Allemans-saus

GFW20 paprika

Volgens de kalender is het natuurlijk alláng lente. Helaas merkten we daar niet veel van. Tot deze week. Sensationeel vind ik het, iedere keer weer, om de natuur zo te zien exploderen. Reeds lang doodgewaande struiken komen plots weer tot leven in een waas van lichtgroene blaadjes en links en rechts knallen de vergeet-mij-nieten de grond uit. Dat moet gevierd. Vandaag daarom een recept voor Romesco-saus. Een gerecht dat in de Spaanse regio Catalonië traditiegetrouw wordt geserveerd bij geroosterde calçots – een soort uit de kluiten gewassen lente-uitjes – om het voorjaar feestelijk in te luiden

Romesco dient eigenlijk te worden gemaakt met nyora-paprika’s, maar die liggen hier niet in de winkels. Geen nood, met Hollandse rode paprika’s lukt het ook. Zorg wel dat je een stel rijpe te pakken hebt, niet van die bleek-oranje knoepers, want die smaken naar niks.

Snijd de paprika’s in vieren, haal de zaadlijsten eruit en leg ze met het vel naar boven in een bakblik.

Snijd de tomaten doormidden, snijd het kroontje weg en leg deze met de snijkant naar beneden in het blik. Leg er ook twee flinke, ongeschilde knoflooktenen naast. Begiet alles met wat olijfolie, strooi er zout en peper over en zet een half uur in de oven, op 180 graden.

Rooster de noten in een droge koekenpan tot ze geuren en kleuren.

Begiet de sneetjes oud stokbrood met olijfolie en bak deze ook in de koekenpan, aan beide zijden, tot ze mooie bruine randjes hebben. Doe de noten in de keukenmachine en maal ze goed fijn. Doe dan het brood erbij en vermaal tot kruimels.

Haal het bakblik uit de oven en laat alles enigszins afkoelen. Pulk de velletjes van de tomaten en indien gewenst van de paprika’s. Ik laat ze er altijd aan zitten, maar sommige mensen schijnen daar maagpijn van te krijgen.

Duw de knoflooktenen uit hun schillen en doe ze dan met de paprika’s, de tomaten en het vocht dat achtergebleven is in het bakblik, in de keukenmachine.

Voeg een flinke scheut goeie olijfolie toe en maal alles tot een mooie saus. Breng deze op smaak met zout, versgemalen peper, een eetlepel azijn, wat citroensap, wat chilivlokken of een fijngehakt half pepertje en een afgestreken theelepel pimentón (gerookt paprikapoeder). Ik gebruikte de zachte (dulce) versie, maar kan me voorstellen dat de pikante variant ook goed werkt.

Romesco-saus is een allemansvriend. Hij smaakt heerlijk bij gegrilde groente, vlees en vis, couscous of geroosterde aardappeltjes. En is ook erg lekker op een broodje. Waarover volgende week meer.