Mag nieuw eurobiljet ook zijn? eens mooi

De lelijke euro steekt af bij het mooie biljet van vijftig gulden. Verander dat. Maak de nieuwe eurobiljetten mooi, vraagt Rodaan al Galidi. Europa verdient het.

Europeanen promoten zichzelf niet goed. Ze hebben duizenden dichters, schrijvers, filosofen, kunstenaars, reizigers, muzikanten, zangers, dansers, acteurs, noem maar op, maar ze doen er niets mee. Die schatten liggen in hun graf, in het archief of op de pagina’s van de verlaten geschiedenis van Europa.

Ik begrijp de Europese manier van denken nog niet. Zeg je tegen hen dat ze geweldig zijn, dan zeggen ze meestal: „Niet overdrijven”. Zeg je dat ze slecht zijn, dan zeggen ze: „Wat doe je dan hier?” Als je in het midden staat, kun je niets zeggen, want het midden van de mening heeft geen smaak. Het midden van de waardering is als soep zonder water; droog en zeker onslikbaar.

Een maand geleden werd mij nog duidelijker hoe slecht Europeanen in ‘zelfpromotie’ zijn. Een vriend die voor een Arabische krant schrijft, belde mij. Hij vroeg mij naar het effect van de crisis op de bomen in Nederland. Ik begreep zijn vraag niet. „Hakken de Nederlanders niet alle bomen om voor kachelhout, omdat ze door de crisis de gas- en elektriciteitrekening niet meer kunnen betalen?”, legde hij uit.

Hij was verbaasd toen ik hem verzekerde dat niet alleen in Nederland, maar in heel Europa, geen tak last had van de crisis, dat ik nog steeds hetzelfde eet en drink als daarvoor, dat de supermarkten vol liggen met spullen en dat nog steeds niet de honger maar het vet een probleem is in Europa. „Is er crisis dan?”, was zijn reactie.

De sterkste reclame voor een land is het geld. Het kan overal aankomen, naar elk oog, elke hand, elk hart, elke toekomst, elke hoop, elk huis, elke macht. Alleen op de rug van biljetten kunnen vijanden elkaar bezoeken. Khomeini reist op het Iraanse geld, zelfs naar Israël. Golda Meir trekt op het Israëlische biljet naar Saoedi-Arabië, zonder F16 of leger. Het leukste is dat Khomeini en Golda Meir heerlijk naast elkaar kunnen liggen in één portemonnee. Tijdens de afschuwelijkste tijd in Irak, tijdens de blokkade en Saddam Hoessein aan de macht, was het fraaiste wat je kon zien Benjamin Franklin op een biljet van honderd dollar. Een yoghurtverkoopster die nooit naar school was gegaan wist in die tijd wie Franklin was, omdat ze wist wat honderd dollar betekende, namelijk vijf maanden hard werk.

Ik vergeet nooit dat moment toen ik voor het eerst euro’s pinde. Dat was voor mij een prachtig moment. Landen die hun grenzen en hun geld weggooien om een continent te zijn, zonder een Napoleon. Hoe bijzonder. Een wonder. Ik drukte mijn pinpasje in de keel van de automaat en in plaats van dat hij guldens overgaf, liet hij euro’s stromen.

De schittering van het moment liet mij toen niet zien hoe lelijk de biljetten eigenlijk waren.

Maar vergelijk de Aldi-tas met een briefje van twintig euro – welke is mooier? Zeker de Aldi-tas. Of zet het Big Mac doosje naast het biljet van vijftig euro – je ziet meteen dat het Big Mac doosje er smakelijker uitziet.

Och, waar zijn dan de beelden van de gulden? Het mooiste beeld op een biljet ooit in de geschiedenis van de mensheid was die op het briefje van vijftig gulden. Het hoorde niet bij een land, het hoorde overal bij. Geen kop van een dictator die zijn volk afgebroken heeft, een leider die de grenzen van zijn buurlanden overstak, de uitvinder van een bom of een gebouw waar over geweld vergaderd wordt. Nee, het beeld om dat biljet was een zonnebloem. Nog steeds bewaar ik zo’n biljet, terwijl het duur was om het niet om te wisselen in euro’s, maar haar schoonheid was meer waard dan de lelijkheid van de euro.

Nu is er de kans dit te veranderen, want er komen nieuwe biljetten. Maar na het zien van het nieuwe vijf euro briefje vrees ik ergere beelden, die zelfs niet te vergelijken zijn met een KFC-tasje of een verlopen kaartje van de NS.

Europa is een continent waar geen dictator geboren mag worden en waar geen honger is, behalve als iemand daar zelf voor kiest. Zij verdient mooie biljetten, toch?

Rodaan al Galidi is schrijver.