Geweldsgolf in Irak eist 95 levens

De golf van geweld die de laatste maanden over Irak spoelt heeft gisteren zeker 95 mensen het leven gekost. Zij werden gedood bij meer dan tien bomaanslagen over het hele land. In totaal zijn de afgelopen week meer dan 240 doden gevallen. Belangrijkste doelwit waren ook gisteren weer shi’ieten. De verantwoordelijkheid werd toegeschreven aan de extremistische sunnieten van Al-Qaeda-in-Irak en verwante groepen. Deze hebben de laatste maanden aan kracht gewonnen.

Het geweld heeft plaats tegen de achtergrond van de hoofdzakelijk sunnitische opstand in het buurland Syrië en de groeiende onvrede onder de sunnitische minderheid, die zich gemarginaliseerd voelt door de shi’itische meerderheid. De afgelopen maanden zijn tienduizenden sunnieten de straat opgegaan om het aftreden van de shi’itische premier Maliki te eisen. Legeringrijpen tegen betogers in de noordelijke stad Hawijah waarbij vorige maand dertig doden vielen, leidde tot verdere gewapende confrontaties tussen leger en betogers. Mede daardoor steeg in april het aantal doden door geweld tot 460, bijna twee keer zoveel als de maanden daarvoor.

Maliki probeerde gisteren angst onder burgers weg te nemen dat het land weer afstevent op burgeroorlog, zoals in de periode 2006-2008. Hij verzekerde „het Iraakse volk dat [de opstandelingen] niet in staat zijn ons terug te stoten in het confessionele conflict” van die tijd. (AP, AFP)