Wie is er beter, Wiggins of Froome?

Bradley Wiggins verloor 17 tellen in de vierde rit van de Giro, gewonnen door Enrico Battaglin. Is de Britse Tourwinnaar wel zo goed als vorig jaar?

Tien kilometer voor het einde van de langste etappe van de Ronde van Italië keek topfavoriet Bradley Wiggins gisteren zelfverzekerd om zich heen. Vooraan in de eerste groep, bijna boven op de laatste klim, de Croce Ferrata. Laat routinier Danilo Di Luca gerust demarreren voor de ritwinst, zoals Luca Paolini een dag eerder al rit en roze leiderstrui was gegund. Zelf ging de kopman van de geoliede Sky-machine rustig de kleine voorsprong consolideren, die hij zondag in de gewonnen ploegentijdrit pakte.

Totdat de eerste Britse Tourwinnaar in de laatste kilometers achter een onbenullig valpartijtje zat en ineens op achterstand raakte. Zeventien tellen bedroeg het verschil met ritwinnaar Enrico Battaglin op de streep in Serra San Bruso, de zuidelijkste plaats in deze Giro. „De roze trui wordt pas gewonnen tijdens de bergetappe en de tijdritten”, plaatste Sky-manager David Brailsford het verlies direct in perspectief. Maar toch. Na de eerste dagen in de Giro loopt lang niet alles precies volgens planning voor de sterkste rondeploeg van het peloton.

Wiggins (33) is vedette tegen wil en dank. Een grappige imitatie van een collega-renner, soms een gepeperde uitspraak, maar dan het liefst zo snel mogelijk terug in de betrekkelijke anonimiteit. Als meervoudig olympisch en wereldkampioen op de baan kwam hij er nog wel mee weg. Na zijn Tourzege van vorig jaar, gevolgd door olympisch goud op de tijdrit in Londen, is het met de rust gedaan. Elke tweet is wereldnieuws, een val op training tijdens de winter bracht Groot-Brittannië in rep en roer. En vanaf het moment dat zijn deelname aan de Giro bekend werd, is hij en niemand anders blikvanger.

Wiggins kopman voor de Giro, Christopher Froome voor de Tour de France. Zo leek manager Brailsford, Sir Brailsford na de successen van vorig jaar, zijn beide toprenners tevreden te stellen. Wiggins leek het eens met de keuze, die Froome de ruimte gaf om dit jaar te bewijzen wat hij in de afgelopen Tour soms al liet zien: dat hij bergop eigenlijk de sterkste is van de twee. Zelf leek de Giro hem wel een mooie uitdaging, verkondigde Wiggins, de ronde waar hij als geboren tijdrijder in 2009 had ontdekt dat hij ook best goed kon klimmen.

Alles duidelijk, totdat Wiggins vlak voor de start van de Giro in Napels een interview gaf aan The Times. „Als de Giro afgelopen is, richt ik me direct op de Tour.” Als kopman. En de verhouding met Froome was al verstoord, sinds zijn ploeggenoot hem in de Tour bergop had gekleineerd. „Doet Chris nog mee in de Vuelta”, vroeg Wiggins later dat jaar pesterig aan een aantal journalisten, toen zijn teammaat minder goed presteerde in de Spaanse ronde.

Dit seizoen maakt Froome tot nu toe meer indruk dan Wiggins. Hij won onlangs de Ronde van Romandië. Wiggins reed als voorbereiding een behoorlijke Ronde van Trentino, maar viel vooral op toen hij boos zijn kapotte fiets tegen een rots gooide. Bijna zoals Bjarne Riis in de Tour van 1997 zijn peperdure Pinarello in het weiland smeet. Stress?

Gisteren domineerde Sky, tegenvallend in de klassiekers, ouderwets op de slotklim. Maar ook de ploegen van Astana (Vincenzo Nibali), Garmin (Ryder Hesjedal) en Blanco (Robert Gesink) ogen sterk. Na twee vlakke ritten en vrijdag de heuvels van de Abruzzen volgt zaterdag de eerste test voor Wiggins: een tijdrit van ruim 55 kilometer naar Saltara.