Zondags menu

Vroeger bestond het, zondags eten. Nu eigenlijk niet meer. Zondags eten was iets luxer en iets lekkerder. Maar soms maak je iets en dat is dan eigenlijk toch echt wel zondags eten. Het zit hem ook in de samenhang. Dus ik geef gewoon het hele menu. En raad iedereen aan er een zondags glas rode wijn bij te drinken. Ook door de week.

Longhaas moet meestal bij de slager besteld worden. Het heeft een langere draad dan biefstuk en is ietsje steviger, maar heeft ook veel smaak en beet. Het is ook te bestellen via internet, bijvoorbeeld bij OK vlees (OKvlees.nl).

Sauce choron is niets anders dan béarnaisesaus met een lepeltje tomatenpuree. Wie dat niet wil proberen, laat dat lepeltje weg, maar het is verrassend lekker en eens iets anders.

Onglet met sperziebonen en sauce choron (4 personen)

500 g longhaas/onglet

boter om in te bakken

750 g sperziebonen

voor de saus:

1 sjalotje

paar takjes dragon

4 el witte wijn

2 el witte wijnazijn

2 eierdooiers

150 g boter

1 el tomatenpuree

Braad de onglet aan alle kanten bruin, bestrooi hem aan alle kanten met peper en zout en laat hem ongeveer een kwartier braden en een kwartier rusten in aluminiumfolie voor een nog rood stukje vlees. Snijd hem na het rusten in echt dunne plakken en leg die op een voorverwarmde schaal.

Kook de sperziebonen en strooi er een klein beetje zout over.

Maak de saus: doe de fijngehakte sjalot met wat dragon, de wijn en de azijn in een pannetje en kook in tot ruim één eetlepel vocht. Laat het pannetje iets afkoelen. Doe de eierdooiers erbij en klop tot een homogene saus. Giet die door een zeef over in de mengbeker van de keukenmachine. Smelt de boter maar laat hem niet bruin worden. Zet de keukenmachine aan en giet de hete gesmolten boter in een dun straaltje bij het eimengsel. Voeg de tomatenpuree toe. Hak nog wat dragon fijn en roer die ook door de saus. Doe de saus in een voorverwarmde kom en zet hem meteen op tafel, of schenk hem in een voorverwarmde thermosfles tot de rest van het eten klaar is.

Rabarbertaart met sinaasappelbanketbakkersroom

Deeg:

250 g bloem

120 g boter

1 eierdooier

2 el water

snufje zout

Kneed de boter met het snufje zout in kleine vlokjes door de bloem. Voeg wat water toe en de eierdooier en vorm een samenhangende bal deeg.

Leg die tenminste een uur te rusten in de ijskast en haal hem tenminste een uur voor verdere verwerking er weer uit. Verwarm de oven op 180 graden. Vet een springvorm met een doorsnede van 25 cm in, bekleed die met het deeg. Zet de vorm 20 minuten in de vriezer.

Prik gaatjes in het deeg, bekleed het met bakpapier en verzwaar dat met bakknikkers of oude bonen.

Bak de bodem 15 minuten, verwijder de knikkers, bak nog drie minuten.

Maak in de tussentijd de banketbakkersroom.

6 eierdooiers

125 g suiker

40 g bloem

½ l melk

1 vanillestokje, overlangs gespleten

rasp van 1 sinaasappel

2 à 3 stelen rabarber

Verwarm de melk met het vanillestokje en de sinaasappelschil erin tot het kookpunt. Laat even trekken.

Klop de eierdooiers los met de bloem. Giet de melk al kloppend bij de dooiers, daarna gaat het geheel terug in de melkpan.

Breng het mengsel al roerend met een garde op half-hoog vuur aan de kook. Laat 5 minuten doorkoken, blijven roeren, en draai het vuur uit.

Was de rabarber, snijd de stelen in dunne stukjes en laat ze goed uitlekken. Verdeel de rabarber over de taartbodem en giet de banketbakkersroom eroverheen. Bak de taart nog 20 minuten.