De eurocrisis is voorbij, nu die van banken nog

ECB-president Draghi wil hypotheken van Europese banken kopen. Dat moet hen overhalen geld uit te lenen en de economie zo uit het slop te trekken.

Mario Draghi, de president van de Europese Centrale Bank (ECB), zegt nooit zomaar iets. Toen hij zaterdag opmerkte dat de ECB manieren onderzoekt om hypotheken van Europese banken te kopen, wist hij exact wat hij zei en waarom. Hij kwam net uit een bespreking met ministers van Financiën en centrale bankiers van zeven grote industrielanden (G7), vlakbij Londen. Zij hadden vastgesteld dat het slecht gaat met Europese banken.

Draghi zoekt manieren om daaraan snel iets te doen. Want de ergste fase van de eurocrisis is voorbij, zo klinkt het in Brussel, maar de bankencrisis is dat allerminst. De crisis begon in Europa in 2007 met de banken. Overheden moesten die banken overeind houden en staken zich in de schulden. Zo ontstond de eurocrisis. Intussen hebben beleggers gezien dat eurolanden ver gaan om de munt te beschermen. Sommigen hebben miljarden verloren met gokken dat Italië zou bezwijken. Nu laten zij de euro met rust. „De existentiële fase van de eurocrisis is voorbij,” zegt een Europese functionaris. „Nu komt het achterliggende probleem bloot te liggen: veel banken zijn niet goed schoongeveegd.” Ze hebben nog veel slechte leningen op hun boeken.

Dit breekt Europa op. Christine Lagarde van het IMF zei zaterdag tegen deze krant dat opkomende economieën, Zwitserland en de Verenigde Staten de bankencrisis voortvarender hebben aangepakt dan de EU, en daardoor beter groeien. Hier zitten banken nog vol rommel. Ze blijven overeind omdat staten financieel garant staan voor de banken. Zulke banken heten onder economen zombiebanken: niet dood, niet levend. Ze lenen weinig uit: niet aan elkaar, niet aan bedrijven of huishoudens. De economie krijgt zo geen zuurstof. Er zijn te veel faillissementen. Burgers geven weinig uit. De Europese economie is een vis op het droge. Weinigen betwisten de vaststelling van econoom Willem Buiter van Citigroup dat Europa „ontzombied” moet worden.

Waarom pakken nationale toezichthouders banken niet goed aan? Veel banken zijn grensoverschrijdend. Nationale toezichthouders schurken dicht tegen politici aan. Hun missie is niet de Europese economie gezond te maken door desnoods eigen banken op te doeken. Nee, hun missie is om die ‘nationale kampioenen’ overeind te houden. In een landschap vol pan-Europese banken trekken toezichthouders zich achter nationale schotten terug. Ze geven elkaar nauwelijks of valse informatie.

Veel beleggers mijden Europese banken nu, bankaandelen zijn in waarde gedaald. Dit is het laatste wat ze nu kunnen gebruiken. Een Europese bankunie kan dit oplossen: centraal toezicht en regels voor het voorkomen en afwikkelen van bankfaillissementen. De Duitse minister van Financiën Schäuble schrijft vandaag in de Financial Times dat hiervoor een verdragswijziging nodig is. Dat kan jaren duren.

Om banken sneller te helpen wil Draghi nu hypotheken opkopen. Niet zelf, want dat is volgens Schäuble „monetaire financiering”. Draghi onderzoekt of hier een rol is weggelegd voor de Europese Investeringsbank. Hoe hij het allemaal voor zich ziet, en of het helpt, weet niemand, maar misschien wint Europa weer wat tijd.