Zelfs de duurzaamheidsgoeroe is niet veilig

De VBDO woont ruim 70 jaarvergaderingen bij om bedrijven te wijzen op hun maatschappelijke verantwoordelijkheid.

Als het aandeelhoudersvergaderingseizoen straks voorbij is, heeft de Vereniging Beleggers van Duurzaam Ondernemen (VBDO) er meer dan zeventig bijgewoond. En meer dan zeventig keer lastige vragen over duurzaamheid aan de raad van bestuur gesteld.

Hoe zit het met de arbeidsomstandigheden van de werknemers? Maakt een bedrijf gebruik van kinderarbeid in lagelonenlanden als China en India? Hoe duurzaam is het beloningsbeleid voor de top? Hoe transparant is een multinational over zijn belastingafdracht?

Met vage antwoorden laat de VBDO de bestuurders niet wegkomen. Mooie, maar weinig inhoudelijke kreten over maatschappelijk verantwoord ondernemen en de drie p’s – people, planet, profit (maatschappij, milieu en winstgevendheid) – worden doorgeprikt.

Investeerders kunnen twee weken voor de jaarvergadering voor een ‘duurzaam stemadvies’ terecht op de site van de VBDO. En de bedrijven kunnen zich alvast voorbereiden op de vragen die de beleggersvereniging gaat stellen: zij krijgen de vragen een week voor de aandeelhoudersvergadering alvast toegestuurd.

De Pharming Group, een Nederlands biotechbedrijf, is alvast gewaarschuwd: de VBDO zal woensdag tegen de decharge van het dagelijks bestuur en de raad van commissarissen stemmen, aangezien het bedrijf geen beleid heeft voor verantwoord ketenbeheer, terwijl dat „essentieel” is om „potentieel grove schendingen op sociaal en/of milieugebied te voorkomen”. Door decharge te verlenen keuren de aandeelhouders het doen en laten van het bestuur over het afgelopen jaar goed. Tegenstemmen is VBDO’s zwaarste middel om een bedrijf onder druk te zetten.

Behalve bij de Pharming Group is de VBDO aankomende woensdag present op de jaarlijkse aandeelhoudersvergadering van Unilever. Dat het Brits-Nederlandse voedingsmiddelenconcern een van de voorlopers is op duurzaamheidsgebied – en bestuursvoorzitter Paul Polman intussen een soort duurzaamheidsgoeroe – wil niet zeggen dat de VBDO haar interesse verliest.

Twee weken geleden werd Unilever voor de derde keer op rij uitgeroepen tot het ‘duurzaamste bedrijf ter wereld’, door 1.170 duurzaamheidsexperts die door het onderzoeksbureau GlobeScan zijn ondervraagd. Unilever is zo’n 2,5 jaar onderweg met zijn Sustainable Living Plan, waarin Polman drie doelen heeft vastgesteld. Het concern moet zijn omzet verdubbelen (van 40 tot 80 miljard euro) en tegelijkertijd de gevolgen voor het milieu halveren. Alle landbouwgrondstoffen die het gebruikt, moeten in 2020 duurzaam verbouwd zijn. Tegelijk wil Unilever 1 miljard mensen, voornamelijk in ontwikkelingslanden, helpen bij het „bevorderen van hun gezondheid en welzijn”.

Unilever laat zien dat een duurzame bedrijfsvoering niet ten koste hoeft te gaan van de financiële resultaten: vorig jaar groeide de omzet met 10,5 procent tot 51,3 miljard euro en steeg de winst met 7 procent tot 4,9 miljard euro.

Eind vorig jaar bleek ook uit het onderzoek Business Balance Score, uitgevoerd in opdracht van de VBDO, dat bedrijven met aandacht voor duurzaamheid beter scoorden op de AEX-index. De tien best scorende bedrijven (waaronder de topdrie: Unilever, voedings- en fijnchemiebedrijf DSM en chemieconcern AkzoNobel) behaalden in drie jaar tijd een gemiddelde stijging in koerswaarde van 46,2 procent.

Het verschil met de tien laagst scorende bedrijven (waaronder de drie slechtste: roestvrijstaalbedrijf Aperam, bodemonderzoek Fugro en navigatiebedrijf TomTom) is aanzienlijk: zij lieten in diezelfde periode een koerswaardestijging zien van 10,2 procent.