Iran mag alleen uit grijstinten kiezen

Zelfs ex-president Rafsanjani is geschrapt als kandidaat in de presidentsverkiezingen in Iran. Alleen de officiële lijn is verkiesbaar.

Iranian activists stage a protest against their government opposite Downing street in central London, the official residence of Britain's Prime Minister, Wednesday, May 15, 2013. The placards read in Farsi: ' My vote is: regime change', referring to the upcoming presidential elections in Iran, scheduled for June 14, 2013. (AP Photo/Lefteris Pitarakis)

Het Iraanse establishment, een groep radicale shi’itische geestelijken en commandanten van de revolutionaire garde, heeft gisteren laten zien geen enkele oppositie te dulden. Niet alleen werd de favoriete kandidaat van huidig president Mahmoud Ahmadinejad uitgesloten van deelname aan de presidentsverkiezingen van 14 juni, zelfs ex-president Akbar Rafsanjani, een hoofdrolspeler van de islamitische revolutie, mag niet meedoen. Ahmadinejad zelf mag na twee termijnen niet meer meedoen.

Gisteravond laat maakte de conservatieve Raad van de Hoeders van de Grondwet bekend dat de twee kandidaten, die beiden op hun eigen manier kritiek hebben op diegenen die het land achter de schermen besturen, niet geschikt zijn. De Hoeders zien conform de grondwet toe op het islamitisch gehalte van verkiezingskandidaten en wetsvoorstellen.

De beslissing heeft verregaande gevolgen. In één klap zijn nu de twee laatste facties die afwijken van de officiële lijn terzijde geschoven. Beroep tegen de beslissing is niet mogelijk, zo liet een woordvoerder van de Hoeders gisteren weten.

„Ieder die zich verzet tegen de beslissing zal worden weggevaagd door een golf van het volk”, zo zei de ultraconservatieve geestelijke Ahmad Khatami gisteren.

De kandidaat van Ahmadinejad, Esfandiar Rahim Mashaei, zei gisteren in een eerste reactie dat hij opperste leider ayatollah Khamenei om een interventie gaat vragen. „Deze afwijzing is onjuist, ik hoop dat hij ingrijpt.”

In 2005 gaf Khamenei het bevel om de hervormingsgezinde kandidaat Mostafa Mouin toch als kandidaat toe te laten na zijn afwijzing door de Hoeders. Mouin werd uiteindelijk vijfde achter onder anderen Ahmadinejad.

Bijna 35 jaar na de revolutie die de eerste islamitische republiek ter wereld stichtte, een experiment waar islam en democratie samenkwamen, wordt Iran straks naar het zich laat aanzien geregeerd door één groep die vrijwel alle machtscentra in handen heeft.

De kandidaten die wel mogen meedoen, geven de grijstinten weer waaruit de Iraniërs straks mogen kiezen. In totaal zijn er nu acht kandidaten, gekozen uit bijna 700 aanmeldingen. Drie van de kandidaten hebben directe banden met Khamenei, anderen roepen om het hardst dat ze „pionnen” van de opperste leider zijn. Er is slechts één kandidaat met een enigszins afwijkende agenda, Hassan Rouhani. Gezien het gebrek aan tolerantie van de machthebbers lijkt de kans dat hij eerlijk gekozen kan worden klein.

De belangrijkste vraag is wat president Mahmoud Ahmadinejad nu gaat doen. Zijn relatie met Mashaei, die door geestelijken ervan wordt beschuldigd een religieuze charlatan te zijn, heeft hem geïsoleerd. Zijn tegenstanders gaan vandaag de messen slijpen, want Mashaeis uitsluiting betekent dat de vertrekkende president geen opvolger zal hebben die hem een soort immuniteit kan geven.

Ahmadinejad heeft de afgelopen maanden andere Iraanse leiders van corruptie beschuldigd, en in het parlement een video laten zien van een broer van parlementsvoorzitter Ali Larijani die geld met zijn invloedrijke familienaam probeerde te verdienen.

„De president en zijn mensen zijn als een sekte, ze kennen geen compromis”, zei Ali Shakorirad, een hervormer. „Ik denk niet dat ze stilletjes van het toneel zullen verdwijnen.” Voor Rafsanjani, nu 78, is de laatste kans om terug te keren naar het presidentschap voorbij als de opperste leider hem niet alsnog laat meedoen. Over vier jaar is hij te oud. Het betekent dat ook zijn factie van pragmatici, professoren en zakenlieden sterk aan invloed zullen inboeten.

De val van Rafsanjani is ironisch voor jonge Iraniërs die hem hun hele leven als machtsfactor hebben gekend.

„Ze zeggen dat een revolutie zijn kinderen opeet”, zei Mehdi, een leraar. „Maar nu wordt de vader van de revolutie opgegeten.”