24 uur dansen in 020

Drie Amsterdamse clubs mogen sinds kort 24 uur lang openblijven. Dat lokt dj’s uit heel Europa. Bijvoorbeeld naar Club Trouw, waar afgelopen weekend de deuren pas maandagochtend sloten. „Wie ’s ochtends binnenkomt wordt gedragen door de energie van de mensen die hier al twaalf uur zijn.”

De eerste clubmarathon ‘Lost In A Moment’, afgelopen weekend in Trouw Foto De fotomeisjes

‘Oh shiiiiiiiit.” Het is zondagmiddag vijf uur en Joey (23) heeft Moederdag gemist. Zijn telefoon is leeg, want Joey is al op pad sinds zaterdagavond half tien. Eerst moest hij zelf draaien in Pand 14 in Amsterdam-Zuidoost, toen ging hij nog even langs bij Straf_Werk en daarna door naar de Amsterdamse club Trouw aan de Wibautstraat. En daar staat hij nu al bijna twaalf uur, sinds vijf uur deze ochtend. „Welke dag is het nu?”

Lost In A Moment is de veelzeggende naam van de eerste clubmarathon sinds het oude krantengebouw een vierentwintiguursvergunning kreeg, nu vier maanden terug. Na jarenlange lobby is de Amsterdamse club de eerste in de hoofdstad die niet meer gebonden is aan de strikte sluitingstijden: clubs mogen in het weekend openblijven tot vijf uur ’s ochtends, op donderdag tot drie uur.

Voor een enkele locatie – voorlopig drie – verandert dat binnenkort. Naast Trouw zijn dat de Tolhuistuin en de Toren Overhoeks, het zeventien verdiepingen tellende oude Shell-kantoor dat ID&T eind vorig jaar aankocht met vastgoedontwikkelaar Lingotto en Club Air. Die vergunning wordt deze week verwacht.

Maar de primeur was afgelopen weekend aan Trouw. Om 22.00 gingen de deuren vorige week zaterdag open, ze zouden openblijven tot 04.30 uur de maandag erop. De avond eindigde met 450 man in de zaal en een dj of vijf op, rond en in de dj-booth, eentje van hen Kristian Beyer, met een lege champagnekoeler op zijn hoofd. Lyrisch zijn bezoekers na afloop; de deuren gaan niet dicht bij gebrek aan belangstelling, de fysieke grens van het personeel is simpelweg bereikt.

Perzische kleedjes

Maar op zondagochtend was het rustig. Het Nederlandse publiek is nog niet gewend aan een nacht die langzaam verglijdt in de dag. Juist door verplichte sluitingstijden moeten feestgangers hun piek hebben bereikt voor vijven. Na vijven wordt het clubleven in de hoofdstad doorgaans voortgezet in huiskamers en in parken. Nu zitten er een paar ravers daas op sofa’s rond Perzische kleedjes te kijken naar Delta’s installatie Subduction zones – houtsnijkunst aan de overkant op de muur.

„Ik wil wel naar huis, maar het lukt niet”, zegt Jan van der Lugt, een lange jongen met een capuchontrui en een afrokapsel. „Ik vermaak me veels te goed. Oh wacht, mijn vriendin belt.” Jan belooft dat hij het niet vergeet: om twaalf uur vertrekt de trein richting schoonhouders. Hij gaat zo naar huis. Maar nu nog even niet. Jan kijkt schuin omhoog. Hoor je dat? Een verdieping hoger draait de Britse dj Lee Burridge Lost in a moment (2012), een van de laatste releases op het Berlijnse Innervisions label dat dit weekend de programmering verzorgt. Jan is naar eigen zeggen „de grootste Innervisions-fan die hier rondloopt”. „Echt, iedere week check ik op YouTube Ame-Innervisions, Dixon-Innervisions, Schwarz-Innervisions. En dan koop ik de platen. Ik denk dat ik alle releases van de afgelopen vijf jaar heb op vinyl.”

De Innervisions-dj’s staan bekend om hun marathonsets, waarbij ze tot wel zeven uur kunnen variëren in ritmes en genres. Alleen al daarom zijn die vrije openingstijden belangrijk. Al heeft Lee Burridge een verdieping hoger even een moeilijk moment. De dansvloer is half gevuld, een man of tweehonderd beweegt als zeewier op de plaats. Hoe is de sfeer? Krokant, zegt Elias Mazian. Hij heeft net gedraaid op Je Moedernacht op de NDSM-werf in Noord. Een grote groep bezoekers van het feest werd bij de deur van Trouw geweigerd: te grote ogen, te grote mond.

„Dat komt door de drugs natuurlijk, mensen willen door. Terwijl ik hier gewoon liever op een trapje wil praten en een beetje wil zoenen”, zegt Cas. Hij zit op de treden die de rookruimte verbinden met de dansvloer. Hij heeft een linnen tas om zijn schouder en wacht op vriend en dj Baikal, die tussen zes en negen ’s ochtends heeft gedraaid. Cas is blij dat het kan nu, vierentwintig uur door, maar vindt het beleid van de gemeente „micropolitiek”. „Eigenlijk probeert Trouw nu te doen waar een organisatie als GZG (Gasten Zonder Grenzen) al jaren mee bezig is geweest. Die hadden ook feesten die langer door gingen, ergens in een loods. Maar de gemeente heeft GZG kapotgemaakt. Ja, ze zijn gestopt met feesten geven, omdat ze niet groter wilde groeien, dat is het officiële verhaal. Maar ze kregen gewoon geen vergunningen meer. Dan kan Eberhard van der Laan hier wel een plaatje komen opleggen, maar ik vind het hypocriet. Waarom sommige clubs wel en andere niet?”

Thuishaven

Drugs zijn niet de essentie van vierentwintig uur feesten, legt Trouw-oprichter Olaf Boswijk later die zondagavond langs een afgeladen dansvloer uit. Boswijk rookt niet en drinkt vanavond nauwelijks. Hij ziet een club eerder als thuishaven. „Dat mensen die hier ’s ochtends binnenkomen gedragen worden door de energie van de mensen die hier al twaalf uur zijn, dat is toch fantastisch? Ik zou Trouw willen zien als een plek waar mensen problemen kunnen ontvluchten en zich kunnen gedragen zoals ze willen. Zich kunnen laten inspireren. Door allerlei ruimtes kunnen dwalen. En hopelijk met een beter gevoel weggaan dan ze binnenkwamen.”

De samenwerking met het Stedelijk Museum, dat kunst gaat exposeren in een ruimte beneden in de club, moet bijdragen aan het gevoel van vrijplaats. „Op die manier hoeven mensen geen kaartje te kopen voor het museum en brengen we kunst dichtbij voor een doelgroep die daar normaal misschien niet komt”, zegt Boswijk.

Als het gaat over de vierentwintiguursvergunningen wordt de vergelijking vaak gemaakt met Berlijn, waar de technoscene sinds de jaren negentig bloeit en nooit vaste sluitingstijden zijn geweest. Wordt Amsterdam ooit een concurrent voor Berlijn? Nee, zegt Innervisions-oprichter Dixon (Steffen Berkhahn). „Amsterdam is niet te vergelijken met Berlijn. Hier in Amsterdam zijn misschien vijf tot tien clubs van belang. In Berlijn zijn het er minstens vijftig. Er komen elk weekend 15.000 toeristen naar Berlijn om te feesten.”

Het nachtleven in Berlijn is organisch gegroeid tot de trekpleister die het nu is, zegt Dixon. Drie factoren speelden een grote rol: veel leegstand, weinig toezicht en de aanwezigheid van een grote groep creatievelingen die na de val van de Muur naar West-Berlijn trokken. De voorlopers van clubs die nu de grote trekpleisters zijn, ontstonden in de illegaliteit. Op feesten in parken, oude elektriciteitscentrales en lege ruimtes langs de Spree deelden gays, kunstenaars, creatievelingen en krakers de muziek.

Dat had niet gekund zonder de vrije openingstijden, denkt Nick Hoppner, oprichter van het Ostgut Ton label, die zit te eten in het restaurant van Trouw, na het draaien van zijn set. De sfeer in Trouw doet hem wel degelijk denken aan de Berlijnse Panoramabar, onderdeel van de oude elektriciteitscentrale die vroeger Ostgut heette en nu wereldwijd bekend is als de technotempel, Berghain.

Nog steeds maakt in Berlijn het grote aantal creatieven, freaks en werklozen dat je er makkelijk een groep vrienden kan optrommelen om twee weken lang te klussen aan een nieuwe club. Dat lukt niet in Amsterdam. Volgens Krisitan Beyer, medeoprichter van Innervisions, is dat ook niet erg. „Het was de eerste keer hier in Amsterdam. Mensen moeten weten dat ze hier terecht kunnen. Dat gaat niet overnight.”

Joey (23) gaat die avond, na 26 uur feesten,naar huis. De volgende ochtend pakt hij om negen uur de trein naar college in Maastricht. „Ik ben niets kwijt geraakt, behalve misschien mijn ziel”, schrijft hij de volgende dag in een Facebook-bericht. „Maar de gedachte aan gisteravond houdt me op de been.”

De volgende weekendmarathon in Trouw is op 29 en 30 juni. Inl: trouwamsterdam.nl