Freuds sofa in slechte staat

De beroemdste sofa ter wereld, die van Sigmund Freud, is aan renovatie toe. Het Freud Museum zoekt bijna 6.000 euro om hem te herstellen.

De sofa is een bed voor overdag. Overdag word je niet geacht in bed te liggen, dus de sofa is een meubelstuk voor genoegens die de openbaarheid niet kunnen velen: dagdromen, luieren, vrijen, roken...

Sigmund Freud (1856-1939), uitvinder van de psychoanalyse, bedacht voor de sofa nog een andere toepassing: plek waar de patiënt vrij associërend zijn gedachten de vrije loop kan laten. In zijn jonge jaren had Freud geëxperimenteerd met hypnose als middel om de patiënt tot praten over zijn gedachten te verleiden. In later jaren bleek een sofa ook goed te werken.

Freuds eigen sofa, verreweg de beroemdste ter wereld, is in slechte staat. De directie van het Freud Museum in de Londense wijk Hampstead, gevestigd in het huis waar Freud woonde na zijn vlucht voor de nazi’s uit Wenen in 1938 en waar de sofa bezichtigd kan worden, is op zoek naar 5.000 pond (5.900 euro) voor restauratie.

Het met paardenhaar gevulde meubelstuk is een cadeau aan Freud uit 1890, van een gefortuneerde Italiaanse patiënt, Madame Benvenisti. Hij stond aanvankelijk in Freuds werkkamer aan de Weense Berggasse. Erg goed zien kun je hem niet, want er ligt al sinds de eerste dag een Oosters tapijt overheen – ook al een cadeau, van Freuds neef Moritz in 1883. En daarop dan weer allerlei kussens.

Freuds sofa straalt oosterse wellust uit, zoals je die op negentiende-eeuwse schilderijen ziet. Dat heeft de immer in seks geïnteresseerde Freud zich in 1890 ook terdege gerealiseerd – handboekjes etiquette waarschuwden dat een nette heer of dame bij bezoek nooit op een sofa plaatsnam.

Kom daar nu eens om, in de kamer van een hedendaagse psychiater. Die kamer is meestal kaal en functioneel, zelfs al staat er een sofa in. Werken aan je geest is geen wellust meer, maar werk.

Frits Abrahams hervat zijn column op 21 mei.