Eén bestuurshof graag

Moeten rechtszaken over de bijstand, ontslagen ambtenaren, failliete banken, concurrentie in de zorg en frequenties voor radiostations voortaan bij de Raad van State worden behandeld? Of moet er een nieuw Gerechtshof voor Bestuursrecht komen, waarin deze versnipperde tak van hogere rechtspraak fuseert?

Weinig burgers zullen er wakker van liggen, maar het regeerakkoord kondigt een vorm van samenvoeging aan. Waarbij het hoe, wat en waar zorgvuldig in het midden werden gelaten. Dit is namelijk een forse verbouwing in de porseleinwinkel van de trias politica. Behalve over evenwicht tussen de staatsmachten gaat dit ook over onafhankelijkheid, geloofwaardigheid en toegankelijkheid van de bestuursrechtspraak. En daarnaast over de rol, het aanzien en de toekomst van de Raad van State.

Die dateert uit 1531 en evolueerde sindsdien tot adviseur, rechter, steun van het staatshoofd en stille macht in politiek Den Haag. Symbool van continuïteit – de invloedrijkste adviseur in het staatsbestel. En overigens al jaren onder vuur vanwege de combinatie van wetgevingsadvisering en rechtspraak. Samengevat in de verdenking ‘te gouvernementeel’, onderbouwd met het feit dat tien staatsraden ook na de laatste wetswijziging nog altijd én mogen adviseren én rechtspreken. Weliswaar nooit over hetzelfde, maar de beeldvorming is taai en blijft beschadigen.

Deze week deed de Raad voor de Rechtspraak een belangrijke zet in dit schaakspel en stelde voor: splits de Raad van State. De rechters willen van de nood een deugd maken door de bestuursrechtspraak bij de Raad weg te halen en een nieuw Hof op te richten. Eén met meer afstand tot de macht. In zo’n nieuwe gerechtelijke instantie komen dan de Centrale Raad van Beroep en het College van Beroep voor het Bedrijfsleven samen met de bestuursrechters van de Raad van State. Dat is duidelijker en maakt een einde aan het hybride karakter van de Raad van State. En, zo voegen de rechters er met enige nadruk aan toe: „Over de constitutionele positie van het nieuwe rechterlijke college kan geen onzekerheid bestaan”.

Waarmee fijntjes wordt onderstreept dat die onzekerheid er nu wel is. En dat die groter zal worden als de bestuursrechtelijke colleges, die nu wel deel uitmaken van de rechtspraak, bij de Raad van State worden gevoegd, c.q. in de invloedssfeer van het ministerie van Binnenlandse Zaken terechtkomen. Keurige instanties, daar niet van. Alleen niet het Huis waar de Rechtspraak woont.

Kabinet: maak een mooi, nieuw, onafhankelijk Gerechtshof voor de Bestuursrechtspraak. En laat de Raad van State zich concentreren op advisering. Dat is echt het beste.