Consument draagt voor het eerst in twee jaar weer bij aan economie

Voor het eerst sinds 2011 zijn de consumptieve bestedingen weer positief, ook de export stijgt. Maar bezuinigingen van de overheid verlengen de recessie.

Drie kwartalen duurt hij nu al, de meest recente recessie in Nederland. Vanmorgen berichtte het centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dat het volume van het bruto binnenlands product (bbp) in het eerste kwartaal van dit jaar 0,1 procent lager was dan in het vierde kwartaal van 2012. Na een krimp van 0,4 procent in dat vierde kwartaal en een schokkende krimp van 1 procent in het derde kwartaal van vorig jaar, blijft de recessie dus voortwoekeren.

Daarmee zit de Nederlandse economie nog steeds in de ergste periode – de oorlog niet meegerekend. Als het begin van de financiële crisis wordt geplaatst in het derde kwartaal van 2007, dan is er van de 23 kwartalen sindsdien in maar liefst tien sprake geweest van economische krimp. Dat heeft gevolgen: het huidige volume van het bbp is, vijfeneenhalf jaar na het uitbreken van de crisis, nog steeds 1,7 procent kleiner dan toen de Amerikaanse Lehman Bank destijds omviel. We hadden in normale tijden, bij een bescheiden groei van 1,7 procent per jaar, al zo’n tien procent welvarender kunnen zijn.

Nóg een kwartaal krimp lijkt dus een nieuwe tegenvaller, maar er zijn lichtpuntjes. De buitenlandse handel deed het goed, met een exportgroei van 1 procent op kwartaalbasis, terwijl de invoer met 1,3 procent kromp. Die verbetering van de handelsbalans werkt positief op het bbp. Daar tegenover staat een forse krimp van de investeringen van bedrijven en huishoudens met 5,6 procent. Maar wat vooral opvalt, en zeer positief is, zijn de consumptieve bestedingen van huishoudens. Die maken bijna de helft uit van het bruto binnenlands product, en zijn dus met lengte de belangrijkste factor in de economie.

Deze bestedingen door huishoudens groeiden met 0,4 procent ten opzichte van het vorige kwartaal. Dat lijkt weinig, maar het is de eerste maal in twee jaar tijd dat deze bestedingen überhaupt weer toenemen. De consument, murw van overheidsbezuinigingen, oplopende werkloosheid en dalende huizenprijzen, lijkt eind vorig jaar een bodem te hebben bereikt. Dat is ook, voorzichtig, te zien in het consumentenvertrouwen dat nog steeds sterk negatief is, maar sinds kort wel een opgaande lijn vertoont. Ook zijn er berichten dat de woningmarkt het ergste achter de rug lijkt te hebben, hoewel verdere prijsdalingen dit jaar zeker niet worden uitgesloten.

Hogere consumentenbestedingen, een betere handelsbalans: waarom kromp de economie dan alsnog? Het antwoord ligt bij de overheid. De staat consumeerde 0,8 procent minder. De overheidsinvesteringen lagen zelfs 8,9 procent lager dan in het vierde kwartaal. Geconcludeerd mag worden dat de bezuinigingsinspanningen in het eerste kwartaal het voortduren van de recessie hebben veroorzaakt. Dat is volgens sommige economen de prijs die moet worden betaald voor het op orde brengen van de overheidsfinanciën. Volgens andere is het er juist een bewijs van dat het bezuinigingsbeleid de economische malaise nodeloos verlengt en verdiept. Deze discussie vindt op dit moment plaats in vrijwel de gehele westerse wereld.

Dat de economie voorzichtig de bocht lijkt te nemen is nog niet te zien in de omstandigheden van het bedrijfsleven zelf. De werkloosheid bleek vanmorgen te zijn opgelopen tot 8,2 procent van de beroepsbevolking en het aantal faillissementen neemt nog steeds toe. Hoe pijnlijk ook, dit zijn zogenoemde ‘achterliggende’ indicatoren: zij zeggen meer over het recente verleden dan over de naaste toekomst. Op de internationale effectbeurzen, waar traditioneel juist vooruit wordt gekeken, is de stemming inmiddels al beter.

De Europese omgeving waarin de Nederlandse functioneert helpt intussen nog niet mee. In Duitsland bedroeg de economische groei een magere 0,1 procent, Frankrijk kromp met 0,2 procent en de overige data uit de eurozone suggereren dat de recessie in het eerste kwartaal voort sudderde. Pas in de tweede helft verwachten economen, bevraagd door het persbureau Reuters, dat de euro-economie de weg omhoog weer vindt, al wordt een daadwerkelijke vaart niet voor 2015 verwacht.

Wordt 2013 voor Nederland dan het jaar van herstel? Ook al is er sprake van krimp in het eerste kwartaal, het cijfer is minder slecht dan het lijkt. Het wordt wel belangrijk om door optische effecten heen te kijken. Door de forse krimp in de tweede helft van 2012 valt een vergelijking met dat jaar nu, in 2013, zeer negatief uit. Ten opzichte van het eerste kwartaal van 2012 kromp de economie in het afgelopen kwartaal dan ook met 1,7 procent (1,3 gecorrigeerd voor werkdagen). En ook al zou er dit jaar al herstel plaatsvinden, de kans is erg groot dat 2013 in de boeken wordt opgenomen als een krimpjaar.

Dat is dramatisch, maar het goed te bedenken dat dit drama eigenlijk al eind vorig jaar plaatsvond. Als de consument zijn vertrouwen langzaam herwint, kan het zomaar zijn dat de vaart in de economie terugkeert. De enige factor blijft dan de overheid zelf. De daden van het kabinet-Rutte bepalen het lot van de Nederlandse economie meer dan ooit.