Export grondstof gifgas naar Syrië per direct aan banden

Nederland maakt per direct een einde aan de ongecontroleerde export van glycol, een grondstof voor gifgas, naar Syrië. Dat schrijft minister Ploumen (Buitenlandse Handel, PvdA) in een spoedbrief aan de Tweede Kamer. Ploumen bevestigt daarin dat Nederland jarenlang glycol naar Syrië exporteerde, zoals deze krant gisteren onthulde.

Uit onderzoek van NRC Handelsblad en RTL Nieuws blijkt dat in 2003, 2008, 2009 en 2010 vanuit Nederland glycol naar Syrië is geëxporteerd. De VS waarschuwden Nederland sinds 2003 herhaaldelijk voor deze export, vanwege de vrees dat Syrië de stof gebruikt voor de productie van chemische wapens. De VS, Israël en enkele Europese landen hebben naar eigen zeggen aanwijzingen dat het Syrische regime in de burgeroorlog chemische wapens heeft ingezet.

Minister Ploumen erkent in de Kamerbrief dat het ministerie van Economische Zaken vanaf 2003 „op verschillende momenten” informatie van de AIVD heeft ontvangen over het mogelijk gebruik van glycol voor de productie van gifgas. Toch zag de Nederlandse regering tot gisteren geen aanleiding tot het opleggen van een vergunningplicht, wat inhoudt dat alle zendingen van glycol naar Syrië vooraf worden onderzocht.

De Tweede Kamer debatteerde vanochtend met minister van Buitenlandse Zaken Timmermans (PvdA) over Syrië. Tijdens het debat bleken verschillende fracties nog vragen te hebben naar aanleiding van de berichtgeving in NRC en de brief van Ploumen. Zo wil het CDA weten wat er met de waarschuwingen van de AIVD is gebeurd. GroenLinks vraagt zich af of het handelsbelang wellicht een overweging is geweest om de export van glycol door te laten gaan. D66 wil weten of er andere stoffen zijn die Nederland exporteert en waarvoor de AIVD waarschuwt. Ploumen zal deze vragen volgende week per brief beantwoorden, waarna de Tweede Kamer met haar over deze kwestie debatteert.

Tijdens het debat in de Tweede Kamer over de burgeroorlog in Syrië zei minister Timmermans voorstander te zijn van verlenging van het huidige EU-wapenembargo dat op 1 juli afloopt. Maar nog belangrijker vindt hij een gemeenschappelijk standpunt van de EU. Dat zou kunnen betekenen dat Nederland instemt met een volgens Timmermans „zo klein mogelijke aanpassing”. Hierbij moet worden gedacht aan de levering van luchtafweergeschut om de bevolking tegen bombardementen te beschermen. Een meerderheid van de Kamer steunt de benaderingswijze van Timmermans.

Binnen de EU zijn Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk voor een verlichting van het embargo om de strijders tegen het regime van president Assad te hulp te schieten.