Energiebedrijf biecht op: zo groen is die stroom dus niet

Voor het eerst geeft een energiebedrijf toe dat zijn stroom helemaal niet zo groen is. Dat zou ook voor de concurrentie gelden.

De Nederlandse Energie Maatschappij (NLE) is een „jokkebrok”. Althans, dat biechtte het energiebedrijf gisteren zelf op in een paginagrote advertentie in de landelijke dagbladen. Daarin gaf de NLE toe niet de groene stroom te leveren die de consument verwacht. Sterker, „alle grote energieleveranciers in Nederland bezondigen zich hieraan”. Het is tijd „voor het eerlijke verhaal”.

Mocht de NLE – bekend als prijsvechter – imagoverandering beogen, dan lijkt de campagne een succes. De claims waren zo stevig dat de openhartigheid van het bedrijf gisteren overal het nieuws haalde. Zo biechtte het bedrijf op dat leveranciers hun grijze stroom ‘groen’ wassen door certificaten te kopen, zonder echt te investeren in duurzame energie.

Aan de beweringen in de advertentie is niets gelogen, zegt Joseph Wilde-Ramsing van onderzoeksbureau Somo. Hij vergeleek vorig jaar de duurzaamheid van energiebedrijven in opdracht van Greenpeace en de Consumentenbond. „Bij de NLE blijken ze het licht te hebben gezien.”

De grootste zonde die het bedrijf opbiecht: niet alle groene stroom komt – zoals vaak beweerd – uit Nederland. Dat kan ook helemaal niet. De Nederlandse vraag naar groene stroom is volgens CBS-cijfers veel groter (23 procent van het totaal) dan de Nederlandse productie (10 procent). De rest wordt geïmporteerd uit het buitenland. Niet letterlijk: al jaren is er, naast de reële markt in stroom, een virtuele, ondoorzichtige daghandel in certificaten.

Het stroomnet is één groot internationaal netwerk. Een ondoorzichtige brij waaraan bedrijven van Noorwegen tot Frankrijk zowel grijze als groene energie leveren. Daardoor kun je nooit weten of de elektronen uit het stopcontact echt groen zijn; stroom is niet te traceren.

Alleen certificaten, Garanties van Oorsprong (GvO’s), geven een soort bewijs. Ze vertellen dat voor de hoeveelheid stroom die je aankoopt ‘ergens’ in het netwerk eenzelfde hoeveelheid duurzaam is geproduceerd. Een GvO voor 1.000 kWh Nederlandse windenergie (een gemiddeld huishouden gebruikt 3.500 kWh stroom per jaar) kost een energiemaatschappij zo’n 2 euro. Maar omdat 1.000 kWh stroom uit een Noorse waterkrachtcentrale slechts 30 cent kost, kopen Nederlandse energiemaatschappijen massaal energie uit Noorwegen om hun eigen energie uit kolen- en gascentrales te ‘vergroenen’.

Het probleem, zegt Wilde-Ramsing, is dat veel energiebedrijven op deze manier voor weinig geld een groen imago kopen zonder een echte bijdrage te leveren aan de productie van groene stroom in Nederland. „We ruilen in feite onze grijze energie in voor groene uit Noorwegen. Dat de Noren vervolgens – virtueel – met onze grijze energie zitten opgescheept, maakt ze niet uit. Hun waterkrachtcentrales produceren zo veel duurzame energie, dat ze ook met wat grijs uit Nederland prima aan alle klimaatverdragen voldoen.”

De feiten die de NLE in de advertentie presenteert zijn allerminst nieuw. Al in 2008 ontstond in Brussel ophef over de manier waarop energiebedrijven hun grijze energie ‘groen wassen’. Toen werd striktere regelgeving bepleit voor de handel in GvO’s. Maar er is sindsdien niets veranderd, zegt Wilde-Ramsing.

Verbaasd was hij wel over de plotselinge openheid van de NLE. Wilde-Ramsing had het bedrijf voor zijn onderzoek vorig jaar nog gevraagd naar de herkomst van zijn groene energie die het de klant belooft. „Toen waren ze lang niet zo transparant.” Op duurzaamheid scoort de NLE gemiddeld. „Uit het onderzoek bleek dat ze weinig doen om groene capaciteit in Nederland te stimuleren.” Ook in de advertentie van gisteren doet het bedrijf daarover geen beloftes. Liever een eerlijk imago, zal de NLE hebben gedacht. Dat is nog altijd goedkoper.