‘Ik heb alles bij elkaar 40.000 man ontslagen’

Maandag komt het CBS met nieuwe faillissementscijfers. Louis Deterink, een van ’s lands bekendste curatoren, voorziet dat de faillissementsgolf nog niet voorbij is en legt de schuld bij de banken. „Ze willen niet helpen.”

Curator Louis Deterink: „Ik maak geen onderscheid tussen de koffiejuffrouw of de hoogste man.” Foto Merlin Daleman

Het hield maar niet op. „Die obligatiehouders hadden er hun levenswerk van gemaakt”, zegt curator Louis Deterink (63). Negentien jaar na dato werd vorig jaar dan eindelijk het faillissement van vrachtwagenfabrikant DAF uit 1993 afgerond waar hij verantwoordelijk voor was. Obligatiehouders hadden in totaal 150 miljoen gulden aan DAF geleend en wilden niet accepteren dat de opbrengst van de activa van zo’n 800 miljoen gulden naar de banken ging en niet naar hen.

„Opeens werd thuis via de deurwaarder een exploit bezorgd”, zegt Deterink.De curatoren konden wel eens in privé aansprakelijk gesteld worden, zo zinspeelden de obligatiehouders. “Ik dacht: het begint wéér opnieuw. Nu is het genoeg.” Hij sloeg terug. Weg waren de potentiële claims toen de obligatiehouders zelf aansprakelijk werden gesteld voor de door curatoren en boedel te lijden schade.

Deterink staat bekend als een van ’s lands beste curatoren. Die reputatie bouwde hij de afgelopen decennia op door het afwikkelen van grote faillissementen en surseances zoals die van DAF, Fokker, UPC en LG Philips. Hij regelt doorstarts – recent nog bij de Limburgse champignonreus Prime Champ en de Gay Krant – maar moet ook vaak werknemers ontslaan. „Ik vrees dat ik alles bij elkaar opgeteld het Nederlandse naoorlogse ontslagrecord heb met circa 40.000 man.”

Drie jaar geleden voorspelde u in deze krant dat er massa’s bedrijven failliet zouden gaan. Hoe staan we er nu voor?

„De crisis is hardnekkig en duurt heel lang. Ik zie van dichtbij gebeuren dat de financiële weerbaarheid van bedrijven nu echt in de kritieke fase terechtkomt. Bij bedrijven die zich drie jaar lang staande hebben kunnen houden met kunst- en vliegwerk zie je langzamerhand een einde komen aan die weerbaarheid.”

Ziet het er in alle sectoren zo slecht uit?

„Industriebedrijven doen het vanwege de export relatief goed. Maar bedrijven die zijn aangewezen op de binnenlandse markt krijgen klappen door het alsmaar teruglopende consumentenvertrouwen. Voor de bouw en vastgoed was vorig jaar een gitzwart jaar. Retail – de winkels – komt nu aan de beurt, mede door dat consumentenvertrouwen en de opmars van webwinkels. In transport en logistiek zijn er steeds minder opdrachten en ook in de zakelijke dienstverlening zijn er steeds meer bedrijven die het moeilijk hebben.”

Heeft u ook iets positiefs te melden?

„Het gekke is dat ik wel een lichtpuntje zie in de bouw en het vastgoed, waar het eigenlijk een drama is. Het aantal faillissementen in de bouw lag vorig jaar weer 30 procent hoger dan in 2011. Maar door die sanering zijn er minder aanbieders en kunnen bouwbedrijven de marges weer verbeteren. In aanbestedingen schreven ze tot voor kort in onder de kostprijs, nu worden weer prijzen gevraagd waarmee ze break-even draaien. Er ligt een ommekeer voor de bouwers in het verschiet mits banken bouwers meer tijd gunnen. Een aantal zit aan het eind van die financiële weerbaarheid en banken moeten mee willen denken.”

Zij zijn daar niet toe bereid?

„Er zijn veel bouwbedrijven die gewoon winst maken en morgen toch failliet kunnen gaan omdat hun kasstromen vastzitten. Hier iets verderop staat een prachtig nieuw kantoorgebouw. Vroeger maakte de bouwer op zo’n gebouw 3, 4 miljoen winst. Het is nu op één verdieping na helemaal verhuurd, maar hij krijgt het niet verkocht. Daardoor kun je, ondanks dat je operationeel winst maakt, qua liquiditeit vastlopen. Banken willen niet helpen. Juist daar zit het probleem. Als ze nu niet snel hun mindset veranderen en creatiever omgaan met de oplossing van problemen, dan denk ik dat we nog een groot aantal faillissementen krijgen.”

Daar legt u heel wat neer bij de banken.

„Ja. Wij hebben constant te maken met de afdeling bijzonder beheer van de bank. Tot een paar jaar geleden probeerden die zelf in alle stilte met succes oplossingen voor bedrijven te bedenken. In 70 procent van de gevallen waren ze succesvol. Maar het aantal probleemfinancieringen nam zodanig toe dat ze jonkies van alle loketten op die afdeling hebben neergezet. Die hebben niet die ervaring en spreken niet de taal van die ondernemers.”

Banken hebben het toch ook zwaar?

„Ik snap best dat banken moeite hebben met afboekingen. Dat zien ze meteen op de balans en dan voldoen ze niet meer aan de kapitaaleisen van Basel III [strengere bankenregels uit 2010 vanwege de crisis, red.] Maar ga dan voor een standstill. Accepteer dat het bedrijf even geen aflossingen of minder rente hoeft te betalen en gun een onderneming anderhalf jaar om weer op adem te komen. Als zo’n onderneming een serieus plan heeft ben ik ervan overtuigd dat banken hun verliezen en dus kapitaalvernietiging kunnen beperken.”

Deterink pakt een uitgeprinte powerpoint erbij en begint te tellen: een, twee, drie... „ABN Amro, tien. SNS, elf. Fortis twaalf. Twaalf banken. Hou nou op met te zeggen dat de banken de wetenschap in pacht hebben want als er één sector is die het fout heeft gedaan de afgelopen jaren dan is het deze.”

Bij gebrek aan banken die bedrijven proberen te redden geeft Deterink hoog op over een nieuw fenomeen: de stille bewindvoerder. Waar een curator door de rechter wordt benoemd na het faillissement om zo veel mogelijk geld terug naar de schuldeisers te krijgen, wordt de stille bewindvoerder in de fase daarvoor aangewezen om te proberen kapitaalvernietiging te voorkomen en toezicht te houden op de voorbereiding van een doorstart.

Onlangs kreeg hij van de rechtbank de taak te kijken of een faillissement bij champignonproducent Prime Champ voorkomen kon worden. Het bedrijf werd overgenomen door het Ierse Monaghan. Volgens Deterink was die doorstart niet gelukt als ze plotsklaps failliet waren gegaan. „Als je een dag niet levert ben je je klanten kwijt.” Zelf had hij in alle stilte drie weken nodig om de Ieren ja te laten zeggen; 650 werknemers behielden hun baan.

Zijn er veel stille bewindvoerders aan het werk?

„Het wordt nog sporadisch ingezet, maar ik denk dat stille bewindvoering snel aan populariteit zal winnen. In 2011 deed ik het voor het eerst bij een kleine pizzabakker. Op dit moment heeft het helemaal geen wettelijke basis. Het is niet in strijd met de wet, maar het is ook niet geregeld in de wet.”

Wat doet u als grote curator nou bij een pizzabakker?

„Wat doe ik bij de Gay Krant? Als je de grote zaken wilt doen, kun je de kleine niet weigeren. Zo werkt het niet. Alleen met de ene zaak heb je veel meer dan met de andere. Ik had met Fokker, DAF en LG Philips veel meer affiniteit dan met UPC en Versatel. Die communicatiewereld vond ik een harde, zakelijke wereld. Industrie is veel warmer. Daar heb je veel meer met mensen te doen. Ik heb nooit onderscheid gemaakt tussen de koffiejuffrouw of de hoogste man. Op de politiebescherming na die ik bij het faillissement van DAF België thuis nodig had, heb ik altijd een goede relatie gehad met vakbonden en de werknemers. Dat voelt men. Bij Fokker, bij DAF en ook bij Prime Champ. Je moet zelf pijn voelen als je dat ontslag verleent – en anders moet je stoppen.”

Hoe manifesteert die pijn zich?

„Door na afloop stuk te zitten. Zo zag ik bij Fokker een grootvader, zoon en kleinzoon huilend in een hoek staan. Dan trek ik me na afloop helemaal terug, dan zit ik stuk en valt er ook wel eens een traan.”

Met uw aangifte van faillissementsfraude tegen zakenman Joep van den Nieuwenhuyzen staat u aan de basis van de grote strafzaak tegen hem die nu bezig is. Hij trof met u een schikking maar u trok de aangifte nooit in.

„Nee, dat heb ik geweigerd. Hij had in het verleden alles nog gewonnen tegen het OM. Ik denk: dat laat ik niet gebeuren; dus ik ben er heel diep ingedoken en won alle procedures bij de rechtbank Den Bosch en Rotterdam. Uiteindelijk heeft hij 7 miljoen privégeld betaald. Toen wilde hij intrekking van de aangifte, maar dat gaan we niet doen. Daar was hij not amused over. Maar goed, hij zei ook dat het frauderapport van Deterink onmiddellijk in de prullenbak kon.”

U grijpt hard in bij bedrijven en heeft duizenden mensen ontslagen. Wat is daar leuk aan?

„Het geeft een kick als je slaagt in de herstructurering van bedrijven. Ik weet nog dat een bewaker bij de DAF-poort begon te janken om een uur of vijf ’s ochtends. ‘Meneer Deterink, weet u wel wat het betekent voor mij als DAF niet doorgaat, ik heb twee kinderen en kan ze door heel zuinig leven laten studeren, maar straks is het over en uit.’ Als je er dan wel in slaagt om veel mensen opnieuw aan de bak te krijgen dan geeft dat een kick, ook al moet je een deel teleurstellen.

Ik ben 63 en ga fluitend naar mijn werk. Het grootste faillissement ter wereld nu is Lehman Brothers en dat wordt geleid door curator Miller van 78 jaar. Ik wil niet zeggen dat ik doorga tot die leeftijd, maar het zal nog wel een aantal jaren zijn. Maar zodra ik geen pijn meer voel als ik iemand moet ontslaan, of zodra ik niet meer fluitend naar mijn werk ga, stop ik ermee.”