Vier uur om de vlucht te stoppen

Ook in Europa zijn belastingen een thema: in Brussel is er een top over. Eén probleem is er wel: Brussel heeft er eigenlijk niets over te zeggen.

Amper vier uur hebben de 27 Europese staatshoofden en regeringsleiders vandaag om twee vitale onderwerpen te bespreken. Eén: methodes om de enorme belastingontduiking in Europa te stoppen. Twee: een beter Europees energiebeleid, dat nu zó versnipperd is dat de prijs ervan nodeloos hoog uitvalt.

Over beide onderwerpen heeft Brussel helemaal niets te zeggen. Tegelijkertijd kunnen landen de groeiende energie- en belastingproblemen in Europa niet in hun eentje de baas. Ze móéten wel samenwerken.

De hoofdmoot van de top in Brussel vormt belastingontduiking. Dit thema zit in de lift sinds Amerikaanse onderzoeksjournalisten in april onthulden hoe bedrijven en individuen grootscheeps belastingen ontduiken door geld heen en weer te schuiven via belastingparadijzen (de zogenoemde offshore leaks).

Europa loopt per jaar 1.000 miljard euro belastinginkomsten mis. In crisistijd kunnen overheden dit geld goed gebruiken.

De 27 bespreken vandaag maatregelen die de Europese Commissie heeft opgesteld om belastingontduiking door multinationals te stoppen. Eén idee is om de term ‘belastingparadijs’ scherper te formuleren, binnen de EU en bij organisaties als de OESO, zodat meer regimes daaronder gaan vallen en er eventueel gezamenlijk boycots of sancties kunnen worden georganiseerd.

Een ander voorstel: agressieve belastingplanning stoppen, waarbij EU-landen bedrijven bij elkaar weglokken door met fiscale voordeeltjes te stunten. Elk land wil af van deze competitie, waarbij iedereen elkaar brood uit de mond stoot.

Deze situatie kan alleen veranderen als landen zelf actie ondernemen. ‘Brussel’ heeft niets over belastingen te zeggen. Het kan alleen aanbevelingen doen. Eind dit jaar wil de Commissie een herziening van de Europese moeder-dochter-richtlijn voorstellen, die nu teveel ruimte laat voor misbruik. Ook wordt een werkgroep van nationale ambtenaren versterkt, die belastingwetten in EU-landen bekritiseert waar andere EU-landen last van hebben.

Velen hopen dat een ander belastingonderwerp meer vuurwerk oplevert vandaag: automatische uitwisseling over alle bankgegevens van alle Europeanen, in welk EU-land ook. Tot nog toe blokkeren Luxemburg en Oostenrijk dit. Zij willen hun bankgeheim overeind houden. Vorige week hebben zij wel een belangrijke stap gezet: na een jarenlange blokkade hebben ze ingestemd met onderhandelingen tussen de EU en vijf jurisdicties buiten de EU over een soortgelijke automatische uitwisseling (Zwitserland, Liechtenstein, Andorra, Monaco en San Marino).

De andere 25 EU-landen voeren sindsdien de druk op Luxemburg en Oostenrijk op: als ze hierover wel onderhandelen met niet-EU-landen, waarom onderhandelen ze dan niet over zichzelf? In Oostenrijk heeft het bankgeheim emotionele waarde, maar het levert het land volgens specialisten weinig op. Maar Luxemburg leeft van de haute finance.

Luxemburg weet dat het binnenkort aan de Amerikaanse belastingdienst automatisch bankgegevens moet geven, anders mogen Luxemburgse banken geen zaken meer doen in de VS. Maar het wil het moment waarop het zijn bankgeheim ook in Europa opgeeft, zo lang mogelijk uitstellen. Aller ogen zijn vandaag gericht op de Luxemburgse premier Jean-Claude Juncker. Beweegt hij, of niet? Ingewijden konden vanmorgen niet zeggen of hij die stap vandaag zet, of niet.

Over energie, ook een nationale bevoegdheid in de Europese Unie, onderhandelen de regeringsleiders vandaag niet. Zo ver zijn ze nog lang niet. Maar een thematische discussie is meer dan ooit nodig. Koele berekeningen tonen namelijk aan dat Europa, omdat het een lappendeken is van nationaal beleid, zeer inefficiënt omgaat met energie.

De één wil schaliegas, de ander niet. Het ene land gaat nucleair, de ander focust juist op windenergie. Pijplijnen lopen kriskras door landen. Elk land is afhankelijk van wat de buren doen – toen Duitsland kernenergie afschafte, kwamen verschillende buurlanden meteen in de problemen. Echte gerichte productie in Europa, waarmee grote, grensoverschrijdende investeringen gemoeid zijn, komt niet van de grond.

De crisis maakt deze situatie nog een graadje erger. Zo zwabbert Europa rond en wordt het steeds afhankelijker van import. Een Europeaan betaalt steeds meer voor stroom of gas, een Amerikaan of een Chinees steeds minder. Stroomlijnen zou Europa competitiever maken, zeggen velen.