Deze school zegt: jij kunt dit óók

Vrijwilligers die kinderen vertellen over hun beroep en hen stimuleren vérder te kijken. Weekendschool werkt, zo bleek deze week uit onderzoek.

Nederland, Amsterdam, 13 januari 2008. Foto: Inge van Mill/Hollandse Hoogte. IMC Weekendschool viert haar 10 jarig bestaan. IMC Weekendschool is een school voor aanvullend onderwijs voor gemotiveerde jongeren van tien tot veertien jaar uit sociaal-economische achterstandswijken. Jongeren krijgen 3 jaar lang elke zondag les van professionals die met plezier hun vak uitoefenen. Doel is jongeren steunen bij het verruimen van perspectieven, het versterken van zelfvertrouwen en het ontwikkelen van hun talenten. Inmiddels bestaat IMC Weekendschool uit 9 vestigingen door het hele land. Bij de kookfabriek krijgen jongeren van de 2e en 3e klas ter gelegenheid van het jubileum, les in het maken van taarten door professionele dessertkoks. Foto: Inge van Mill/Hollandse Hoogte Inge van Mill/Hollandse Hoogte

Verspreid over heel Nederland krijgen 900 kinderen elke zondag les van vrijwilligers met bijzondere of alledaagse beroepen als architect, sterrenkundige of verpleger. Ze vertellen over hun werk. En proberen kinderen te enthousiasmeren vérder te kijken. De school wordt gefinancierd door giften van bedrijven als SNS en IMC. Voor de kinderen is de school gratis.

De formule van de school,

vijftien jaar geleden begonnen in de Amsterdamse Bijlmer, wordt alom geprezen door politici. Maar, levert het ook wat op?De school deed, met hulp van de Universiteit van Amsterdam (UvA), onderzoek naar de effectiviteit van weekendscholing bij kinderen uit achterstandswijken. Kinderen uit dezelfde klassen zijn drie jaar lang gemonitord. De helft ging naar de weekendschool, de andere helft niet. Afgelopen week werden de uitkomsten gepresenteerd: kinderen van de weekendschool blijken zelfverzekerder.

Het regulier onderwijs gaat er vanuit dat kinderen ook buiten school veel leren over de samenleving. „Maar dat is helaas niet altijd zo”, zegt Heleen Terwijn, oprichter en directeur. „Ik vond het raar dat scholen leerlingen niet voorbereiden op hun toekomst na het diploma. Via echte professionals die met plezier iets doen. Dat is een groot gemis. Van gemotiveerde vakexperts leer je over de wereld. En je leert vaardigheden, zoals zelfvertrouwen en lef om op mensen af te stappen.”

Het doel van de weekendschool is kinderen te motiveren, dingen met plezier doen. De school probeert dat op allerlei manieren te bevorderen. „Allereerst stimuleren we zelfvertrouwen”, zegt Terwijn, „door te zeggen: jij kunt dit ook, stel vragen, niks is gek. Ten tweede laten we toekomstperspectieven zien. Welke beroepen zijn er? Wat houden die in? En ook: Wat vind ik leuk? Wat past bij me? En tenslotte stimuleren we sociale verbondenheid. Dat is een lastig concept, maar wij hebben dat in het onderzoek vertaald naar burgerschap; dat je je bewust bent van jouw rol in de samenleving. Je moet relaties kunnen leggen en je kunnen verhouden tot anderen.”

IMC Weekendschool verwachtte, dat kinderen die naar de weekendschool gaan, op deze gebieden meer ‘groeien’ dan andere kinderen. Die verwachting blijkt op veel punten uitgekomen. Weekendschoolkinderen hebben meer kennis over beroepen en kunnen beter zeggen waarom ze iets willen worden. Ze zijn ook zelfverzekerder; kunnen meer kwaliteiten van zichzelf benoemen en ze noemen zichzelf minder vaak dom.

„Wel vreemd is”, zegt Terwijn, „dat kinderen van de weekendschool niet vaker of beter hun talenten aan een beroep kunnen koppelen. Waar dat aan ligt, weten we niet. Misschien komt dat door de jonge leeftijd, of misschien hebben we niet de juiste vragen gesteld. Daar zouden we meer onderzoek naar moeten doen.”

De vraag rijst wel waarom de school zelf het onderzoek heeft gedaan, in plaats van het te laten uitvoeren door een onafhankelijk onderzoeksbureau. Terwijn: „Om de onafhankelijkheid te vergroten hebben we de UvA erbij betrokken. Studenten hebben samen met onze mensen de data verzameld. De data-analyse was onder supervisie van een socioloog. We willen niet frauderen, we willen weten hoe het zit. Maar we zorgen ook voor transparantie: iedereen kan langskomen om ons onderzoek te bekijken.”

Dergelijk onderzoek is niet eerder gedaan. Terwijn denkt wel te weten waardoor dat komt. „Onderzoek naar aanvullend onderwijs, zoals een summer school, beslaat vaak een korte periode en is gericht op andere onderwerpen, vooral het wegwerken van achterstanden op het gebied van taal en rekenen. De onderzochte kinderen van IMC Weekendschool, ruim 700, zijn 2,5 jaar gevolgd op psychologische factoren. Wat dat betreft, is dit onderzoek uniek in onderwerp en omvang.”

Terwijn hoopt dat anderen door dit onderzoek gestimuleerd worden meer met haar manier van lesgeven te gaan doen. Dat begint ook al op gang te komen. Terwijn werkt sinds kort samen met een school in Zaandam die dit op vrijdagmiddag op proef doet. „Hopelijk slaat het aan”, zegt Terwijn. „Wij doen het nu voor de kinderen die dit het hardst nodig hebben, maar alle kinderen zouden er baat bij hebben.”