Dans Theater: toekomst zonder Kylián

Het Nederlands Dans Theater moet bewijzen dat het ook kan scoren zonder werk van Jirí Kylián. Zijn werk wordt nu ‘in de ban’ gedaan.

Het Nederlands Dans Theater met een choreografie van Jirí Kylián: Psalmensymfonie. Foto Joris Jan Bos

Kan het Nederlands Dans Theater zonder Jirí Kylián? Dat is, bijna vijftien jaar na diens vertrek als artistiek directeur, nog altijd de vraag. Zeker internationaal wordt het Haagse gezelschap nog altijd vereenzelvigd met het werk van de Nederlandse Tsjech. In het buitenland staat NDT bekend als The Kylián Company.

Des te opmerkelijker dus het besluit van het gezelschap om, zoals donderdag bekend werd, vanaf september 2014 drie jaar lang helemaal geen balletten van Jirí Kylián (Praag, 1947) meer uit te voeren. Een begrijpelijke stap, maar niet zonder risico.

Al sinds Kylián in 1999 terugtrad als artistiek directeur is NDT op zoek naar een nieuwe koers. De opvolgers van de man die NDT vanaf de jaren zeventig opnieuw wereldfaam bezorgde, worstelden met de vraag of NDT weer een innovatieve ‘rebellenclub’ zou moeten worden, zoals NDT in de jaren zestig was, of een repertoiregezelschap – het is moeilijk, en discutabel, een kwalitatief hoogstaand repertoire zomaar los te laten.

Paul Lightfoot, de huidige artistiek directeur en net als Kylián choreograaf, knipt de artistieke navelstreng wel door, om zo ruimte te creëren voor een nieuwe artistieke visie.

Die visie wordt al jaren node gemist. Veelzeggend is de manier waarop Pierre Audi in zijn State of the Theatre-lezing van 2009 NDT terzijde schoof met de opmerking dat het dertig jaar geleden een opwindend gezelschap was, maar tegenwoordig leeggebloed. NDT moet dus weer opwindend en onderscheidend worden, in een internationaal dansveld vol groepen die zijn gemodelleerd naar voorbeeld van Kyliáns NDT, met een juniorengezelschap en een NDT-achtig repertoire.

In die zin lag het voor de hand Kylián, althans voorlopig, ‘in de ban te doen’. Het besluit daartoe hing al langer in de lucht en is mede op aandringen van Kylián genomen. In de lokale weekkrant Den Haag Centraal wordt echter beweerd dat diens wens ‘zich van NDT terug te trekken’, zoals het persbericht van NDT stelt, zou voortkomen uit onvrede met de artistieke koers en de manier waarop zijn werk wordt geconserveerd. Er wordt enigszins rellerig gerept van een breuk, spanningen en Kylián die ‘bij voorstellingen in het Danstheater via de achteruitgang naar binnen en naar buiten sneakt’.

In een officieel statement veroordeelt Kylián de negatieve toon van het artikel en schrijft hij: „Zeker nu, midden in een wereldwijde economische en financiële crisis, kan een internationaal gerespecteerd gezelschap met de statuur van NDT zich niet veroorloven oud repertoire te recyclen. Het heeft zijn financiële middelen hard nodig om nieuwe werken te creëren die het gezelschap vooruit brengen, de toekomst in.”

In 2009 al liet hij zich in deze krant in die trant uit: „Ze [het Nederlands Dans Theater, red.] hebben verandering nodig. En mocht de nieuwe directeur besluiten geen Kylián meer te doen, dan zou ik dat volkomen acceptabel vinden.”

Er schuilt wel gevaar in dit voorlopige afscheid van het Kylián-repertoire. Zijn werk is nog altijd een factor op het gebied van publieksbereik en dus des te belangrijker voor NDT.

Het gezelschap kampt bovendien met dalende bezoekcijfers, niet alleen in de provincie, waar de zaalbezetting soms dramatisch laag is, rond 30 procent, maar ook in standplaats Den Haag – donderdag waren bij de première van het nieuwe, experimentele werk van Lightfoot en Sol León zelfs in de alternatieve, verkleinde zaalopstelling niet alle stoelen gevuld. De trouwste publieksgroep vergrijst, en juist die groep is gehecht aan de balletten van Kylián.

Een nog scherpere daling van de publieksaantallen is bij het wegvallen van Kylián als publiekstrekker dus niet denkbeeldig. Ook lucratieve uitnodigingen uit het buitenland zouden kunnen afnemen. Een anoniem NDT-personeelslid in Den Haag Centraal: „Straks moeten we op festivals gaan staan om geld te verdienen.” Dat laatste vertolkt precies de ingesleten zelfgenoegzaamheid bij NDT die Lightfoot wil uitbannen, zo viel gisteren te lezen in het interview met hem in het Cultureel Supplement van deze krant.

Aan Lightfoot nu de niet geringe uitdaging rond 2017 én een nieuwe, overtuigende, innovatieve identiteit te hebben, én die op een effectieve manier wereldkundig te maken, zodat NDT zonder verwarring te scheppen ook weer eens de oude familiejuwelen kan laten schitteren.