Europese burgers raken vervreemd van EU door crisis

De Europese Unie is het belangrijkste slachtoffer van de eurocrisis, zeggen onderzoekers in Amerika. De mentale kloof tussen Duitsland en Frankrijk wordt snel groter.

Ook al is het ergste van de eurocrisis misschien achter de rug, de crisis veroorzaakt nog steeds grote schade. Die is niet alleen economisch, maar ook politiek en mentaal van aard. Het „belangrijkste slachtoffer” van de crisis is de Europese Unie, stelt de Amerikaanse opiniepeiler Pew op basis een peiling die het bureau deze week publiceerde.

De crisis holt de steun van Europese burgers voor de Europese Unie uit. Vooral in Frankrijk en Spanje gaat het hard. Daar daalde het percentage burgers met een ‘gunstige’ opvatting over de EU van 60 procent in 2012 naar respectievelijk 41 en 46 procent dit jaar, zo staat in het onderzoek.

Voor het eerst zijn de Fransen negatiever over de Unie dan de eurosceptische Britten, die op hun beurt ook nog eens minder van Europa zijn gaan houden. In Duitsland, Italië, Polen en Griekenland daalt het aantal mensen dat de EU ‘gunstig’ beoordeelt eveneens – een algemene trend die inzette toen de crisis in 2008 begon.

Nederland komt niet voor in het Pew-onderzoek, maar uit Eurobarometer-peilingen van de Europese Commissie valt af te lezen dat de stemming er niet anders is. Het aantal Nederlanders dat ernaar ‘neigt’ de EU ‘niet te vertrouwen’ steeg tussen 2008 en 2012 van 38 naar 50 procent.

Het onbehagen van burgers gaat over de kern van de Europese integratie: de economische samenwerking. Volgens de Pew-peiling meent slechts een derde van de Europeanen dat ‘Europa’ goed is voor de nationale welvaart. Alleen in Duitsland denken burgers nog in meerderheid dat de economie van de EU profiteert.

De crisis veroorzaakt een steeds diepere mentale kloof tussen Duitsland, waar de economie groeit, en de crisislanden in Europa. De Duitsers blijven relatief optimistisch over hun economie, en over Europa, hoewel de euroscepsis inmiddels ook Duitsland heeft bereikt. De Fransen daarentegen zijn in de woorden van Pew Research „in een vrije val” geraakt: ze worden almaar zwartgalliger.

91 procent van de Fransen vindt de economische situatie ‘slecht’, tegenover 25 procent van de Duitsers. Meer dan tweederde van de Fransen vindt dat hun president ‘slecht’ opereert in de crisis – een snel gegroeid percentage sinds het aantreden van François Hollande in mei vorig jaar. De Duitsers beoordelen het crisisbeleid van hun bondskanselier Angela Merkel juist grotendeels positief.

Fransen en Duitsers vinden elkaar dan weer in hun pessimisme over de toekomst – al komen de Fransen ook hier als meest depressief uit de bus. Negen op de tien Fransen en bijna tweederde van de Duitsers denken dat hun kinderen het financieel slechter zullen hebben dan zij.