Titels voor Barcelona en PSG, degradatie Palermo

FC Barcelona is zaterdag zonder te spelen kampioen van Spanje geworden. Omdat Real Madrid met 1-1 gelijkspeelde bij Espanyol is Barça niet meer te achterhalen.

Een dag later won FC Barcelona ook zelf. Uit bij Atlético Madrid werd het 2-1. Radamel Falcao zette de thuisploeg na rust nog wel op 1-0, maar Alexis Sanchez en David Villa maakten de achterstand in de slotfase ongedaan. Even daarvoor moest Barcelona met tien man verder omdat Lionel Messi geblesseerd was uitgevallen terwijl er al drie wissels geweest waren. Het is nog onduidelijk wat Messi precies mankeert.

Nummers twee en drie Real Madrid en Atlético Madrid zijn naast kampioen Barcelona zeker van Champions League-voetbal.

In Frankrijk heeft Paris Saint-Germain de landstitel binnengehaald door een 1-0 overwinning bij Olympique Lyon. Jérémy Ménez scoorde kort na rust de enige goal voor de ploeg waar Gregory van der Wiel de hele wedstrijd op de bank zat.

Door de winst op Lyon is PSG niet meer te achterhalen voor Olympique Marseille, dat door het verlies van nummer drie Lyon wel zeker is van Champions League-voetbal.

Voor PSG is het na titels in 1986 en 1994 het derde kampioenschap. De club werd in 2011 overgenomen door Qatarese eigenaren. Onder anderen Zlatan Ibrahimovic, David Beckham en Thiago Motta kwamen voor honderden miljoenen aan transfer- en salariskosten naar Parijs.

Onderin degradeerde Stade Brest, de ploeg waar Charlison Benschop (ex-AZ, RKC) zo nu en dan speelminuten maakt. AS Monaco promoveert na twee jaar afwezigheid.

In Italië zijn Palermo en Siena gedegradeerd. Pescara was al veroordeeld tot de Serie B.

In Rusland is Royston Drenthe met zijn club Alania Vladikavkaz gedegradeerd. Drenthe, die in zes duels drie keer scoorde, wil vertrekken.