Witwasserij in Europa

Deze rubriek belicht elke dinsdag kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich onlangs uitsprak. Vandaag: bankentoezicht.

A flag flies above the headquarters of Jyske Bank A/S, Denmark's second-biggest listed bank, in Copenhagen, Denmark, on Friday, April 20, 2012. Denmark's biggest banks are firing Moody's Investors Service as they win assurances from some of the country's biggest investors that the opinions of ratings companies hold limited value. Photographer: Ulrik Jantzen/Bloomberg Bloomberg

De vorming van de Europese bankenunie met bijbehorend Europees bankentoezicht mag dan door grote onenigheid tussen de EU-regeringen op zich laten wachten, de strijders tegen het witwassen van geld hebben er dankzij het Europees Hof van Justitie wel een wapen bij.

Het Hof bepaalde eind vorige maand dat nationale banktoezichthouders in de Europese Unie recht hebben op informatie over verdachte klanten van banken die niet op hun grondgebied zijn gevestigd, maar daar wel financiële diensten verlenen vanuit een ander EU-land (www.curia.europa.eu: zaak C-212/11).

Europees bankentoezicht ligt politiek gevoelig, omdat het raakt aan de nationale autonomie. Door de onenigheid stagneert niet alleen de gezondmaking van Europese banken, maar ook de strijd tegen belastingontduiking en -ontwijking via belastingparadijzen op Europees grondgebied, zoals Grieks-Cyprus, Jersey, Monaco en San Marino.

Daaronder ook Gibraltar, de door Spanje betwiste Britse enclave op het zuidelijkste puntje van het Iberisch schiereiland. De Spaanse banktoezichthouder had informatie opgeëist over klanten van de Jyske Bank Gibraltar, een in Gibraltar gevestigde dochteronderneming van de Deense NS Jyske Bank. Aanleiding was dat namen van tussenpersonen van Jyske Bank Gibraltar waren opgedoken in talrijke vastgoedtransacties aan de Spaanse Costa del Sol die mogelijk verband hielden met het witwassen van geld.

Jyske Bank Gibraltar weigerde de informatie te geven. Als de Spaanse toezichthouder inlichtingen wenste over activiteiten van haar klanten in Spanje dan moest hij zich maar tot de speciale (Britse) toezichthouder van Gibraltar wenden, vond de Jyske Bank.

Spanje pikte dat niet en legde de Jyske Bank Gibraltar een boete van 1,7 miljoen euro op wegens het plegen van „een zeer zware inbreuk” op de Europese verplichting tot melding van verdachte transacties. De Jyske Bank ging daartegen in beroep bij het Spaanse Tribunal Supremo. Dat legde de zaak voor een bindende uitleg van de Europese regels voor aan het Europees Hof van Justitie.

Kernvraag is: moet een bank informatie, die nodig is voor een effectieve bestrijding van witwasserij, verstrekken aan de toezichthouder van het EU-land waarin zij is gevestigd, of (ook) aan de toezichthouder van het EU-land waarin zij actief is?

Het arrest van het Hof leest als een schrobbering van het politieke getreuzel. Vanzelfsprekend moet een bank in de EU verdachte transacties melden aan de toezichthouder in het land van vestiging. Dat zou ook genoeg moeten zijn, omdat de nationale toezichthouders immers zijn verplicht tot „coördinatie en samenwerking”.

Maar die verplichting is volgens het Hof nogal vrijblijvend geregeld. De bestaande richtlijn voorziet in niet meer dan „een minimale harmonisatie”. Bovendien: „dit mechanisme van samenwerking vertoont leemtes”, waardoor witwassers zich, ook in Europa, gemakkelijk kunnen schuilhouden.

Zo zijn er belangrijke uitzonderingen op het verstrekken van verlangde gegevens, is er geen termijn waarbinnen ze verstrekt moeten worden en bestaat er geen sanctie als opgevraagde inlichtingen ten onrechte niet worden gegeven.

Gelet op deze gatenkaas acht het Hof het alleszins billijk dat de nationale banktoezichthouder desgewenst ook rechtstreeks informatie kan opeisen bij banken die weliswaar niet op zijn grondgebied zijn gevestigd, maar daar wel opereren. En dat hij bij een weigering ook straf kan opleggen. Zulks allemaal voor „een doeltreffend mechanisme ter verzekering van een volledige samenwerking” tussen de nationale toezichthouders.

Tips? Mail naar ecorecht@nrc.nl.