Column

Rutger op werkbezoek

Een prettig neveneffect van de recente troonswisseling is de inspiratie die satirici uit de meer absurde aspecten weten te putten. Sommigen stijgen dezer dagen tot grote hoogte.

Ik bedoel dan niet Koefnoen (AVRO) dat in de week vooraf beneden zijn eigen kunnen bleef met een flauwe special. De op televisie debuterende dagelijkse rubriek Panache (VARA, eerder alleen op internet) kreeg er wel vleugels door en kan zich nu bijna meten met het grote voorbeeld, Jon Stewarts The Daily Show. Inmiddels richt Jan Jaap van der Wal zijn pijlen op andere ongerijmdheden op televisie. Vlijmscherp analyseert Van der Wal de stand-uppers op Curaçao van Gerri Eickhof (NOS Journaal) die ons uitlegt dat student en bedrijfseconoom geen beroepen zijn die je van een moordenaar verwacht. Ook de spreekbeurten van jonge Kamerleden bij Pauw & Witteman (VARA) over hun inspiratie worden terecht aan flarden gescheurd.

Grootmeester van de koningssatire was Sander van de Pavert in De wereld draait door (VARA). Door in Lucky TV koning Willem-Alexander een plat Haags accent te geven en koningin Máxima een hinnikende lach, legde hij feilloos bloot dat het koketteren met volkse voorkeuren van het paar mogelijk authentiek is, maar desondanks niet minder potsierlijk.

Het meest idiote van dat Koningslied was ook niet de pompeuze muziek of de halfbakken tekst, maar de beeldtaal van de bijbehorende videoclip. Blank en bruin, die recht in de camera staren en drie vingers voor Willem in de lucht steken, ook in het buitenland kregen de cabaretiers van dienst maar geen genoeg van dit multiculturalisme anno 1982. Die boodschap moest er ingeramd worden, in naam der sociale cohesie. De controverse was dan ook geen strijd tussen elite en volk, maar tussen een deel van de elite dat tot alles bereid is om het volk naar de mond te praten en een deel dat daar pisnijdig van wordt.

Die tegenstelling is aan niemand beter besteed dan Rutger Castricum van PowNews. Het is een tijd geleden dat ik zo om hem moest lachen als deze week. In een alternatieve provincietour trekt hij langs Philippine, Reusel en Musselkanaal („een godsgruwelijk gezellig dorp”) en vraagt aan passanten of ze het erg vinden dat de koning niet bij hen langskomt. Het dedain van de Randstedeling voor de provincie is pijnlijk, maar niet wezenlijk anders dan in Man bijt hond (NCRV). En als Rutger zijn gesprekspartners vraagt om drie vingers in de lucht te steken en recht in de camera te kijken, dan is dat heel grappig én tragisch.