Carlsens hardnekkigheid

Het zal in de jaren twintig van de vorige eeuw zijn geweest dat een aantal topschakers in het vermaarde Café König aan de statige Berlijnse laan Unter den Linden zat en Savielly Tartakower, de erudiete en melancholieke humorist van de schaakwereld, met bravoure een stelling liet zien waarvan hij beweerde dat hij die tegen iedereen tot winst kon voeren.

Dat liet oud-wereldkampioen Emanuel Lasker niet op zich zitten. Hij nam de verdediging op zich en Tartakower merkte dat zijn montere aanvalszetten niet konden voorkomen dat zijn voordeel vervluchtigde. Hij probeerde het nog eens, en nog eens, maar steeds bleef Lasker overeind, totdat Tartakower moest bekennen: „Ik blijf bij mijn bewering dat ik dit tegen iedereen in de wereld kan winnen, alleen niet tegen Doctor Lasker.’’

Ik heb Magnus Carlsen hier al eens met Lasker vergeleken en ik moest aan die oude koffiehuisscène denken na zijn partij tegen Sergei Karjakin in de vijfde ronde van het toernooi in Noorwegen. Over Karjakins stelling halverwege de partij kun je misschien zeggen dat hij die tegen iedereen had gewonnen, behalve tegen Magnus Carlsen.

Het leek een tijd of Karjakin onoverwinnelijk was. Voordat het echte toernooi begon was er een snelschaaktoernooi geweest met alle tien deelnemers, en dat had hij gewonnen. In het serieuze toernooi begon hij met vier winstpartijen, waardoor hij twee punten op Carlsen voor kwam.

In de vijfde ronde was er de cruciale partij tegen Carlsen en Karjakin kreeg na de opening groot voordeel. Wat zal hij toen gedacht hebben? Karjakin is 23 jaar, ongeveer negen maanden ouder dan Carlsen. Hij was net als Carlsen een wonderkind en werd grootmeester toen hij twaalf was. Maar in de jaren daarna streefde Carlsen hem voorbij. Karjakin is nu tiende op de wereldranglijst, Carlsen eerste.

Zoals gezegd, Karjakin had vier uit vier in een toptoernooi met Carlsen, Aronian, Anand en Topalov. Hij leek Carlsen in de touwen te hebben. Als hij die partij zou winnen, zou het iedereen weer duidelijk zijn dat er nog een ander groot jong talent in de schaakwereld is.

Het ging anders. Met de onverstoorbare hardnekkigheid die Lasker in de vorige eeuw vertoonde, niet alleen in Café Köning, maar ook in de grote internationale toernooien, wist Carlsen hindernissen op te werpen en complicaties te scheppen, waardoor Karjakin struikelde, eerst zijn voordeel kwijt raakte en vervolgens, niet in staat zich tijdig aan te passen, in een koningsaanval onder de voet werd gelopen.

Hij stond daarna nog steeds bovenaan in het toernooi. Op het moment dat ik dit schreef waren er nog twee ronden te gaan, die van vrijdag en van vandaag, zaterdag. Karjakin had nog een half punt voorsprong op Carlsen.

Sergei Karjakin - Magnus Carlsen, Sandnes 2013

1. e4 e5 2. Pf3 Pc6 3. Lb5 a6 4. La4 Pf6 5. 0-0 Le7 6. Te1 b5 7. Lb3 d6 8. c3 0-0 9. h3 Pb8 10. d4 Pbd7 11. Pbd2 Lb7 12. Lc2 Te8 13. a4 Lf8 14. Ld3 c6 15. Dc2 Tc8 Drie zetten later gaat hij weer terug naar a8, dus meteen 15...Dc7 moet beter zijn. 16. axb5 axb5 17. b4 Dc7 18. Lb2 Ta8 19. Tad1 Pb6 20. c4 bxc4 21. Pxc4 Pxc4 22. Lxc4 De opening is zeer gunstig verlopen voor wit. Zijn stukken staan goed en hij heeft e5 en f7 onder schot. 22...h6 23. dxe5 dxe5 24. Lc3 La6 25. Lb3 c5 26. Db2 Carlsen was banger voor het simpele 26. bxc5 Dxc5 27. Db2, maar wat Karjakin doet is ook sterk. 26...c4 Na 26...cxb4 27. Lxe5 zou wit een zeer sterke aanval hebben. 27. La4 Te6 28. Pxe5 Wit heeft een pion gewonnen en er lijkt geen vuiltje aan de lucht. Toch weet Carlsen tegenkansen te scheppen, die er overigens ook na 28. Lxe5 Db6 zouden zijn. 28...Lb7 29. Lc2 De beste manier om het voordeel vast te houden was waarschijnlijk 29. Lb5. Zwart kan dan niet op e4 slaan, want zowel 29...Pxe4 30. Td7 Dc8 31. Txf7 als 29...Lxe4 30. Lxc4 Txe5 31. Lxe5 Dxc4 32. Td4 zou heel goed voor wit zijn. 29...Tae8 30. f4 Ld6 31. Kh2 Hier krijgt hij spijt van. Beter, hoewel ook niet duidelijk, was 31. Te3. 31...Ph5 32. g3 f6 33. Pg6

Karjakin moet zich al verzoend hebben met de ongeveer gelijke stelling na 33...Lxe4. 33...Pxf4 Maar dit was een akelige verrassing. 34. Txd6 Nog de beste oplossing. Als wit het stukoffer aanneemt met 34. gxf4 heeft zwart na 34...Lxf4+ 35. Kh1 (of 35. Kg2 f5 of 35. Kg1 Lh2+) Txe4 een snel beslissende aanval. 34...Pxg6 35. Txe6 Txe6 Nu heeft zwart duidelijk voordeel, vooral doordat wits koning slecht beschermd is. Karjakin was uit het lood geslagen en zijn volgende zetten maken het er niet beter op. 36. Ld4 f5 37. e5 Hij ziet weer iets over het hoofd. 37...Pxe5 38. Lxe5 Dc6 Door de matdreiging wint zwart zijn stuk terug. 39. Tg1 Na 39. Lxf5 wint zwart met 39...Txe5. De enige manier om nog tegenstand te bieden was 39. Le4. 39...Dd5 40. Lxf5 Txe5 41. Lg4 h5 Zwart wint nu makkelijk in de aanval. 42. Ld1 Carlsen hoopte op 42. Td1, waarna hij zijn dame geeft met 42...Dxd1 43. Lxd1 Te1 42...c3 43. Df2 Na 43. Dxc3 wint 43...Da2+. 43...Tf5 44. De3 Df7 45. g4 Te5 46. Dd4 Dc7 Wit gaf op.