Fuck, Egypte vloekt ook

Electro chaabi illustreert de verandering in Egypte Via Facebook verspreidt deze jeugdcultuur zich snel

Festivaldirecteur Incubate en Electro Chaabi dj

Ik ben verdwaald op een bruiloft in een volkswijk van Kairo. Vanaf het podium klinkt overstuurde Arabische muziek, gemixt met dreunende kickdrums, overstemd door meezingende fans. Naast me ontploft vuurwerk. Voor me houden jongens een aansteker voor een spuitbus – een zelfgemaakte vlammenwerper. Een ander laat trots een zelfgemaakt pistool zien. Ook heeft hij een zelfgemaakt mes achter de elastiek van zijn onderbroek. Ik wrijf even over het vlijmscherpe lemmet. Naast me staat John Doran, hoofdredacteur van het Britse muziekblog The Quietus. We vragen ons af of we opgewonden moeten zijn of bang. Want dit is echt.

Dit is de bruiloft van Sadat, een van de grote sterren in de wereld van electro chaabi, de elektronische bruiloftsmuziek die razend populair is in de volkswijken van Kairo en hoort bij een nieuwe jeugdcultuur in Egypte. Ik vond Sadat op internet.

„We moeten ons richten op nieuwe muziekvormen” sprak Doran vorig jaar september in een panel op Incubate, het festival voor underground muziek in Tilburg dat ik mede-organiseer. „Sommige van de meest opwindende muzikale dingen gebeuren nu. Op blogs. Op YouTube.”

„Namen!” riep iemand uit de zaal. „Check Islam Chipsy”, antwoordde hij. Ik noteerde de naam en raakte verdwaald in een wereld van video’s met Arabische tekens als namen. Er was een vaag vermoeden dat het iets met jongerencultuur te maken had, en de Arabische Lente.

En nu staan we in Medinat El Salam, een wijk in Kairo die bekend staat om haar drugsgeweld en criminaliteit. De wijk is ook de bakermat van Electro chaabi, een jeugdcultuur met eigen dans, mode, slang, muziek en rituelen die voortkomt uit veranderende sociale structuren. Het zet zich af tegen apathische ouders, loze politieke leuzen en clean gekapte volkszangers die enkel zingen over liefde en God, of de liefde voor God. Via Facebook, scooters, taxi’s en tuktuks verspreidt zich een nieuw geluid, met nieuwe waarden, buiten de gecensureerde staatsmedia om. Terwijl hun vaders slapend in bussen terugkomen van het werk in de fabrieken, hangen jongens op straat. Ze roken hasj, poetsen hun scooters iedere vijf minuten en spelen muziek af op boomboxen die op hun mobieltjes zijn aangesloten. Ze kauwen op glow in the dark staafjes.

Bij de autoverhuur ontmoeten we Sadat, een van hun muzikale helden. Zijn zwarte glimmende leren schoenen detoneren tussen het grauw van de betonbouw. Hij draagt een zwart, strak pak, dunne ingevlochten dreads en heeft iemand bij zich die vanuit een geblindeerde auto jointjes voor hem rolt. Sadat is zanger en mc. En Sadat is hier een held. Met zijn witte BMW-cabrio lijkt hij eerder op weg naar de MTV Awards dan naar het huis van zijn toekomstige bruid.

Brommers maken wheelies, bomvolle minibusjes en toeterende auto’s escorteren de zanger. Als we tegen manager Noov zeggen dat de sfeer nu al behoorlijk opgewonden is, zegt ze: „Je hebt nog niks gezien.”

Een vrouwelijke muziekmanager lijkt bijzonder in Kairo. Het is exemplarisch voor de veranderenden moraal waar electro chaabi voor staat. Noov studeerde rechten en heeft de flair waarmee ze langsrazende auto’s op een stoplichtloze vierbaansweg tot stilstand kan brengen. In plaats van een carrière als jurist bracht ze electro chaabi buiten de grenzen van de armere wijken. Nu neemt Noov ons letterlijk bij de hand. We kijken aan tegen een feestende massa op een binnenplaats zonder ramen. De kolkende menigte opent zich. „Welcome to Egypt”, scanderen de bruiloftsgasten. Op het podium staan Sadat en zijn vrienden Amr 7a7a, Figo, Filo, Diesel, Ghandi en Alaa 50 Cent.

Sadat is de mc van producer Amr 7a7a. Diens nummer ‘Aha El Shibshib Daa!’ (Fuck, Ik Ben Mijn Slipper Kwijt) is het eerste Egyptische nummer waarin werd gevloekt. Zijn populaire ‘Al-Sha‘b Yurid Khamsa Ginay Rasid’ (De Mensen Willen Vijf Pond Beltegoed) is een reactie op de slogan van de Arabische Lente ‘De mensen willen revolutie’, en illustreert de frustraties die leven onder gedesillusioneerde jongeren sindsdien. Af en toe crowdsurft Sadat van de ene naar de andere kant van het pleintje, waar zijn bruid tussen de vrouwen zit.

Na een tijdje zijn we bekomen van de cultuurshock. We durven het publiek in, feliciteren de bruid en de familie. Geven hen een T-shirt met een groot wietblad erop cadeau, dat netjes in het papier blijft verpakt. Eerst waren we bang voor de menigte en vroegen we ons af of we wel foto’s konden maken. Maar als eregasten is het net andersom. Iedereen wil met ons dansen en op de foto.

Terug in de ambassadewijk zien we een vader en zoon sushi eten. De zoon laat op zijn iPhone 5 trots zien hoe hij op electro chaabi danst in een arme wijk die grenst aan hun eigen, rijkere wijk. Als we de vader vragen wat hij van de muziek vindt, antwoordt hij: „Het is een groot sociaal probleem.”

Dinsdag spreekt Sadat op Gulf Art Guide, een conferentie over jongerencultuur in het Midden - Oosten in Amsterdam en Den Haag. Onder de naam Cairo Liberation Front draait Joost Heijthuijsen 29 juni op Festival Mundial in Tilburg.