Gemeenten geven meer uit aan hulp dan ze vergoed krijgen van het Rijk

De meeste gemeenten geven meer geld uit aan de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) dan ze van het Rijk binnenkrijgen. In 2010 gold dit voor bijna 70 procent van de gemeenten, zo blijkt uit een vandaag verschenen rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau.

En dat percentage neemt sindsdien toe, zegt senior beleidsmedewerker Linda Hazenkamp van de Vereniging Nederlandse Gemeenten. „Bijna alle gemeenten vragen sinds een jaar of twee een eigen bijdrage aan burgers die een beroep doen op de Wmo. Daaruit blijkt dat gemeenten manieren zoeken om de oplopende zorgkosten in te dammen.” De eigen bijdrage is inkomensafhankelijk en bedraagt minimaal 20 euro per maand.

Gehandicapten, ouderen en andere hulpbehoevende mensen kunnen sinds 2007 bij de gemeente een beroep doen op de Wmo. De wet verplicht gemeenten hen te helpen zich binnen- en buitenshuis te redden, bijvoorbeeld met een traplift, een scootmobiel of huishoudelijke hulp. „De plicht burgers te helpen staat centraal in de Wmo”, zegt Hazenkamp. Die plicht leidt ertoe dat overschrijdingen van het budget zo veel voorkomen: gemeenten moeten hulpbehoevenden nu eenmaal ‘maatschappelijk ondersteunen’.

De kosten zullen hoogstwaarschijnlijk niet afnemen, want de Wmo dijt uit. Taken uit de Algemene wet bijzondere ziektekosten verkassen de komende jaren naar de Wmo. Dat gaat dan bijvoorbeeld om hulp bij het aan- en uitkleden. Gemeenten moeten die zorgtaken voor minder geld uitvoeren. Zo sneuvelt voor huishoudelijke hulp vanaf 2015 40 procent van het budget: een bezuiniging van ongeveer 600 miljoen euro.

De vraag is wat dit betekent voor burgers. Een versobering van de Wmo ligt voor de hand: gemeenten hebben weliswaar niet de vrijheid een hulpvraag te negeren, maar ze mogen wel bepalen hoe ze de hulp leveren, zegt Hazenkamp. Uit het vandaag gepubliceerde SCP-onderzoek blijkt dat die versobering al in 2010 gaande was. Vier op de tien gemeenten werden toen al strenger bij het toekennen van hulp. Het is een voorbode voor wat kwetsbare burgers de komende jaren kunnen verwachten: niet langer een eigen scootmobiel, maar een ‘scootmobielpool’ – een uitleendepot in het verzorgingstehuis. Niet langer een eigen huishoudelijke hulp, maar een tegenvraag van de Wmo-ambtenaar: kunt u echt niet terecht bij een mantelzorger?