De kroon op 20 jaar bewijs sprokkelen

De veroordeling van oud-dictator Ríos Montt laat zien dat de rechtsorde in Latijns-Amerika vooruit gaat. Dankzij een eigen hof en buitenlandse hulp.

Indigenous women from the Ixil region attend the genocide trial of former Guatemalan dictator Efrain Rios Montt, which is drawing to a conclusion, at the Supreme Court of Justice in Guatemala City, May 9, 2013.A Guatemalan judge on May 2 restarted the genocide trial of Rios Montt following a two-week suspension due to a fight over who should oversee the case. Rios Montt, 86, is charged with genocide and crimes against humanity for a counterinsurgency plan conceived under his 1982-1983 rule that killed 1,771 members of the Ixil indigenous group in one of the bloodiest phases of Guatemala's civil war. According to local media, the public ministry is calling for a 75 year jail sentence for Rios Montt. REUTERS/Jorge Dan Lopez (GUATEMALA - Tags: POLITICS CRIME LAW TPX IMAGES OF THE DAY) REUTERS

Voortaan is in Guatemala 23 maart de Nationale Dag tegen Genocide. Tot vorige week vrijdag was 23 maart de dag van de coup die generaal Efraín Ríos Montt pleegde, in 1982, tijdens de burgeroorlog in Guatemala (1960-1996). Tijdens de 17 maanden van zijn bewind vielen ongeveer 100.000 doden, de helft van de levens die de oorlog eiste. Het gruwelijkst waren de systematische moordpartijen op de Ixil, de Maya indianen in het westen van het land. Afgelopen vrijdag werd Ríos Montt tot 80 jaar gevangenisstraf veroordeeld wegens genocide.

Al gaat de 86-jarige Ríos Montt in beroep, ligt hij nu in het ziekenhuis en is het de vraag of hij nog leeft als men hem kan opsluiten, toch noemen juristen en mensenrechtenorganisaties het vonnis ‘historisch’ en ‘monumentaal’. Het is de eerste keer dat een dictator wegens genocide wordt veroordeeld in eigen land, door zijn eigen landgenoten. En dat in Guatemala, een diep verscheurd land, waar de burgeroorlog voorbij is, maar het geweld niet: 98 procent van de moorden blijft er onbestraft.

Het vonnis is de kroon op twintig jaar volharding van nabestaanden en hard werk van velen, zegt Victoria Sanford aan de telefoon vanuit New York. Ze is hoogleraar antropologie aan de universiteit van New York en schreef over de genocide in Guatemala. In 1992 was ze er bij toen in het land clandestien het eerste massagraf werd geopend. In 1994 werd om een onderzoek gevraagd bij het Inter-Amerikaanse Hof voor de Mensenrechten. „Toen dat in 2004 oordeelde dat er sprake was van genocide, kon Guatemala er niet meer onderuit Ríos Montt aan te klagen. Dat kon pas in januari 2012, omdat hij in het parlement zat en dus onschendbaar was.”

Maar daarna ging het snel: bewijs is volgens Victoria Sanford zelden het probleem bij mensenrechtenprocessen in Latijns-Amerika. „Dat is vaak decennialang verzameld en gedocumenteerd. Probleem is de politieke macht van de beschuldigden.”

Volgens experts heeft het Inter-Amerikaanse Hof voor de Mensenrechten, dat is opgericht in 1979 en waarvan de uitspraken bindend zijn, de afgelopen decennia de weg geëffend voor nationale rechters. Het Hof, gevestigd in Costa Rica, heeft amnestiewetten nietig verklaard in Argentinië, Uruguay en El-Salvador, en regeringen gesommeerd mensenrechtenschendingen te onderzoeken. Het had de hand in de uitlevering van de Peruaanse ex-president Fujimori door Chili aan Peru, en zijn veroordeling in 2007. Het sommeerde Suriname in 2005 smartegeld te betalen aan overlevenden van een legeraanval op het dorp Moiwana (1986) en El Salvador tot het vervolgen van daders van een bloedbad in El Mozote (1981).

In 2011 durfden rechters in Guatemala het voor het eerst aan misdaden uit de burgeroorlog te bestraffen. Vier soldaten werden veroordeeld tot lange gevangenisstraffen voor een moordpartij in het dorpje Dos Erres. Maar natuurlijk gaan er in Guatemala ook nog mensen vrijuit: een ander kopstuk, Jose Rodriguez Sanchez, werd vrijdag vrijgesproken.

Volgens Victoria Sanford zijn mensenrechtenprocessen zichtbaarder dan vroeger, en niet alleen omdat de burgeroorlogen uit de jaren tachtig langer geleden zijn en de angst wellicht wat wegebt. „Door sociale media en de mobiele telefoon. Mensen twitteren over het proces, zetten filmpjes op YouTube. De macht van traditionele media, gedomineerd door de staat, neemt af.”

De rol van de aanklaagster van Ríos Montt, Claudia Paz y Paz, was volgens Marlies Stappers van de in Nederland gevestigde organisatie Impunitywatch die het proces intensief volgde, cruciaal. „Zonder haar was het vonnis er nooit gekomen. Ze is niet bezweken onder intimidatie of doodsbedreigingen.” Victoria Sanford ziet Paz y Paz als een exponent van een nieuwe generatie juristen in Guatemala. „Zij bewijst dat investeringen in de rechtsstaat zich uitbetalen. De rechter, de aanklaagster en veel advocaten in dit proces zijn midden veertig. Ze hebben trainingen gehad in het kader van mensenrechtenprogramma’s, opgezet met buitenlandse hulp. Ze proberen de penetratie van het leger en de staat in het rechtsysteem echt terug te dringen.”

Doodzonde, zeggen Stappers en Sanford los van elkaar, dat Nederland zijn ambassade in Guatemala nu sluit en de ontwikkelingshulp afbouwt. „Juist nu de consistentie van het mensenrechtenbeleid van een land als Nederland zich begint uit te betalen, veranderen jullie van koers”, aldus Sanford. Aanklaagster Paz riep Nederland eerder deze week op om in Guatemala te blijven: „De aanwezigheid van buitenlanders beschermt mij”, zei ze in deze krant.

In een reactie laat minister Timmermans van Buitenlandse zaken weten: „Nederland steunt onverminderd mensenrechtenverdedigers in Guatemala en zal daarmee doorgaan, ook na sluiting van onze ambassade ter plekke. Vanuit de ambassade in Costa Rica zal Nederland de ontwikkelingen op de voet blijven volgen, zodat de openbaar aanklager zich verzekerd kan weten van onze aandacht en steun.”