Heeft Weekers gelijk dat u spaardrift heeft?

Pal achter de dreiging van terreuraanslagen staat de angst voor spaarzaamheid bovenaan de politiek-economische veiligheidsagenda. Waarom? U spaart te veel. Met uw spaardrift frustreert u de groene waas van herstel, die minister-president Mark Rutte (VVD) heeft waargenomen.

Dat moet anders, vindt het kabinet. Bij de Tweede Kamer ligt een wetsontwerp voor versobering van het collectieve pensioensparen. Van alle werknemers heeft 90 procent een collectief pensioen bij zijn werkgever. Nederlanders hebben relatief hoge hypotheekschulden, schrijft staatssecretaris Frans Weekers (Financiën, VVD) in de toelichting op het wetsontwerp. „Daar staan ook hoge besparingen tegenover, waarvan het merendeel uit verplichte collectieve besparingen voor het pensioen bestaat.”

Het kabinet vindt dat u jaarlijks minder hoeft te sparen voor collectief pensioen, omdat u meer jaren werkt. Verder heeft de rijksbegroting baat bij versobering. Ten slotte wil het kabinet de werkgevers en vakbonden stimuleren, en zo nodig dwingen om het geld dat vrij valt door soberder pensioensparen te gebruiken voor lagere pensioenpremies. Lagere premies betekenen: meer koopkracht. Meer koopkracht betekent: meer kans op Ruttes groene waas van herstel.

Maar klopt Weekers’ vooronderstelling?

Overdrijft u met dat sparen en spaart u vooral via de verplichte collectieve pensioenregelingen?

Sparen was ooit: het geld dat over was na consumptie. Dat is de ‘oude’ zwart-wit economie. We zitten al in de volgende fase van het kapitalisme: consumenten kunnen geld uitgeven, sparen én hun vermogen (huis, hypotheek, pensioen, beleggingen) beheren. Dat is de 3D-economie.

De cijfers van het Centraal Planbureau zeggen dat we samen meer geld uitgeven dan we aan inkomen (loon, pensioen, uitkeringen) verdienen, maar dat we óók nog geld op spaarrekeningen zetten. Kennelijk financieren we dat gedrag uit rendement op ons vermogen of door meer schulden te maken. De geleerden zijn er nog niet uit, deskundigen reppen van de spaarparadox. Maar ondertussen zijn twee dingen zeker: als u iemand hoort zeggen dat de consument de hand op de knip houdt, weet u dat het niet klopt. En dat hij/zij deze rubriek niet leest.

De tweede feitentest is de vraag of de verplichte pensioenbesparingen inderdaad de bulk uitmaken van uw vermaledijde hoge besparingen? Het kabinet wil u bevrijden van dwangsparen. De ruwe cijfers over pensioenpremies in 2012 op de website van De Nederlandsche Bank wijzen erop dat werknemers vorig jaar ruim 10 miljard euro pensioenpremies betaalden. Maar uit de spaarcijfers op diezelfde website blijkt dat Nederlanders voor een bedrag van 12,5 miljard euro op spaarrekeningen hebben gezet. In 2011 was het niet anders. Het werknemersaandeel in de pensioenpremies was 9,6 miljard euro, het bedrag dat Nederlanders op spaarrekeningen zetten was 11,6 miljard euro.

Conclusie: Nederlanders geven meer uit dan zij aan inkomen krijgen (net als de overheid) én zij sparen (in tegenstelling tot de overheid) vrijwillig nog grotere bedragen dan verplicht is voor de pensioenen. Geef Nederlanders meer financiële ruimte door hun pensioenen te versoberen en zij sparen nog meer.

De redacteuren Maarten Schinkel en Menno Tamminga schrijven in deze wisselcolumn over economische ontwikkelingen.