Niet lullen, maar poetsen

Lee Towers: er valt een traan op mijn broodje bal.

Het uur van de wolf: Lee Towers - The voice of Rotterdam Ned. 2, 20.15 - 22.00 uur

Van een comeback is geen sprake, liet hij onlangs weten. „Ik ben nooit weggeweest.” Toch staat de Rotterdamse zanger Lee Towers de laatste maanden opvallend vaak in de volglichten. Vorige maand trad hij drie avonden op in Rotterdam en in januari kreeg de documentaire Lee Towers, The Voice of Rotterdam de publieksprijs op het Internationaal Filmfestival Rotterdam. Die documentaire wordt maandag op televisie vertoond.

In alles doet deze film van Hans Heijnen denken aan die andere veelgeroemde documentaire over die andere veelgeroemde zanger: Andre Hazes. Ook Lee Towers is een selfmade man – hij komt uit een arm, zwaar christelijk gezin. „Ik had niks en ik mocht niks.” Ook Lee Towers maakte het op eigen kracht, met hulp van een eveneens zeer toegewijde vrouw: echtgenote Laura. En ook Towers woont in een wit ingericht interieur, een appartement in Scheveningen, maar blijft een ‘gewone jongen’.

Dat alles wordt met humor gebracht, maar roept toch vooral grote ontroering op – en nergens wordt het uitlachen. Dat is misschien nog wel de grootste verdienste van documentairemaker Heijnen. Want er is niets makkelijker dan een zanger vlak voor zijn optreden op het Megapiratenfestival achter een broodje bal te kakken te zetten.

Lee Towers zelf laat vooral een enorme bewijsdrang en gedrevenheid zien, gecombineerd met een vreemde mengeling van Rotterdamse nuchterheid en zuidelijker gelegen emoties en tranen. Er wordt gehint op slechtere perioden in zijn leven (hij verloor zijn broer en schoondochter in een ongeluk), maar altijd wordt het adagium ‘niet lullen maar poetsen’ uitgedragen. Al loopt Lee Towers inmiddels niet meer even makkelijk, en moet hij het strikken van zijn vlinderstrik aan anderen overlaten.