Onderzoek nodig naar rol van Jeugdzorg

Geen enkele overheidsinstantie kan gezinsdrama’s ooit voorkomen. Toch is de vondst van (hoogstwaarschijnlijk) de lichamen van de broertjes Ruben (9) en Julian (7) in een sloot bij het Amsterdam-Rijnkanaal aanleiding om de rol van Jeugdzorg opnieuw kritisch tegen het licht te houden. Het ziet er immers naar uit dat de jongens voorafgaand aan een aangekondigde ondertoezichtstelling door hun vader om het leven zijn gebracht. Intussen was Jeugdzorg al sinds 2009 op de hoogte van huiselijk geweld en mogelijke mishandeling van Ruben, zo blijkt uit een reconstructie in NRC Weekend.

De vraag is daarom gerechtvaardigd of Ruben en Julian nu in hetzelfde rijtje thuishoren dat door Talysa (2007), Gessica, (2006) Savanna (2004) en Rowena (2001) wordt gevormd. Allen jonge kinderen die stierven door ouderlijk geweld ondanks intensieve betrokkenheid van Jeugdzorg.

Of was de dood van deze jongens een niet te voorziene, impulsieve uitbarsting van geweld door een ouder tegen zijn kinderen? Eerder vergelijkbaar met de zes kinderen in Roermond, die in 2002 stierven in de woning die door hun overspannen vader in brand werd gestoken?

Voorlopig lijkt het meer op het eerste, al was het maar omdat Jeugdzorg en andere instanties al sinds 2009 met dit gezin in de weer waren. De Raad van de Kinderbescherming kwam al in januari tot een hard oordeel over de hulp die het gezin in de afgelopen vier jaar kreeg. De meer dan tien hulpverleners en instanties waren er in die tijd niet in geslaagd hun hulp aan het gezin onderling af te stemmen. Daardoor was het effect van hun inspanning ‘zeer klein’. Dat alleen al is een teken van nalatigheid. Ook voorafgaand aan de gewelddadig dood van Savanna, Gessica, Rowena en Talysa waren er immers grote afstemmingsproblemen bij hun hulpverleners, zo bleek steeds uit intern onderzoek. Het ontbrak daar aan sturing, controle en reflectie. Er werden beoordelingsfouten gemaakt en langs elkaar heen gewerkt – men was onvoldoende doortastend en zag de veiligheidsrisico’s niet. Het akelige vermoeden rees dat deze kinderen te redden waren geweest.

Of dat ook voor Ruben en Julian zou gelden, is niet duidelijk. Maar dat ook dit drama een diepgaand onderzoek vraagt naar de zorg voor en toezicht op dit gezin is wel duidelijk. Werden de angsten van de moeder en het vermoeden van mishandeling voldoende serieus genomen? Was hun dood te voorzien geweest?

Bij zo’n onderzoek moet een bredere context niet worden geschuwd. Als ook dit drama systeemfouten aan het licht brengt kan een parlementair onderzoek naar Jeugdzorg niet meer worden afgewimpeld.