De overheid komt elke dag 67 miljoen euro tekort

In zijn Financiële Jaarverslag van het Rijk blikt minister Jeroen Dijsselbloem terug op het tegenvallende jaar 2012. Voer voor de komende Verantwoordingsdag.

Aan het eind van elke dag komt de Nederlandse staat 67 miljoen euro te kort. Naast dat bedrag torst elke inwoner ook nog een stevige overheidsschuld met zich mee. Iedereen, van baby tot hoogbejaarde, staat van overheidswege voor 26.000 euro in het krijt.

Het ministerie van Financiën brengt de miljardenproblemen graag terug tot de menselijke maat om de ernst van de crisis aan te geven. Want een begrotingstekort van 4,1 procent, dat woensdag bij het verschijnen van het Financiële Jaarverslag van het Rijk definitief werd, leidt wellicht eerder tot schouderophalen. En wat zegt een mens een staatsschuld van 428 miljard euro?

Ter gelegenheid van Verantwoordingsdag – de derde woensdag in mei – kwamen afgelopen woensdag alle ministeries met een jaarverslag met daarin hun financiële verantwoording over 2012. Volgende week woensdag komt de Rekenkamer met zijn analyse en dit vormt dan de basis voor een debat in de Tweede Kamer dat donderdag zal plaatsvinden.

„We blijven stapjes in de goede richting zetten”, zei minister Dijsselbloem (Financiën, PvdA) na afloop van de ministerraad over de eindafrekening. „Maar de resultaten sluiten nog niet aan bij de ambities die we hadden.” In vergelijking met voorgaande jaren loopt het tekort inderdaad terug, maar met de staatsschuld is dat niet het geval: die kwam voor 2012 uit op 71,2 procent van de omvang van de economie. Dat was een jaar eerder 65,5 procent.

Het Jaarverslag van het Rijk laat nog eens zien waarom het overheidstekort het afgelopen jaar hoger uitviel dan verwacht. Aanvankelijk ging Financiën uit van een tekort van 2,9 procent, maar het werd 1,2 procentpunt meer. Belangrijkste oorzaak zijn de tegenvallende belastinginkomsten. Die lagen maar liefst 11,4 miljard lager dan bij Prinsjesdag in 2011 nog werd gedacht.

En die lage belastingen hebben alles te maken met de tegenvallende groei. Het afgelopen jaar was niet alleen „een politiek dynamisch jaar”, zoals Dijsselbloem het uitdrukte. Na een kabinetscrisis in april, kreeg het huidige kabinet pas in de laatste twee maanden van 2012 de touwtjes in handen. 2012 was ook in economisch opzicht een zwaar jaar: in de tweede helft belandde het land weer in een recessie, vooral als gevolg van lagere exportgroei, lager besteedbaar inkomen en dalende huizenprijzen. In plaats van een verwachte groei van 0,75 procent, was er een krimp van bijna 1 procent. En dat zorgt voor lagere belastingopbrengsten. Er werd minder verdiend (loonbelasting 2,9 miljard lager), er werd minder winst gemaakt (vennootschapsbelasting - 2,5 miljard) en er werd minder verkocht (omzetbelasting - 2,3 miljard).

Aan de kant van de uitgaven waren er geen tegenvallers. Sterker nog, de ministeries gaven zelfs bijna 3 miljard minder uit dan voorzien. Zo vielen de afdrachten aan de Europese Unie (0,9 miljard) mee en ook de verlengde nullijn voor ambtenaren (0,8 miljard) leidde tot minder uitgaven.

Maar desondanks geeft de staat jaarlijks 24 miljard meer uit dan er binnenkomt. „We stimuleren met de overheidsuitgaven dus nog steeds de economie”, zei Dijsselbloem. Daarmee wilde hij het verwijt voor zijn dat overheidsbezuinigingen – in de praktijk veelal lastenverzwaringen – de economie ‘kapot’ maken.