Het is geen Hilton, het is een kunstwerk

Kunstenaar Aukje Dekker zet de verhoudingen binnen de kunstwereld naar eigen hand Een galerie verhuurt ze als hotel Eén nacht boeken betekent één werk verkocht

Een bezoeker zet zijn tas nog maar net op de grond, als kunstenaar Aukje Dekker (30) eropaf springt. Of hij de tas buiten wil neerzetten? Ze wijst rond in de galerie, die is ingericht als hotelkamer, met drie bedden, nachtkastjes en een minibar. „Dit ís namelijk het kunstwerk. Je staat er middenin.”

Dekker houdt expositie in galerie Vriend van Bavink, in het centrum van Amsterdam. Aan de kale witte muren hangen alleen spijkers. Niet de kunst, maar de galerie zelf is ditmaal het onderwerp van de expositie. Beter nog: de economische waarde van de galerie. Ze verhuurt een maand lang de ruimte als hotelkamer, om de ‘verhouding tussen kunstenaar en galerie te onderzoeken’. Dekker: „Veel kunstenaars moeten hosselen om rond te komen in deze economische tijd. Als kunstenaar sta ik normaal onderaan de economische ladder, ik wilde dat omkeren. Inplaats van dat de galerie mijn werk exploiteert, exploiteer ik de galerie.”

Van het Lloyd Hotel leende ze hotellinnen en dekens. Ze liet witte badjassen bedrukken met de naam van de expositie: ‘Unique Art Experience in the Absolute Centre of Amsterdam’. In de hoek van de ruimte staat een douchecabine op een zeiltje, zelf geïnstalleerd. Dekker zegt lachend: „De gasten van vanavond wilden eigenlijk van te voren een foto van de badkamer zien. Die heb ik maar niet gestuurd, ik heb ze geschreven dat het geen Hilton is.”

Mensen boeken een nacht via sites als Airbnb of via de kunstgalerie. Ze weten wel dat ze onderdeel zijn van een kunstproject en een ‘warm welkom’ krijgen, maar niet precies hoe en wat. Dekker: „Eigenlijk begint de symbolische waarde van het kunstwerk als de mensen er zijn. Ze gaan verschillend reageren. Wat ze precies doen maakt niet uit, ik probeer mijn eigen verwachtingen daarover los te laten. De gast is onderdeel van het werk door er te zijn en te betalen.”

Stagiair verkleed als piccolo

Voor elke nieuwe gast organiseert Dekker een heuse expositieopening. Compleet met bezoekers, een fotomoment en toespraak. Voor de gasten van vanavond, een Israëlisch koppel, zijn ruim 40 bezoekers gekomen. Met een biertje in de hand staan ze op de stoep. Af en toe loopt er iemand naar binnen om rond te kijken en foto’s te maken. Dekker: „Ik werd opzij geduwd door een jongen die naar de expositie wilde kijken. Toen voelde ik me even opgelaten, want echt veel is er nog niet te zien. Wel grappig dat ze dan vol bewondering naar mijn spreien van de Albert Cuypmarkt staren.”

Om 10 uur ’s avonds is het dan zover: de Israëlische Yoni (35) en zijn vrouw Yasmin (33) staan beduusd en wat verlegen op de stoep. Er wordt geklapt en gejuicht. Rein op ’t Root (24), stagiair van Dekker en verkleed als piccolo, helpt de koffers naar binnen dragen. Voor het galerieraam verdringen de bezoekers zich om naar binnen te kijken. „Toen ik al die mensen zag staan en realiseerde dat het voor ons was, wilde ik eigenlijk doorlopen,” zegt Yasmin, die af en toe een verlegen blik naar buiten werpt. „I’m so embarrased, het voelt alsof we in een realityshow zitten.” Maar leuk vinden ze het wel. Dekker geeft opgetogen een rondleiding door de ruimte, wijst naar de douche. „Je moet de afwas in de douche doen. It’s not easy to be an art object.” Yoni wijst verontrust op de camera in de hoek: „Staat die aan? Worden we gefilmd?” Maar nee. Vanaf nu krijgen ze alle privacy. De gasten mogen ze zelf beslissen hoe ze de ruimte gaan gebruiken, en of ze liever alleen willen zijn. De gordijnen kunnen ook gewoon dicht. Dekker: „Ik zie ze alleen morgen weer bij uitchecken, of ze moeten zelf meer contact willen. Ik laat het aan hen over.”

De gasten betalen 100 euro per nacht. Zoals gewoonlijk in de kunstbranche, gaat 40% naar de galeriehouder, de rest is voor Dekker. Galeriehouder Meier Boersma (30): „Kunstenaars denken niet vanuit de markt, maar Aukje doet dat wel. Ze is zich bewust van de rol van kunstenaar en speelt continu met verwachtingspatronen.” Dekker: „Normaal ben ik bij een opening veel zenuwachtiger. Je hebt je ziel blootgelegd, en moet dan toch met je kunst leuren, hopen dat mensen het interessant vinden.” En dan lachend: „Maar nu ben ik al bijna volgeboekt, dus ik heb hetzelfde werk al vaak verkocht.”

Dekker verwacht niet dat de expositie heldere antwoorden zal opleveren over de waarde van kunst. „Ik probeer geen vragen over de kunstmarkt op te lossen. Daar gaat het mij niet om. Ik vraag mij iets af, denk daar over na en werk dit zo goed als ik kan uit, en laat het daarna los. Dan moet het bij andere mensen iets oproepen. Dát is het leuke van kunst. Ik word er ook niet sceptisch of verdrietig van dat ik mijn kunst doorgaans langzamer verkoop dan dat ik een ruimte verhuur.”

Bezoekers reageren enthousiast. Buurtbewoner Loren Parnell (34) wil zelf ook een nacht boeken, al woont hij gewoon een paar straten verderop. „Ik denk dat ik een boek meeneem, en gewoon een nacht ga zitten lezen. Aanwezig zijn in de ruimte.” Het Israëlische koppel kijkt ook tevreden, al viel de badkamer wel tegen. Yasmin: „Eigenlijk heb ik hogere standaarden, maar voor een nacht is het oké.” En dan: „Alles voor de kunst.”