uitblinkt.

Bayern was sterker dan Dortmund, maar had ook geluk. Ribéry had een rode kaart verdiend nadat hij in een duel de Poolse spits Robert Lewandowski in het gezicht had geslagen, en de Braziliaanse verdediger Dante had een tweede gele kaart moeten krijgen voor zijn overtreding die leidde tot de strafschop voor Dortmund.

Robben stond als gebruikelijk op rechts, maar zwierf gedurende de wedstrijd over het veld. In elk geval stond hij op de juiste plaats, centraal voorin, toen het nodig was. Dat kenmerkt de echte groten.

Lees de column van Wilfried de Jong over Arjen Robben: pagina 13

    • Derk Walters