Gelijke kans voor vrouwenvoetbal

„Meisjes kunnen niet voetballen” is vaak een uitspraak van een jongen.

Maar meiden kunnen voetballen – soms beter dan jongens. Vaak wordt dit vergeten, zodat meisjes minder de kans krijgen om zich goed te ontwikkelen in het voetbal. Er wordt minder aandacht aan meidenvoetbal besteed. De laatste jaren is het vrouwenvoetbal in opkomst en dit is een goede ontwikkeling.

Het is jammer dat we in de huidige samenleving niet dezelfde kansen krijgen als het herenvoetbal. Want als een meisje goed kan voetballen is het toch mooi om dat talent te kunnen ontwikkelen?

Jongens krijgen makkelijker sponsors omdat bedrijven winst kunnen maken met hun voetbal. Neem de mannen van PSV, zij worden gesponsord door Philips en komen regelmatig op televisie. Dit is dus voordelig voor Philips en PSV. Als de vrouwen nu ook de kans zouden krijgen om op televisie te komen, krijgen zij misschien ook meer sponsoren. Zo kan het vrouwenvoetbal zich weer verder ontwikkelen. Omdat er dan meer geld beschikbaar is.

Ten tweede moet de jeugdopleiding voor de meiden beter worden. Er komen meer meiden maar goede trainers ontbreken. Die zitten namelijk in de sportvereniging bij de jongens. Niet veel trainers betekent weinig kunnen trainen en weinig kunnen trainen betekent geen goede ontwikkeling. Het zou mooi zijn als meiden een goede trainer krijgen.

Ten slotte zou het mooi zijn als meerdere Eredivisieploegen een vrouwenteam krijgen. Nu is er namelijk de BeNe league die bestaat uit Nederlandse en Belgische topploegen. Het voetbal wordt voor meiden aantrekkelijker als er meer ploegen komen die op hoog niveau spelen.

Ik hoop dat de ogen van de juiste mensen geopend worden want zo kunnen we streven naar gelijke kansen tussen mannen en vrouwen.

Emma de Wijk

Bavel

Laat bij voetbal de ouders toch in de kantine blijven

Ik was geen hockeymom, maar heb wel jarenlang mijn dochters naar zwemles, muziekles, balletles en paardrijles gebracht en weer opgehaald.

En in de tussentijd? Dan werd je geacht te vertrekken. Naar huis of naar de kantine. In ieder geval was het volstrekt normaal dat je er niet bij was.

Je mocht de resultaten aan het eind van het jaar bekijken bij de uitvoering of het afzwemmen en bij de onderlinge wedstrijdjes op de manege. Meer niet. En dat tot ieders tevredenheid. Geen gestresste en afgeleide kinderen, geen bemoeizuchtige ouders.

Mijn vraag: waarom kan dat bij voetbal niet? Voordeel voor de ouders: in de kantine is het warm, droog en er zijn kroketten.

Voor de kinderen is het ook duidelijk, ze kunnen gewoon lekker spelen en hoeven niet te voldoen aan de te hooggespannen verwachtingen van de ouders.

Natuurlijk kan er onderling en na afloop ook van alles gebeuren, maar dan vermijd je in ieder geval de confrontaties met de ouders op het veld.

En organiseer dan een of twee keer per jaar iets waar de ouders wél bij kunnen zijn, een toernooi met onderlinge wedstrijden van de club, een wedstrijd ouders-kinderen of wat dan ook.

Ik denk dat vele ouders én kinderen dankbaar zullen zijn...

Renée Citroen

Aerdenhout