Tesla denkt ook de massa te veroveren

Tesla-oprichter Elon Musk wil dat voor 2030 meer dan de helft van al het autoverkeer elektrisch is. Eind deze maand opent Tesla zijn Europese hoofdkantoor in Amsterdam. Zijn Nederlanders eindelijk klaar voor de elektrische auto?

De fabriek van Tesla laat in één oogopslag zien hoe de Amerikaanse autosector ervoor staat. Ongeveer een kwart van het pand is geverfd in stralend wit. Hier werken fabrieksarbeiders, bijgestaan door hypermoderne robotarmen, aan de productie van geheel elektrisch aangedreven auto’s. De „bright side”, noemt vicepresident productie Gilbert Passin dit gedeelte met een knipoog, terwijl hij op een golfkarretje door het 550.000 vierkante meter grote pand scheurt.

Dan komt hij aan in de dark side. Het licht gedimd, de vloeren zwart. In dit industriële niemandsland staan oude machines van Toyota en General Motors, de vorige eigenaren van de fabriek. Drie jaar geleden sloten zij hun deuren en kwamen 4.700 medewerkers op straat te staan. Tesla kocht het pand en inmiddels werken er weer 2.400 mensen. De fabriek staat in het dorpje Fremont nabij San Francisco – aan de overkant van Silicon Valley, waar Tesla-oprichter Elon Musk zijn kapitaal vergaarde.

Musk, een buitenstaander in de auto-industrie, richtte Tesla op in 2003. Hij werd rijk met internetbetaaldienst PayPal en wil nu met zijn autobedrijf vanuit hetzelfde Silicon Valley een autorevolutie ontketenen. De helft van alle auto’s moet elektrisch zijn, en wel voor 2030. Tesla moet de voortrekker zijn.

Via het luxesegment wil Tesla de markt veroveren. Model S, het enige model dat nu in productie is, is de eerste stap naar een groter publiek. Vicepresident productie Passin omschrijft de auto als een „laptop op een skateboard”: de auto is voorzien van een reusachtig touchscreen en zit vol elektronica. De auto’s communiceren via een satellietverbinding met onderhoudsdiensten. Als er iets mis is in de auto, neemt Tesla contact op.

Het bedrijf groeit snel. Vorig jaar produceerde Tesla 3.100 exemplaren van Model S, dit jaar alleen het eerste kwartaal al 4.900 stuks. Tesla staat op het punt uit te breiden naar Europa, met een hoofdkantoor in Amsterdam. Volgens directeur Europese verkoop Bryan Batista staan er in Nederland nog voor de komst van het bedrijf al „honderden bestellingen” uit voor Model S. In juli worden de eerste auto’s in Europa geleverd.

Of consumenten massaal zullen overstappen naar de elektrische auto is vooralsnog onduidelijk. Uit een vorig jaar verschenen rapport van het Planbureau voor de Leefomgeving blijkt dat Nederlandse consumenten nog zeer negatief zijn over de elektrische auto. De belangrijkste bezwaren: elektrische auto’s hebben een beperkte actieradius en het laden duurt lang.

Tesla hoopt die bezwaren weg te nemen. Een Model S kan, afhankelijk van de keuze voor een 60 kWh- of 85 kWh-batterij, 370 tot 480 kilometer aan één stuk rijden – geen enkele andere elektrische auto rijdt zo ver. Thuis opladen van de auto duurt acht uur, of vier uur met een speciale stekker.

Daarnaast werkt Tesla aan een ‘supercharger-netwerk’ van oplaadpunten waar de auto in een uur volledig kan worden opladen. In de VS zijn er nu negen van dit soort oplaadpunten, uitsluitend aan de West- en Oostkust. Dit jaar moeten de eerste superlaadstations in Europa verschijnen – waar, is nog niet bekend.

Sven Beiker, directeur van het Center for Automotive Research van Stanford University, ziet veel moeilijkheden voor de doorbraak van de elektrische auto. „Voor het merendeel van de autoritten – korte ritten binnen de stad en woon-werkverkeer – voldoet de elektrische auto prima”, zegt Beiker. „Maar consumenten willen ook een paar duizend kilometer kunnen rijden, zonder zorgen over de accu. Er moet nog een hoop verbeteren aan de infrastructuur voordat de elektrische auto gemeengoed wordt.”

Peter Adriaens, hoogleraar aan de Ross School of Business van de University of Michigan en gespecialiseerd in schone technologie, twijfelt over de strategie van Tesla. „Tesla maakt auto’s die aantrekkelijk zijn voor een nichemarkt”, zegt hij. „De auto’s vallen in de smaak bij welvarende, risicobereide consumenten. Vaak is het hun tweede of derde auto; het is een extraatje, een rijkeluisspeeltje. Het is mij nog niet duidelijk hoe het bedrijf de overstap naar de massa gaat maken.”

De beurs verwacht wél veel van Tesla. Sinds het bedrijf twee weken geleden voor het eerst winst rapporteerde, schoten de aandelen met 65 procent omhoog. Financieel persbureau Bloomberg merkt op dat de marktwaarde van Tesla boven die van Fiat ligt – Tesla is op dit moment 10,6 miljard dollar waard, Fiat nog geen 8 miljard. Ter vergelijking: Fiat verkocht het eerste kwartaal van 2013 één miljoen auto’s, Tesla slechts 4.900. Tesla schreef kort na bekendmaking van hun eerste winst nieuwe aandelen uit ter waarde van 830 miljoen dollar. Sommige analisten vrezen voor een bubbel.

Passin ziet het echter positief. „Zes maanden geleden produceerden wij één auto per week”, vertelt hij vanaf zijn golfkar. „Op dit moment maken we hier honderd auto’s per dag.” De fabriek is zo ingericht dat de productie op korte termijn kan worden opgeschaald, legt hij uit. „Dan”, zegt hij, terwijl hij naar de donkere kant van de fabriek wijst, „kan ook dáár het licht aan.”