Bijltjesdag voor Nederlands pensioen

De staatskas moet op orde, maar niet ten koste van de Nederlandse pensioenen, meent Erik Kok. Er is volgens hem een prima en ook betaalbaar alternatief.

De komende dagen wordt ons Nederlandse pensioen haast ongemerkt aangevallen door een plan van Rutte-II. Een plan met een uitstekend doel: de staatskas op orde brengen. Maar een complex plan, dat daardoor te weinig ruchtbaarheid krijgt. Een plan dat dramatische gevolgen zal hebben voor de pensioenen van zeven miljoen Nederlanders. De opbouw van het pensioen wordt verplicht verlaagd van 2,25 procent naar 1,75 procent. Kleine getallen met enorme gevolgen. De afbraak van 25 procent van ons pensioenstelsel.

In april gaven bijna 25 ondernemingsraden namens honderdduizenden werknemers van grote Nederlandse bedrijven als TNT, PostNL en Ahold een noodsignaal af: Nederlanders willen geen kwart van hun pensioen inleveren om het begrotingstekort met twee miljard euro terug te dringen. Zoveel schade aan ons pensioen is onacceptabel.

Sommige rekenaars voorspellen een veel kleinere verlaging van het pensioen. Zij rekenen echter met een pensioenleeftijd van 71 jaar, zo bleek ons recentelijk. Een leeftijd waarvoor in Nederland volgens ons geen draagvlak bestaat. Vandaag presenteren wij daarom een alternatief. Want dat het begrotingstekort omlaag moet, dat begrijpen wij ook.

Wij hebben de afgelopen weken de pensioenwoordvoerders van de meeste politieke partijen gesproken. Geen van hen gaf aan de verlaging van de pensioenopbouw op het wensenlijstje te hebben. De reacties lopen uiteen van ‘Wij hebben het niet bedacht’, via ‘Kost het echt 23 procent van het pensioen?’ tot ‘Het is een draconische maatregel’.

En de weerstand beperkt zich niet tot de politiek. De leden van de bonden lijken in meerderheid tegen het plan te zijn en zullen heel binnenkort van zich laten horen. Als vakbonden luisteren naar hun leden, dan zullen ze het huidige voorstel niet kunnen ondertekenen. FNV Jong zegt nee, CNV Jongeren zegt nee. Werkgeversvereniging VNO-NCW zegt dat zij het zeker niet bedacht heeft. Deze polderpartijen worstelen nu met alternatieven, maar geven zelf aan dat ze er niet uit komen. Met 250 miljoen euro valt een verlaagde pensioenopbouw van negen miljard per jaar ook niet te repareren.

De Pensioenfederatie is negatief. De Raad van State zet grote vraagtekens. Verenigingen van ouderen en gepensioneerden (bijvoorbeeld Stichting Pensioenbelangen, ANBO, KNVG) zijn ook fel tegen. Specialisten, pensioenbestuurders en hoogleraren die wij spraken bevestigen ons: „Dit is een plan met verstrekkende gevolgen”.

Hoe dan wel? Moet het bedrijfsleven het dan maar opbrengen? Dieper snijden in de zorg? Nee. Wij hebben gewerkt aan een oplossing die wél twee miljard per jaar oplevert, maar voorkomt dat de Nederlander over dertig jaar merkt dat zijn pensioen maar de helft van zijn eindloon is. De oplossing is stil makend in haar eenvoud.

Particulieren betalen sinds 2001 vermogensrendementsheffing. Een bijdrage van 1,2 procent over het vermogen, omdat je daar nu eenmaal rendement op kunt maken. Pensioenfondsen maken ook rendement op hun vermogen, de laatste vier jaar meer dan tien procent per jaar. Maar zij betalen nog geen vermogensrendementsheffing. Met een bescheiden heffing van 0,2 procent op het vermogen van onze pensioenfondsen bereiken we hetzelfde financiële doel. Ja, het kost een stukje dekkingsgraad, maar dan gaat het om 0,17 procent per jaar. Hiermee kan elk fonds rekening houden bij het vaststellen van de premie, die er overigens nauwelijks van zal stijgen.

Lans Bovenberg, hoogleraar economie te Tilburg, noemt het een „interessant voorstel, dat de fiscale neutraliteit tussen verschillende spaarvormen bevordert”. Het heeft volgens hem budgettair hetzelfde effect als het kabinetsvoorstel. Het Deense pensioenstelsel, verkozen tot het beste stelsel ter wereld, kent al een soortgelijke heffing, zo merkt Bovenberg op.

Morgen geven alle politieke partijen in Den Haag hun zienswijze over dit kabinetsplan. De keus is of zij een voornemen met deze ongekend grote gevolgen toch maar doorzetten, of dat ze dit nog kunnen ombuigen naar een beter plan. Naar een logische en eenvoudig in te voeren rendementsheffing op pensioenvermogens. Zes maal lager dan wat particulieren betalen. Wij hebben vooralsnog niemand kunnen vinden die zegt voorstander te zijn van het kabinetsplan zoals het er nu ligt. Wij hebben ook nog niemand kunnen vinden die ons alternatief met goede argumenten van tafel heeft geveegd. Wij hebben goede hoop dat Den Haag de komende dagen verstandig zal kiezen.

Erik Kok is verbonden aan de Verenigde Ondernemingsraden, waarbij (centrale) ondernemingsraden zijn aangesloten van bedrijven als DAF Trucks, Unilever, Shell e.v.a.