Big Mac wordt Bug Mac

De Verenigde Naties riepen vorige week op om meer insecten te eten Dé oplossing voor het voedsel- en klimaatprobleem En nog lekker ook

Bug mix canapé - fried cicadas, boiled vespa mandarinia, boiled and sweetened soy sauced grasshopper at a bug eating party in tokyo, Japan. The bug eating movement is gaining in popularity in Japan where bug eating gourmet cooking parties are sold-out. The insects are seen as the ultimate challenge in the world's gastronomical capitol but alo seen as an important alternative source of protein for the future and even the Japanese Space Program is looking intot eh use of using insects as food in space travel.

Kookcolumnist

Het is een oplossing voor het wereldwijde voedselprobleem en een antwoord op de klimaatproblematiek: eet geen vlees, consumeer in plaats daarvan voedzame insecten. De Food and Agriculture Organization (FAO) van de Verenigde Naties verleende vorige week officieel gewicht aan deze mening, die weliswaar veelgehoord maar veelal net zo goed vrijblijvend is. De FAO wil het kweken van insecten met raad en daad bijstaan. Goed plan, maar het wachten is op de consument.

De FAO staat niet alleen. Nota bene een groep Nederlandse pleitbezorgers, onder wie entomologen Arnold van Huis en Marcel Dicke en kookdocent Henk van Gurp laten al jaren van zich horen op het terrein van het consumeren van insecten.

Reken maar even mee, zegt Van Huis, die net als Dicke verbonden is aan de Universiteit Wageningen. „Om één kilo biefstuk te maken, is ongeveer 25 kilo voer nodig. Voor bijvoorbeeld één kilo krekels volstaat 2,1 kilo.” Dat zijn klinkende cijfers, vooral wanneer de verwachte stijging van de rundvleesprijzen wordt ingecalculeerd. „Wanneer de Big Mac 100 dollar gaat kosten en de Bug Mac maar 5 dollar, moet je eens kijken hoe hard het gaat.”

Even spectaculair is het voordeel van insecten boven vlees als voeding bij het bestrijden van broeikasgassen. „De uitstoot is bij de eetbare insecten, waarvan wij de consumptie voorstellen, zeker honderdmaal kleiner dan bij runderen.”

Dat is een waardevrije wetenschappelijke conclusie. En toch is de gemiddelde Europeaan, Rus of Amerikaan met geen stok aan het eten van sprinkhanen te krijgen. Ook meelwormen, kevers of geleedpotigen als de spin wil niemand op zijn bord. Van Huis: „Dat wordt allemaal veroorzaakt door het psychologische aspect.”

Waar die afkeer vandaan komt, is eenvoudig. Het antwoord zit in dezelfde hoek als dat op de vraag waarom mensen vinden dat bedorven eten zo stinkt of waarom wij buikpijn krijgen van steile afgronden: afkeer is een alarmsignaal. Ravijnen kunnen even dodelijk zijn als verrot voedsel. Insecten associëren we met aangevreten dode dieren onder zwermen bromvliegen. Met het krioelend gezwiffelte onder een stoeptegel. Van Huis: „En toch is dat volstrekte onzin. Slechts 0,2 procent van de insecten is bijvoorbeeld schadelijk. De overgrote meerderheid van de insecten is nuttig, denk maar aan zijderupsen, bestuivers, vuilopruimers, sluipwespen in de landbouw, enzovoorts.” Maar, hij geeft toe dat een instinctief ingesleten fobie zich lastig met dorre cijfers laat wegredeneren.

De negatieve associatie is ook anders te relativeren. We eten wel garnalen en krabben, graag zelfs, terwijl dat toch ook geleedpotigen zijn. En wat mensen zich ook niet realiseren, is dat ze nu al veel insecten eten. Er zijn voedselkleurstoffen gebaseerd op insecten. En de industriële productie van groente en fruit brengt met zich mee dat rupsjes en torren en zo in het vruchtensap en de pindakaas zitten. Daar zijn gewoon normen voor.”

Van Huis ziet intussen dan ook tot zijn genoegen in Europa en de VS haarscheurtjes in de publieke weerzin tegen het eten van maden, torren en andere kruipers. „De kok van Noma, het beroemde restaurant in Kopenhagen, verwerkt Deense mieren in sommige gerechten. In Italië is er een kok die sprinkhanen aan spiesjes rijgt en roostert. Het begin is er dus.”

Goed, er is een culinaire avant-garde van insecteneters. Maar hoe komt het ooit, zoals de FAO nu ook wil, tot een doorbraak? „Ik denk dat we insecten moeten presenteren als delicatesse. In de tropen zijn insecten al een traktatie. Ze zijn daar ook redelijk aan de prijs.” Dat insecten aan seizoenen zijn gebonden kan helpen ze als iets exclusiefs te verkopen.

Opvallend is dat de weerzin niet ieder mens ingebakken is. In Azië en Afrika doen ze nergens moeilijk over. Op menige Thaise of Cambodjaanse markt ligt in de kramen een groot scala aan eetbare insectensoorten, en soms ook spinnen. „Je treft er zelfs kakkerlakken. Sommige insecten en spinnen smaken echt meer dan uitstekend.”

Maar de verrijking van de Cambodjaanse nationale keuken met geleedpotigen is nu net een ongelukkig voorbeeld. Toen de Rode Khmer de radicale communistische politiek over het land uitrolde en iedere vorm van beschaving begon uit te roeien, nam de hongerige bevolking haar toevlucht tot alternatieve voedselbronnen. Vandaar die spinnen en die kakkerlakken. Ze beklijfden als voedsel. En dat zou als het aan Van Huis ligt, hier ook kunnen, moeten gebeuren. Het kan dus even duren. Maar hier en daar in Wageningen geloven ze er heilig in dat de doorbraak die de FAO voor zich ziet, er uiteindelijk ook werkelijk komt.