Fanatiek en gemeen tot het bittere einde

Het hoge woord is eruit: Mark van Bommel stopt. Hij verliet met rood het veld, typerend voor de voetballer Van Bommel, die altijd wilde winnen.

Mark van Bommel (36) heeft zich halverwege de tweede helft laten afzakken tot diep op eigen helft. Als een libero uit vervlogen voetbaltijden speelt hij bij een 3-1 achterstand tegen FC Twente de bal van links naar rechts in de armzalige achterhoede van PSV. Het zouden zijn laatste balcontacten in het betaald voetbal worden: fantasieloze tikkies breed naar Atiba Hutchinson en Marcelo. Mannen die, cru gesteld, hem en PSV de landstitel kostten.

De grote speler Van Bommel – Il Generale werd hij bij AC Milan genoemd – is geen heroïsch afscheid gegund. Integendeel. Eventjes nog duikt hij voorin op, maar hij verspeelt de bal aan de Chileen Felipe Gutiérrez. Het gejoel in het Twente-stadion zwelt aan. Het is de tweede keer deze week dat zo’n jonge middenvelder hem aftroeft. Adam Maher van AZ deed het al in de verloren bekerfinale afgelopen donderdag. Ze ruiken bloed, de jonge jongens.

Het thuispubliek heeft er hoorbaar lol aan: de ondergang van de PSV-aanvoerder voltrekt zich hier, voor iedereen zichtbaar. Dan trapt Van Bommel door op Dusan Tadic. Hij krijgt zijn tweede gele kaart, zijn elfde van dit seizoen. Zo komt er in de zeventigste minuut van FC Twente-PSV op 12 mei 2013 een einde aan de carrière waarin hij acht landstitels veroverde, de Champions League won en een WK-finale speelde.

Een wrang einde. „Frustrerend”, zegt Van Bommel na afloop. Rood tot besluit van een teleurstellend seizoen, in een wedstrijd waarin geen eer te behalen is. Zijn carrière zit erop. Het hoge woord is eruit. „Het is mooi geweest.”

Van Bommel laat kort zijn irritatie blijken over de in zijn ogen pedante wijze waarop scheidsrechter Danny Makkelie – „die wist dat ik ging stoppen” – hem van het veld stuurde. Dan vermant hij zich en verhaalt hij over zijn carrière, die van Fortuna Sittard via PSV, Barcelona, Bayern München en AC Milan terug naar PSV leidde.

Van Bommel kwam begin dit seizoen terug naar PSV, dat daarmee direct titelfavoriet werd. „Op de eerste training zag ik welke kwaliteiten hij nog steeds bezit”, aldus ploeggenoot Wilfred Bouma. „We zijn met deze selectie vierde en drie keer derde geworden. Met hem er bij zijn we nu tweede. Dat zien wij zeker niet als een prijs, laat ik daar duidelijk in zijn. Maar het toont wel aan hoe belangrijk hij was.” Bouma reageert geprikkeld op de vraag of hij zijn aanvoerder heeft zien lijden dit seizoen. „Hij is een winnaar. Als dat al zo was, zou hij dat niet laten merken.”

Van Bommel zegt dat hij wel heeft geleden, en anders zijn omgeving wel. Hij is vaak van huis. De offers die zijn gezin moet brengen voert hij aan als belangrijkste reden om te stoppen. Maar hij wil ook niet dat anderen over zijn afscheid besluiten. „Ik wil niet op 80 procent voetballen.” Zijn niveau dit seizoen was aanvaardbaar, vindt hij.

Hij vertelt over zijn linkerknie, die sinds vorig seizoen altijd pijn doet. Hij kreeg, als speler van Milan, een tik van Tomás Rosicky van Arsenal. Sindsdien heeft het gewricht continu intensieve verzorging nodig. Van Bommel: „Dat is allemaal preventieve arbeid om fit te blijven. Dat zijn geen minuten, maar uren per week.”

Maar om dan echt te stoppen? Het is een lastige vraag, misschien wel de lastigste voor een profvoetballer. Doe je het in stijl, is timing belangrijk? Stop je op je hoogtepunt of kwijn je weg? „Waarom zou je stoppen op je hoogtepunt? Als je er nog plezier in hebt moet je gewoon doorgaan”, zegt FC Twente-doelman Sander Boschker. Hij werd kampioen in 2010, mocht als derde keeper mee naar het WK in Zuid-Afrika en was toen al bijna veertig. Hij ging door.

Daarna werd hij reservedoelman. Maar wat geeft het? Boschker, 42 jaar, knoopt er nog een seizoen aan vast. Gisteren keepte hij zijn 562ste competitiewedstrijd, allemaal voor FC Twente. „Voor een keeper is het natuurlijk anders dan voor een voetballer. Mark zal het aan zijn lichaam merken dat hij 21 jaar lang bijna twee keer per week een wedstrijd heeft gespeeld. Dat geldt voor mij minder.”

Had Van Bommel eigenlijk nog plezier? Het is moeilijk voor te stellen in een seizoen bij PSV waar van alles misging. Hij had al voor zichzelf besloten te stoppen toen de smeekbedes van het PSV-publiek enkele weken geleden begonnen. Extra indrukwekkend, omdat de titel inmiddels vergooid was. „On-Nederlands”, noemt hij die persoonsverheerlijking. „Ze hebben het me heel moeilijk gemaakt.” Maar hij heeft naar zijn verstand geluisterd.

Opdat niemand vergeet wat voor grote speler hij nog steeds is, zegt hij nog: „Ik stop, ondanks aanbiedingen uit het buitenland.” Hij had „veel meer kunnen verdienen”, toen hij vorig jaar transfervrij bij AC Milan vertrok. Maar het werd PSV, in een seizoen waarin de Johan Cruijff-schaal gewonnen werd, de bekerfinale verloren ging, en plaatsing voor de voorronde van de Champions League een schrale troost is. „Niet veel spelers keren terug naar hun oude club, ik heb het gedaan. Het was het allemaal waard.”