Van den Nieuwenhuyzen hoort 5,5 jaar celstraf eisen

Joep van den Nieuwenhuyzen gaf gisteren in een Japans restaurant na bekendmaking van de eis een persconferentie. Foto Walter Herfst

Als het aan het Openbaar Ministerie ligt gaat zakenman Joep van den Nieuwenhuyzen voor 5,5 jaar de gevangenis in. Die strafeis sprak de officier van justitie gisteren uit tegen de voormalige eigenaar van het RDM-concern, dat in 2004 over de kop ging. Justitie deed tien jaar onderzoek naar de gang van zaken rond het faillissement van dat bedrijf en enkele gelieerde vennootschappen. Volgens het OM heeft Van den Nieuwenhuyzen „grootschalige faillissementsfraude” gepleegd door kort voor RDM ten onder ging „voor persoonlijke doeleinden” grote bedragen aan zijn vennootschappen onttrokken. In het geval van RDM-dochter SS Rotterdam zou Van den Nieuwenhuyzen voor ruim 94 miljoen euro naar zichzelf en zijn familieleden toe hebben gesluisd.

Daarnaast verdenkt justitie Van den Nieuwenhuyzen (57) ervan voormalig directeur Willem Scholten van het Rotterdamse Havenbedrijf te hebben omgekocht. In ruil voor een bedrag van 1,2 miljoen euro en het gratis gebruik van een luxe appartement in Antwerpen zou Scholten in 2002 en 2003 namens het havenbedrijf garant hebben gestaan voor ruim 180 miljoen euro aan bankleningen aan RDM. Voor een deel van deze ambtelijke omkoping – het appartementgebruik – werd Scholten in oktober door dezelfde rechtbank Rotterdam veroordeeld tot twaalf maanden celstraf, waarvan vier maanden voorwaardelijk. In die zaak loopt hoger beroep.

De strafeis tegen Van den Nieuwenhuyzen is ook gebaseerd op beschuldigingen van valsheid in geschrifte en het in bezit hebben van een vals diplomatiek paspoort. Justitie noemde de zakenman in haar requisitoir „een bijna grenzeloos optimistische man”, die „de van hem als zakenman gevergde morele standaard met voeten heeft getreden”.

Tegen twee vermeende handlangers van Van den Nieuwenhuyzen, voormalig financieel directeur Leo van de Voort en ex-controller Marcel B. werden lagere celstraffen geëist: respectievelijk acht en vier maanden.