'25 aangiftes online bedreiging per jaar'

◯ Waar ◯ Grotendeels waar ◯ Half waar ◯ Grotendeels  onwaar ◯ Onwaar

De aanleiding

Afgelopen weekend schreven Haro Kraak en Jelger Woudstra in de Volkskrant over de beweegredenen van mensen die regelmatig via Twitter (doods)bedreigingen de wereld insturen. In een kader bij het stuk stond: „Slechts 25 mensen doen aangifte van online bedreiging per jaar. Het is onduidelijk hoeveel zaken tot een veroordeling leiden.” Slechts 25 mensen, dat leek ons op de redactie wel erg weinig. Hoe zit dit?

Waar is het op gebaseerd?

De bron voor het getal van 25 mensen per jaar is de politie zelf, vertelt Haro Kraak. De woordvoerder van de Nationale Politie, Rob Luijten verstrekte hem gegevens van het Open Source Intelligence Team, dat onder meer online bedreigingen monitort.

En, klopt het?

In totaal werd er in 2011 bijna 33.500 keer aangifte gedaan van bedreiging, blijkt uit cijfers van het CBS. In Leven met een bedreiging uit de serie Politiewetenschap (2010) stellen onderzoekers van de Rijksuniversiteit Groningen dat het merendeel van de bedreigingen verbaal zijn en face to face worden geuit. Achterhalen hoeveel mensen jaarlijks aangifte doen van online bedreigen is niet eenvoudig. Aangiftes worden geregistreerd onder de noemer ‘bedreiging’, dat is immers het strafbare feit. In welke vorm die geuit werd staat wel in het proces-verbaal, maar er kan niet snel gefilterd worden op een ‘online’ of ‘offline’ bedreiging.

Het aantal van 25 mensen komt uit onderzoek dat het Open Source Intelligence Team (OSINT) uitvoerde in samenwerking met de Radboud Universiteit. Voortdurend houdt het OSINT tweets die in Nederland verstuurd worden in de gaten. Het team voert in hun computerprogramma BlueView trefwoorden in die iets met dreiging te maken hebben. Normale woorden, maar ook varianten in straattaal. Het programma zoekt vervolgens het internet af naar tweets en andere uitingen waar die woorden in voorkomen. Van de grofweg 5 miljoen dagelijkse tweets, bevatten er 35.000 enige vorm van bedreiging. Vervolgens wordt door het OSINT bekeken hoe ‘ernstig’ de dreiging is.

Met hetzelfde programma zijn ook de proces-verbalen doorzocht die opgemaakt zijn bij aangiften wegens bedreiging. Trefwoord: Twitter. Hieruit kwamen alle aangiftes van bedreiging waarin het woord Twitter voorkwam. Ook hier volgde nacontrole met de hand. Hieruit rolde het getal van 25 mensen die aangifte deden. Dit getal beschrijft dus alléén aangiften naar aanleiding van een bedreiging op Twitter.

De bewering ging echter over online bedreigingen in het algemeen. En daar valt bijvoorbeeld ook e-mail en Facebook onder. Hoeveel aangiften er zijn gedaan na bedreiging via andere online manieren is niet bekend. Dezelfde onderzoeksgroep van de Radboud Universiteit doet daar nu wel onderzoek naar, maar de resultaten zijn komende zomer pas bekend.

Dat er in totaal meer dan 25 mensen per jaar aangifte doen van online bedreiging is wel vrijwel zeker. Eind maart berichtte het Team Bedreigde Politici (TBP) van het Openbaar Ministerie in Den Haag bijvoorbeeld dat er in 2012 113 aangiften zijn gedaan van bedreigingen door politici. Dit betreft het aantal aangiften. Het aantal politici dat aangifte deed ligt wellicht lager maar dat het meer dan 25 mensen waren is wel waarschijnlijk. „Veruit de meeste aangiften werden online verstuurd, veelal per e-mail maar ook via Twitter en Facebook”, zegt woordvoerder van het TBP Ilse de Heer. En dan betreft dit alleen nog de aangiften van politici. Die krijgen wel veel meer dan gemiddeld bedreigingen binnen, maar het is slechts een klein groepje Nederlanders.

Afgelopen weekend stond in de Volkskrant een artikel over personen die dreigtweets sturen. Daarbij stond een kader met de bewering: „Slechts 25 mensen doen aangifte van online bedreiging per jaar.” Dit aantal is gebaseerd op onderzoek van het OSINT en de Radboud Universiteit. Maar dat zijn alleen mensen die aangiften deden van bedreigingen via Twitter. Niet van online bedreigingen in het algemeen. Het totale aantal is niet te achterhalen, proces-verbalen zijn alleen in de politiesystemen geregistreerd onder de noemer ‘bedreiging’, niet ook nog onder ‘online’ en ‘offline’. Dat het meer dan 25 mensen zijn is wel vrijwel zeker, want alleen al politici deden in 2012 vaker aangifte . Wij beoordelen de bewering dat er 25 mensen per jaar aangifte doen van online bedreiging daarom als onwaar.