Vestia wilde geen extra controle door experts

De tweede accountant in het Vestia-drama moest zich gisteren verdedigen. Piet Klop van Deloitte staat nog „100 procent” achter zijn controles.

Op deskundige controleurs zat Vestia-bestuurder Erik Staal niet te wachten. Experts van renteverzekeringen (derivaten) zouden „aan de haal” gaan met de financiële kennis binnen de woningcorporatie, zei Staal volgens zijn accountant Piet Klop. Dan wisten andere corporaties ook hoe Vestia zo goedkoop kon lenen en zoveel kon bouwen. Extra controle zou ook extra geld kosten.

Maar de accountant van Deloitte bleef aandringen en dreigde de lopende controle te staken, vertelde hij gisteren voor het landelijke tuchtcollege in Zwolle. Vestia wilde de tijdelijke ‘verliezen’ op haar derivaten vanaf 2008 buiten de jaarrekening houden. Klop wilde eerst weten of dat wel verantwoord was. Hij haalde de kenners erbij, en ging akkoord.

Een grote fout, vinden het nieuwe bestuur van Vestia en de Stichting Onderzoek Bedrijfs Informatie (SOBI) van Pieter Lakeman. Beiden hebben een tuchtklacht tegen Klop ingediend omdat hij jaarrekeningen over 2008 en 2009 nooit had mogen goedkeuren – volgens hen. Vooral na Klops vertrek in 2010 kon Vestia ongezien en ongebreideld speculeren met derivaten. Kasbeheerder Marcel de V. wordt verdacht van fraude; de strop van de zaak-Vestia is 2 miljard euro.

Klop is de tweede accountant die zich in de affaire moet verantwoorden in Zwolle. Marco Noorlander van KPMG, die Vestia van Klop overnam in 2010, stond begin maart al voor de tuchtrechters. In een emotionele verklaring zei Noorlander destijds al te zijn veroordeeld door de media. Klop daarentegen benadrukte gisteren strijdlustig nog voor „100 procent” achter zijn controles te staan.

De twee accountants staan ook anders in de zaak. Tegen Noorlander was een derde klacht ingediend door de financiële waakhond AFM. KPMG heeft hem de hoogste boete opgelegd en zijn tekenbevoegdheid als accountant afgenomen. Hij werkt niet meer bij KPMG en wil ook geen accountant meer zijn, zegt hij. Maar Klop heeft zelf zijn tekenbevoegdheid neergelegd, wordt gesteund door Deloitte en is nog steeds partner. Hij geeft nu advies in de corporatiesector – de klanten kennen hem.

Bijna tien jaar, van 2001 tot 2009, was Klop de huisaccountant van Vestia. Een aimabele vent die gold als een autoriteit op het gebied woningcorporaties. „Ik ben geen derivatendeskundige”, erkende Klop gisteren wel. Februari vorig jaar, twee weken nadat Vestia groot nieuws werd, was Klop nog gastheer op de Deloitte-infoavond ‘Derivaten in uw jaarrekening’. De technische uitleg kwam van een collega van de afdeling risicobeheer.

De advocaat van Vestia schetste het beeld dat Klop „blind heeft gevaren” op het oordeel van deskundigen. De accountant had alarm moeten slaan omdat Marcel de V. de risico’s naar de toekomst doorschoof. In mei 2009 bijvoorbeeld rolde de kasbeheerder bij Deutsche Bank vier derivaten, waar een bonnetje van 25 miljoen euro aan hing, door in één nieuw derivaat met ongunstigere voorwaarden.

Ook toonde Vestia’s advocaat het Excel-bestandje waar Marcel de V. de derivaten op bijhield. Het lijkt zo ingewikkeld als een cockpit, maar het is eerder een kladblok met fouten die Klop had moeten ontdekken, zei de advocaat. De kasbeheerder rekende bijvoorbeeld met één rente voor de paar honderd derivaten in alle kleuren van het financiële spectrum.

Onzin, zeiden Klops advocaten – onder wie zich Arnold Croiset van Uchelen bevindt, tevens raadsman van koning Willem-Alexander. Marcel de V. had een computer van financieel persbureau Bloomberg waarop je in één seconde kunt zien wat een derivaat doet bij rentedalingen.

De advocaten betoogden ook dat de latere excessen niet met terugwerkende kracht op Klop mogen worden geprojecteerd. Toen de financiële crisis in 2008 uitbrak, en Vestia door een rentedaling 255 miljoen euro moest ophoesten, zat er nog genoeg geld in de kas. Pas na Klops vertrek in 2010 verdubbelde de reële waarde van de derivaten naar 10 miljard euro.

De vraag is in hoeverre je Deloitte los kunt zien van het drama. Toen argwanende Nederlandse banken in 2009 afhaakten, gaf Deloitte de derivatenportefeuille een jaar later bijvoorbeeld een krul in een Engelstalig rapportje. Marcel de V. verspreidde het breed en sloot daarna voor miljarden aan derivaten af in Londen.

De vraag blijft ook of Klop de kasbeheerder had kunnen betrappen. Arjan G., de tussenpersoon die voor tien miljoen euro naar Marcel de V. zou hebben doorgesluisd, vertelde vorig jaar in De Telegraaf dat ze al in 2006 begonnen met de zwendel. De tuchtraad doet „rond de zomer” uitspraak over Deloitte en KPMG.