Dikke muizen vallen af van darmbacterie

De darmbacterie Akkermansia muciniphila laat dikke muizen die vet eten toch afvallen. Ook vermindert de ernst van hun suikerziekte. Dat volgt uit proeven waarbij dikke muizen na toediening van deze bacterie weer terugkwamen op hun normale gewicht en stofwisseling. Een team van Nederlandse en Belgische microbiologen schrijft dat vandaag in het vakblad Proceedings of the National Academy of Sciences.

Zou een simpel bacteriedrankje mensen nu ook van hun overgewicht kunnen afhelpen? „We hebben laten zien dat muizen op een hoogvetdieet baat hebben bij Akkermansia”, zegt Willem de Vos, een van de onderzoeksleiders aan de telefoon. „Dat is wel een doorbraak, maar het is nog niet zo dat we nu de oplossing voor obesitas in handen hebben. ”

De Vos heeft inmiddels al toestemming gekregen voor proeven met Akkermansia bij mensen, „een logisch vervolg”, maar hij benadrukt dat hij nog „heel voorzichtig” wil zijn om grote conclusies te trekken.

Zowel bij mensen als bij muizen is A. muciniphila een van de talrijkste bacteriesoorten in de darm, goed voor 3 tot 5 procent van de totale darmflora. De bacterie kan mucine verteren. Dat is een belangrijk eiwit in de slijmlaag aan de binnenkant van de darm. De Vos en zijn collega’s hebben de bacteriesoort bijna tien jaar geleden voor het eerst gekarakteriseerd.

Muizen die een vetrijk dieet krijgen, worden al snel te dik en krijgen suikerziekte. Uit het Wageningse onderzoek blijkt dat tegelijk het aantal Akkermansia-bacteriën in de darm afneemt, tot nog geen procent van de normale waarde. „Het vele vet zet aan tot galproductie en dat heeft effect op de bacteriën in de darmen”, legt De Vos uit. „Maar als je de populatie Akkermansia via de voeding versterkt, blijken de dieren minder ontsteking te krijgen, met minder vetopslag als gevolg.” Muizen die vier weken dit supplement kregen, vielen af tot een normaal gewicht, ondanks dat ze vet bleven eten.

De onderzoekers constateerden dat in muizen op het ongezonde dieet de slijmlaag in de darmen (waar Akkermansia voornamelijk leeft) veel dunner was dan normaal. Dat komt doordat Akkermansia weliswaar mucine in slijm afbreekt, maar daarmee de aanmaak van het slijm stimuleert: snoeien om te groeien. De darmbacterie beperkt daardoor de doorlaatbaarheid van de darmwand. Ook dempen ze daardoor de ontstekingsreacties die gepaard gaan met obesitas en suikerziekte.

De vraag is nog of Akkermansia als enige bepalend is voor de darmgezondheid. De Vos: „Akkermansia is een van de weinige soorten die mucine kan afbreken. Hij zet de eerste knipjes in dit eiwit, en daardoor is er ruimte voor andere bacteriesoorten om er ook te leven.”