'De levens zijn hier van karton, flinterdun en kwetsbaar'

Opeens vaagde een tornado een deel van een voorstad van Oklahoma City weg. Inwoners van Moore zitten verslagen tussen de puinhopen. „Mensen houden geen rekening meer met tegenslag.”

Lily Raymond, 17, rushes to embrace her brother Ethan Raymond, 11, as a teacher escorts him away from Briarwood Elementary school after a tornado destroyed the school in south Oklahoma City on Monday, May 20, 2013. (AP Photo/The Oklahoman, Paul Hellstern)

Maandagmiddag om drie uur leefde John Rosser nog in de Amerikaanse droom. De metaalbewerker had zijn eigen woning in Moore, een voorstad van Oklahoma. Auto voor de deur, een tuin. Om tien over drie was hij een dakloze, met zijn auto, een zak kleren en wat proviand als laatste bezit. Zijn drie kinderen, 7, 8 en 10 jaar, sleept hij rusteloos van parkeerplaats naar parkeerplaats. „Ik weet niet wat ik moet voelen”, zegt Rosser. „Verdriet om alles wat we kwijt zijn, of blijdschap dat we elkaar nog hebben.”

De alleenstaande John Rosser en zijn kinderen hebben geluk gehad. Hij had een klus buiten de stad. Zijn kinderen had hij die dag bij familieleden ondergebracht, omdat er tornadowaarschuwingen waren. De school, Plaza Towers, stortte even na drie uur volledig in. Er waren circa 75 kinderen binnen, zeker zeven kinderen verdronken toen de schuilkelder onder water kwam te staan. Enkele kinderen worden nog vermist. Dochter Jada (8) kent er twee, zegt ze, onder wie haar vriendin Cindy. „Die vinden ze wel weer”, zegt John Rosser snel. Ja, zegt Jada. Ze draait zich om en zoekt op de parkeerplaats verder naar speelgoed dat uit de hemel is gevallen. Later op de dag zegt burgemeester Glenn Lewis dat alle vermisten terecht zijn.

Tornado Alley, noemt Larry Brake, een inwoner van Moore, zijn straat. Evenals in de rest van de stad, is er van zijn straat, 7th street, vrijwel niets meer over. Brokstukken van hout, piepschuim en dakpannen verraden de plekken waar de huizen stonden. De bomen zijn nu kaal. Op de grond liggen elektriciteitskabels. Gesprongen leidingen veranderen de straten in rivieren.

Het huis van Larry Brake staat, als enige in zijn straat, nog min of meer overeind. Hij is woninginspecteur en kende trucjes om zijn huis te versterken. Brakes huis is slechts aan één kant zwaar beschadigd. Binnen ligt overal glas en puin. Hij opent de deur van de bezemkast. „Hier heb ik me verstopt. Ik dacht: als het huis het houdt, kan ik overleven.”

Brake, een grijzende, gedrongen man, wordt niet treurig van de schade aan zijn huis. Wat hem echt pijn doet, zegt hij, zijn de spullen die hij in zijn tuin vindt. De tornado zoog bezittingen van mensen kilometers met zich mee, om ze zomaar weer te laten vallen. Brake vond brieven, een wijnglas, en een restant van een stickerboek met plaatjes van American Football-spelers. „Mijn zoons spaarden die plaatjes ook toen ze jong waren, het was hun leven. Ergens is een jongetje diep verdrietig om het verlies van dit boek. Dat is in een kinderleven erger dan een huis verliezen.”

Moore, een rustige voorstad van Oklahoma City, is gewend aan tornado’s. Ze komen in dit seizoen, als koude en warme lucht botsen, elk jaar wel voor in Oklahoma.

Zo raasde er in 1999 ook al een extreem sterke tornado langs hetzelfde pad, precies over Moore. Toen vielen er 36 doden. En toch kwam de kracht van de tornado van afgelopen maandagmiddag voor de 55.000 inwoners als een totale verrassing. Het was een zeldzame EF-5, een tornado uit de zwaarste categorie.

Veertig minuten duurde het inferno. Zeker 24 mensen kwamen om het leven, van wie negen kinderen – een lager dodental dan het aanvankelijk geschatte aantal van 91. Zo’n 250 mensen raakten gewond. Zeker vijftienhonderd huizen zijn totaal verwoest. De tornado koos een eigen pad, en trok een eigenzinnig spoor van vernieling. Zo kunnen huizen aan de ene kant van de straat onaangeroerd zijn, terwijl er aan de overkant niets meer overeind staat.

Ondanks het tornadoseizoen leek Moore verrast door de plotselinge kracht van deze tornado. De inwoners kregen een half uur voordat de tornado aankwam een waarschuwing van de gemeente om weg te gaan, of dekking te zoeken. „Het was puur een kwestie van geluk. Wegkomen kon niet meer”, zegt Tyler Owens, een jonge winkelbediende.

Owens kreeg de tornadowaarschuwing veel te laat, zegt hij. „Ik had nog een half uur, en zag meteen al dat er files stonden van vluchtende mensen. Dat is veel gevaarlijker dan thuisblijven, dacht ik. Ik heb dus maar dekking gezocht tegen de muur aan.” Owens’ huis bleef grotendeels gespaard.

Toen Tyler Owens onlangs ging samenwonen met zijn vriendin, verruilde hij de stad, Oklahoma City, voor het rustige Moore. „Ik was de straatbendes zat, de drugsdealers, het lawaai. Ik wilde een rustig leven: naar de drive-in bioscoop, barbecuen in de tuin.”

Het is het verhaal van vrijwel alle inwoners van Moore. De voorstad beantwoordt aan het beeld van de Amerikaanse droom: ook met weinig geld kunnen Amerikanen zich hier rust en een vrijstaand huis veroorloven. Deze wens heeft sinds de jaren zestig overal in Amerika voor een enorme groei van suburbs gezorgd. Misschien wel om die reden komt de klap van Moore extra hard aan in de Verenigde Staten: de slachtoffers zijn geen arme sloebers (orkaan Katrina) of progressieve New Yorkers (orkaan Sandy).

Het zijn doorsnee Amerikanen, met een voor velen herkenbaar ideaal. Hoe kwetsbaar dat ideaal is, werd deze week duidelijk. Als de zekerheden wegvallen, is er geen vangnet. Veel getroffenen hebben al hun geld in hun huis gestoken, en zijn niet verzekerd tegen natuurrampen. Duizenden inwoners van Moore zullen helemaal opnieuw moeten beginnen.

Larry Brake, de woninginspecteur, zegt het zo: „Het leven van de mensen hier is van bordkarton. Flinterdun en kwetsbaar, zo als hun huizen. Ze denken dat ze alles geregeld hebben, maar ze zijn niet voorbereid op rampspoed.” Brake neemt de schade op in zijn straat. „Kijk”, zegt hij, „ook dit huis is van hout, met een bakstenen façade. De wind is tussen hout en bakstenen gekomen, en heeft het huis zo opgetild en verwoest. Het huis leek mooi, maar het stelde niks voor. Mensen houden geen rekening meer met tegenslag.”

Als het donker wordt, rond een uur of acht, zitten John Rosser en zijn kinderen nog altijd op een parkeerplaats. Rosser zit op de motorkap, en eet een gratis uitgedeelde maaltijd.

Op de snelweg waar Rosser op uitkijkt, staan inmiddels files. Mensen uit alle delen van Oklahoma brengen eten en speelgoed naar Moore.

Rosser weet niet wat hij moet doen, zegt hij, plukkend aan zijn baard. „Ik kan bij een neef slapen, maar die ken ik niet zo goed. Ik kan naar een kerk gaan, waar ze opvang bieden, maar ik wil geen hulp vragen.” Dan neemt hij een besluit en staat op. ,,We slapen een nachtje hier, in de auto.”