Superrijken drijven prijzen topkunst op

Op de voorjaarsveilingen van hedendaagse kunst in New York afgelopen week werden weer hogere recordprijzen gehaald. Nieuwe kopers dienen zich aan. „We zijn in een nieuw tijdperk.”

‘Domplatz, Mailand (Cathedral Square, Milan)’ van Richter: 37 mln dollar. Foto Reuters

In veilinghuis Sotheby’s stak dinsdagavond een man juichend zijn vuist in de lucht. Het was zakenman en kunstverzamelaar Don Bryant. De hamer van de veilingmeester was zojuist neergekomen, wat betekende dat het kunstwerk Domplatz, Mailand (Cathedral Square, Milan) uit 1968 van de Duitse kunstenaar Gerhard Richter was verkocht. Voor een recordprijs die meteen de hele wereld over ging: 37 miljoen dollar (28,7 miljoen euro). Nooit eerder is er op een veiling zoveel geld betaald voor een werk van een levende kunstenaar. Bryant was de inbrenger. Hij kocht het schilderij vijftien jaar geleden ook op een veiling bij Sotheby’s. Maar toen voor 3,5 miljoen dollar. Vandaar die vuist in de lucht. „Ik hou van kunst”, zei hij naderhand.

Meer verzamelaars lieten deze week hun liefde voor kunst blijken op de voorjaarsveilingen van de grote veilinghuizen. Bij Christie’s werd woensdag voor ruim 495 miljoen dollar (ruim 384 miljoen euro) aan hedendaagse kunst verkocht, een absoluut record in de geschiedenis van de veilinghuizen. Het ene recordbedrag was nog niet afgehamerd of het volgende diende zich alweer aan. Voor maar liefst twaalf kunstenaars was nog nooit zo veel betaald, onder wie de Belg Luc Tuymans, wiens schilderij Rumour 2,6 miljoen dollar opbracht – ruim een miljoen boven de geschatte prijs.

„We zijn in een nieuwe era van de kunstmarkt beland”, zegt Jussi Pylkkanen, directeur van Christie’s Europa, die de veilingmeester was in New York. „Er is een wereldwijde competitie aan de gang die we nooit eerder hebben gezien in de kunstwereld”, zei hij tegen Reuters. Het schilderij Woman (Blue Eyes) van de in Rotterdam geboren kunstenaar Willem de Kooning bracht 19,2 miljoen dollar op.

Bij veel werken was de opbrengst van tevoren veel lager ingeschat. „We hebben een fase bereikt waarin het erg moeilijk is de prijzen van topwerken van tevoren te ramen”, zegt Pylkkanen. Volgens hem heeft dat vooral te maken met de groeiende interesse voor kunst onder de superrijken.

Steven Murphy, directeur van Christie’s International, beaamde dat nieuwe verzamelaars de prijzen opdrijven. „Vijfentwintig procent van de mensen die afgelopen jaar iets bij ons kochten, waren nieuw bij Christie’s. En vier van de vijf van de belangrijkste werken die werden geveild, gingen naar mensen die nog nooit eerder iets bij ons hadden gekocht.”

Onder de aanwezigen in de zaal bevonden zich acteur Owen Wilson, zakenman en filantroop Eli Broad, evenals Leonard Riggio, de oprichter van boekhandel Barnes & Noble, J. Tomlison Hill, bestuurder van investeringsmaatschappij Blackstone Group, en Millard Drexler, topman van kledingketen J. Crew.

Recordbedragen werden betaald voor werken van Jackson Pollock, Roy Lichtenstein en Jean-Michel Basquiat, aldus AP. De in 1956 overleden Pollock was de topper. Voor zijn ‘drip painting’ Number 19, 1948 werd op de veiling 58,4 miljoen dollar betaald, bijna tweemaal de vooraf geschatte opbrengst. De koper bleef anoniem. Ook Roy Lichtensteins Woman with Flowered Hat eindigde met een recordprijs van 56,1 miljoen dollar. Dit werk werd gekocht door de Londense juwelier Laurence Graff, die zei dat hij het werk had gekocht als verjaardagsgeschenk voor zichzelf. Hij wordt op 13 juni 75 jaar, aldus The New York Times.

Van de 70 ingebrachte kunstwerken bij Christie’s bleven er vier onverkocht (6 procent). De veiling bij Sotheby’s pakte, ondanks de recordprijs voor het werk van Richter, minder goed uit. Daar werd weliswaar ook nog een recordbedrag betaald voor een werk van Barnett Newman (43,8 miljoen dollar), maar de totale opbrengst van de veiling bleef steken op 293 miljoen dollar. Van de 64 stukken op de veiling werd 17 procent niet verkocht, waaronder werk van Francis Bacon en Jeff Koons.