Minder overheid zou de zorg al helpen

Meer kwaliteit in de zorg? Dat is vechten tegen bezuinigingen, en vooral tegen bureaucratie. De Tweede Kamer hoorde deze week zorgverleners.

Je had er een touringcar mee kunnen vullen, de bestuurders, thuishulpen, werkgevers en deskundigen van de zorgsector die deze week uitgenodigd waren door de Tweede Kamer. Zij mochten uitleggen wat de hervormingsplannen en bezuinigingen in de langdurige zorg betekenen. Maar hun boodschap ging vooral over de strijd die zij telkens moeten leveren: vechten tegen het monster dat overheid heet.

„Ik zie de regels iedere dag toenemen”, verzuchtte Hanneke Kooiman van de Carante Groep, actief in de gehandicapten- en ouderenzorg. „Iedereen die ons toetst, wil dat we opschrijven hoe we aandachtige zorg geven. Wij zijn voortdurend aan het schrijven.” Het doet denken aan de manier waarop in de kinderopvang ‘kwaliteit’ wordt getoetst: veel controle op de aanwezigheid van protocollen en andere vastgelegde procedures.

Hans van Putten, oprichter van de Thomashuizen, de succesvolle kleinschalige woonvorm voor verstandelijk gehandicapten, deed een dringende oproep aan de politiek om terug te treden. „Vijf jaar terug kregen wij 5 procent geld erbij, maar het jaar erop was dat weer weg. Geef het dan alsjeblieft niet. Hou daar nou eens mee op.”

Wat staatssecretaris Martin van Rijn (Zorg, PvdA) het afgelopen jaar achter de schermen deed, deden de parlementariërs donderdag en vrijdag in de publieke arena van het Binnenhof: informeren wat de problemen zijn in de langdurige zorg en hoe die het beste opgelost kunnen worden. En natuurlijk de plannen van het kabinet zelf. Van Rijn wil de komende jaren 3,4 miljard euro besparen op de uitgaven aan ouderen- en gehandicaptenzorg. De scherpste randjes van zijn sanering haalde hij er vanaf met een ‘Zorgakkoord’. Daarin beloofden werknemers en werkgevers loongroei te matigen in ruil voor minder harde ingrepen. Maar de vraag is wel hoe realistisch dat is, vroeg CPB-onderzoeker Paul Besseling zich donderdag af. Meer zorg leveren met minder budget, hoe doe je dat?

Waarom valt u ons lastig met al die technische kwesties, was vrijdagochtend een veelgehoord verwijt van professionals uit de zorg aan de Kamerleden. „Je moet ons niet vermoeien mat audits en controles. Dat levert geen kwaliteit op, alleen maar bureaucratie”, zei Marjolein van Bommel van zorgreus Careyn. „Neem de meldcode kindermishandeling. Dat is een protocol dat heel veel verantwoording vergt. Maar dat heeft weinig te maken met kwaliteit van de zorg.”

Het kabinet wil de toegang tot verzorgingstehuizen moeilijker maken, want permanente opvang is duur. Alsof mensen graag naar het verzorgingstehuis gaan, zei een welzijnswerker. „Ik heb nog nooit iemand meegemaakt die zegt; Yes! Ik mag naar het verzorgingshuis.”

Maar de drang om te bezuinigen is vanuit het oogpunt van het kabinet begrijpelijk. Deze week maakt het Centraal Bureau voor de Statistiek bekend dat de kosten in de langdurige zorg vorig jaar met meer dan 10 procent stegen (in een economie die 1 procent kromp). Veel bezoekers in Den Haag vonden het idee achter de brief van Rijn dan ook wel oké.

Hanneke Kooiman wijt de kostenexplosie juist aan de complexiteit van het systeem en de continue wijzigingen. Het huidige kabinet wil een groot deel van de uitvoering van de langdurige zorg naar de gemeentes overhevelen en herintroductie van de wijkverpleging. Kooiman: „Het stikt nu bij ons van de adviseurs die weten hoe je met wethouders moet omgaan en het wemelt bij ons van de workshops over wijkteams.”