De onvermijdelijke fusie van Ziggo en UPC

Kabelmaatschappij Ziggo bekroonde een geslaagde fusie met een succesvolle beursgang. Maar hoe lang blijft Ziggo zelfstandig, met de nieuwe aandeel- houder Liberty Global hijgend in de nek?

Foto Shutterstock, bewerking NRC Fotodienst

Het is middenin de nacht van woensdag 27 maart als de top van kabelmaatschappij Ziggo wakker wordt geschud. Andy Sukawaty, de voorzitter van Ziggo’s raad van commissarissen, krijgt het eerste telefoontje uit Londen en belt dan meteen financieel topman Bert Groenewegen uit zijn bed. Het bericht: Liberty Global (LGI), het moederbedrijf van de Nederlandse kabelmaatschappij UPC, is in één klap de grootste aandeelhouder van Ziggo.

De volgende ochtend is er kort overleg op het Utrechtse hoofdkantoor van Ziggo. Geen paniek over een dreigende overname, eerder de sobere vaststelling van het onvermijdelijke: kabelmaatschappijen, met hun regionale grenzen, zijn voorbestemd samen te gaan.

Zo gaat het sinds de jaren negentig, toen gemeenten hun centrale antenne-inrichtingen te koop zetten. Industriële logica, in de woorden van Bert Groenewegen. „Op de hockeyclub bij mij in het dorp zit een Ziggo-medewerker die al 25 jaar hetzelfde werk doet voor een bedrijf dat acht keer van eigenaar veranderde.”

In de kabelsector is het ons kent ons. De Ziggotop heeft met alle aandeelhouders contact, maar niet met LGI. Dat hoeft ook niet, zegt Groenewegen: „Zij kennen ons, wij kennen hen. En we weten wat ze willen.”

En dat is: Ziggo overnemen en de laatste twee grote kabelmaatschappijen in Nederland samenvoegen. Het sluitstuk van een decennia durende consolidatieslag. Aanvankelijk had LGI 12,6 procent, begin mei was het al 18,2. Bij 30 procent volgt een volledig overnamebod.

LGI zegt dat er geen plannen zijn voor Ziggo. „Dit was een deal die we niet konden weigeren.” Dat laatste klopt – dankzij een inschattingsfout van zakenbank Barclays. Maar LGI is wel degelijk gespecialiseerd in het samenvoegen van Europese kabelaars.

De totstandkoming van Ziggo liet LGI over aan anderen. Dat is begrijpelijk als je bedenkt hoe moeizaam de Ziggopuzzelstukjes in 2006 werden samen geschoven. Dat was het jaar dat risico-investeerders Warburg Pincus en Cinven de Nederlandse kabelaars Casema en @Home kochten. Een jaar eerder hadden ze Multikabel overgenomen.

Het zou nog tot 2008 duren voordat de drie kabelaars zouden zijn samengevoegd tot Ziggo. De grootste kabelmaatschappij van Nederland beleefde een dramatische start, met storingen, overbelaste helpdesks en fouten in de automatisering.

Toen Bert Groenewegen in 2010 overstapte van uitgeverij PCM naar Ziggo, trof hij een bedrijf aan dat zwaar in de schulden zat, leningen had bij een groot aantal banken en hoge rentes betaalde – tot 11 procent. „Onze eerste taak was de kapitaalstructuur verbeteren en geschikt maken voor een beursgang.”

De cijfers van Ziggo vielen aanvankelijk tegen, doordat de fusiekosten nog op de begroting drukten. Pas vanaf 2010 toonde de kabelmaatschappij omzetgroei. Groenewegen: „Toen was de fusie achter de rug en konden we ons op de markt storten.”

De kabelaar plukte de vruchten van de zogeheten Docsis 3.0-technologie, waardoor de coaxkabel snellere internetverbindingen kan leveren dan de koperlijn van KPN. Dat leverde Ziggo breedbandklanten op, ook omdat KPN geen haast maakte met zijn snelle glasvezelnetwerk.

Voor de private equity-partijen brak het moment aan om eruit te stappen. Zodra Ziggo aanstalten maakte voor een beursgang, toonde Liberty Global belangstelling. Liberty Global had al overnames in Zwitserland en Duitsland gedaan, maar deed op het laatste moment geen bod op Ziggo.

Ziggo ging op 30 maart 2012 naar de beurs met een beginkoers van 18,50 euro. Nu staat het aandeel op 28,50 euro; afgelopen maand verkochten Warburg Pincus en Cinven hun laatste portie. Dat lijkt een probleemloze exit, zij het dat Ziggo deels in handen kwam van een branchegenoot met fusieplannen. Toch was de samenwerking tussen de risico-investeerders en de leiding van Ziggo hecht, zegt Bert Groenewegen.

Dat was een heel andere situatie dan bij uitgeverij PCM, waar risico-investeerder Apax het bedrijf met een schuld van 400 miljoen euro achterliet. „De deelname van Apax in PCM was opportunistisch, op het moment dat de advertentiemarkt op een dieptepunt was. Apax hoopte dat de markt zou aantrekken en bemoeide zich amper met het bedrijf.”

Bij Ziggo hebben Warburg Pincus en Cinven een behoorlijk risico genomen, zegt Groenewegen. „De commissarissen zaten ook dicht op de bedrijfsvoering: elke maand vergaderen en wij kregen hulp bij herfinanciering.” De aandeelhouders waren bijna net zo betrokken bij de fusie als de Ziggomedewerkers zelf.

Wat gebeurt er nu met Ziggo? De huidige topman, Bernard Dijkhuizen, wordt in januari 2014 opgevolgd door René Obermann van Deutsche Telekom. Financieel directeur Bert Groenewegen blijft naar eigen zeggen aan – Ziggo moet de komende tijd nog 2 miljard euro herfinancieren.

Of Liberty Global haast maakt met een fusie tussen Ziggo (2.400 werknemers) en UPC (1.900) hangt af van de vraag of er nog geld over is na LGI’s overname van het Britse Virgin Media (12,3 miljard euro).

Die overname toont aan dat de Europese telecomindustrie snel samensmelt, waarbij het onderscheid tussen vaste en mobiele netten verdwijnt. De scheidslijn tussen content en netwerk is al vervaagd: providers hebben belang in tv-zenders, zoals LGI’s Chellomedia en Ziggo’s joint venture met betaalzender HBO.

Er is nog een kentering gaande die de kabelaars tot consolidatie zal dwingen. Zowel UPC als Ziggo raken tv-klanten kwijt aan glasvezel. Om klanten te behouden, verhogen ze hun internetsnelheden en breiden ze hun netwerk uit met een mobiel net op basis van gedeeld wifi bij klanten.

Deze technologie is bedoeld voor internet en tv, nog niet voor telefonie. Maar UPC en Ziggo werken wel samen en boden via een joint venture op mobiele frequenties.

Op het vaste net komt de technologie van de kabelaars bij elkaar: er gaat minder via de decoder en meer via het web. Een fusie van de laatste twee grote Nederlandse kabelnetten lijkt daardoor minder complex dan het samensmelten van drie kabelaars in Ziggo, vijf jaar geleden.

Ziggo zou ook zelf meer klanten kunnen winnen. Bijvoorbeeld door volwaardige mobiele telefonie aan te bieden via het netwerk van Vodafone. In België heeft kabelaar Telenet met die formule succes.

Ziggo zou zijn tv-diensten aan kunnen bieden via glasvezel, zegt Tim Poulus van onderzoeksbureau Telecompaper. Zelfs al is het glasvezelnet van Reggefiber – grotendeels eigendom van KPN. Poulus: „Ziggo is pragmatisch in het leveren van diensten over andermans netwerk.”

Er zit één kink in de kabel. Als Ziggo zijn bereik uitbreidt tot in UPC-gebied, dan schendt het bedrijf volgens Poulus „het ongeschreven herenakkoord in de kabelbranche: kabelaars beconcurreren elkaar niet”.

Zeker niet als ze tot elkaar zijn voorbestemd.